Nieuwbouw van Grolsch is 'gekkenwerk'

Hoe lang kan bierbrouwer Grolsch nog zelfstandig blijven? Volgens voorzitter Thijs van Interbrew heeft Grolsch “een betere toekomst” bij zijn concern.

ROTTERDAM, 31 AUG. “De bierindustrie loopt twintig jaar achter op de voedingsindustrie.” Bestuursvoorzitter Johnny Thijs van het Belgische Interbrew wond er dit voorjaar in deze krant geen doekjes om. De fusie- en overnamegolf onder bierbrouwers was net begonnen. En Interbrew was 'zeker en vast' van plan daarin een rol te spelen. Interbrew is al een grote partij in Nederland met onder meer de merken Oranjeboom en Dommelsch en een marktaandeel van 15 procent. Het mooie merk Grolsch past uitstekend in de portefeuille van Interbrew, vertelde Thijs. “Hebben wij Grolsch nodig om verder te kunnen groeien in Nederland? Nee. Zouden we het willen hebben? Ja.”

Dit weekeinde werd bekend dat de maandenlange, tamelijk vrijblijvende gesprekken tussen Grolsch en Interbrew hebben geleid tot een concreet bod van Interbrew. Een bod van 70 gulden per aandeel, schreef het Financieele Dagblad afgelopen zaterdag op basis van twee anonieme bronnen. Dat zou 50 procent boven de slotkoers van afgelopen vrijdag (46,50 gulden) liggen.

Interbrew hoort bij de grote jongens. Met een omzet van 5 miljard gulden per jaar passen de Belgen in het rijtje Anheuser-Busch, Heineken, Miller en South-African Breweries. Het Belgische familiebedrijf heeft een agressieve groeistrategie en expandeert in hoog tempo in Centraal- en Oost-Europa en in China en Zuid-Korea.

Elke grote internationale brouwer die een positie in de Nederlandse markt wil veroveren treft in Grolsch een hapklare blok: geschoond van (niet succesvolle) buitenlandse deelnemingen en tegen een aantrekkelijke prijs. De beurseuforie van de laatste jaren is volledig aan Enschede voorbijgegaan: twee jaar geleden was het aandeel meer dan 70 gulden waard, een derde hoger dan de koers van vorige week. “De gemiddelde belegger is de laatste jaren nogal verwend geweest met groei op de effectenbeurs”, zegt bestuursvoorzitter J. Troch in een recent interview in het tijdschrift FEM.

Grolsch behaalde vorig jaar een omzet van 570 miljoen gulden. In Nederland heeft het merk een marktaandeel van ongeveer 15 procent. Grolsch wil zijn twee brouwerijen in Enschede en Groenlo sluiten en een nieuwe bouwen. De groei moet komen van speciaalbieren en van de export.

“Ik betreur het dat Grolsch alleen de minder positieve kanten van onze plannen bekend heeft gemaakt”, zei Thijs van Interbrew vanochtend desgevraagd vanuit Leuven.

“Wij vinden het bouwen van een nieuwe brouwerij gekkenwerk. In West-Europa is er al een overcapaciteit, terwijl de bierconsumptie licht daalt en de prijzen niet de neiging hebben om te stijgen. Er zijn andere, slimmere oplossingen te vinden.”

Op korte termijn kosten de plannen van Interbrew wellicht werkgelegenheid, zegt Thijs, maar op langere termijn heeft Grolsch een betere toekomst als de brouwer samenwerkt met Interbrew. “Ik maak me net zoveel zorgen om de werkgelegenheid als Grolsch. Wij willen vanuit Enschede het succes van Grolsch in Nederland verder uitbouwen. En met ons netwerk kan Grolsch internationaal de concurrentie met Heineken aangaan. Nu is Grolsch internationaal nog nauwelijks aanwezig.”

Thijs wil niet zeggen of Interbrew een concreet bod heeft uitgebracht. Hij zegt daarover graag met het Grolsch-bestuur te willen praten. Vijandige bedoelingen zegt hij niet te hebben.

Tot vandaag heeft Grolsch altijd geweigerd op de avances van Interbrew in te gaan. Met de officiële mededeling van vanochtend, dat op toenadering van het Belgische concern geen prijs wordt gesteld, is Grolsch nadrukkelijk 'in play' gekomen op de (inter)nationale fusie- en overnamemarkt. Het argument van Grolsch dat Interbrew de nieuwbouwplannen in Enschede wil staken geeft aan dat de Nederlandse brouwer in elk geval al inhoudelijke besprekingen met Interbrew heeft gevoerd. De krachtenbundeling zou echter ten koste gaan van veel werkgelegenheid bij Grolsch, zo luidt het commentaar nu, en zich verzetten tegen de belangen “van de onderneming en al haar stakeholders”.

Met deze vlucht naar voren houdt Grolsch, waarin de oprichtersfamilie Groen een belang van 38 procent heeft, zich Interbrew wellicht van het lijf, maar wordt de brouwer ook een aantrekkelijk doelwit voor andere concurrenten. Wat kan het bedrijf tegen een overname hebben, indien de belangen van met name de werknemers wel in het oog worden gehouden? Met de huidige beurskoers is Grolsch kwetsbaar, alle beschermingsconstructies ten spijt.

Bij een volgende benadering is het aan de Twentse brouwer om aan te geven dat hij zelfstandig een hogere toegevoegde waarde kan bieden aan zijn aandeelhouders dan als een dochter van een internationaal concern.

Thijs erkent dat de kans aanwezig is dat Grolsch nu ook benaderd zal worden door andere brouwers. “Dat kon altijd al. Maar ik ben er van overtuigd dat onze plannen zich met die van iedere andere brouwer zullen kunnen meten.”