Massale crash op nat wegdek bij start zorgt voor enorme ravage; Autokerkhof op circuit Francorchamps

FRANCORCHAMPS, 31 AUG. Halverwege de 45ste Grote Prijs van België liet David Coulthard gistermiddag even zijn gaspedaal los. Naar eigen zeggen om koploper Michael Schumacher in staat te stellen hem voorbij te gaan. Schumacher was als veruit de snelste coureur op weg naar zijn vijfde zege in Spa-Francorchamps, een evenaring van het record van Ayrton Senna. Nog belangrijker was dat zijn naaste concurrent in de strijd om de wereldtitel, Coulthards teamgenoot Mika Hakkinen, al was uitgevallen. In de dertiende race van het seizoen, die al na de start ontaardde in een geweldige ravage door het natte wegdek en uiteindelijk werd gewonnen door Damon Hill die als één van de acht overbleef, had Schumacher zijn achterstand van zeven punten kunnen ombuigen in een voorsprong.

Officials langs de baan zwaaiden met de blauwe vlag, ten teken dat Coulthard koploper Schumacher voorbij moest laten. Schumacher had een ruime voorsprong van 37 seconden op nummer twee Damon Hill en stond op het punt de Schot te dubbelen. Maar hij zat bij een snelheid van ongeveer 200 kilometer per uur zo dicht achter hem dat hij door het opspattende regenwater nauwelijks een hand voor ogen kon zien en bovenop de wagen van Coulthard botste. Volgens Schumacher doordat Coulthard opeens flink snelheid minderde. De Ferrari verloor het rechtervoorwiel.

Met drie wielen kon de Duitser nog naar de pits rijden, zo snel, alsof hij geen essentiële onderdelen miste. In de pits smeet hij het stuur woest uit zijn wagen, stapte uit en beende witheet naar de pitbox waar Coulthard uit zijn licht beschadigde auto was gestapt. Schumacher wilde hem te lijf gaan maar kon daar nog net van worden weerhouden. Of Coulthard gek was geworden, schreeuwde hij uit. “Wil je me soms dood hebben?” De Schot maakte in woord en gebaar duidelijk dat Schumacher zelf het ongeluk had veroorzaakt. Intussen leidde Ferrari-teambaas Jean Todt Schumacher weg.

“Uit de pits had ik vernomen dat Schumacher achter me zat en in bocht zeven kreeg ik opdracht om hem voorbij te laten”, legde Coulthard later uit. “Bij het uitkomen van bocht negen hield ik zoveel mogelijk rechts om hem voorbij te laten en opeens reed hij me achterop.” Schumacher suggereerde opzet en diende een protest in. De wedstrijdleiding oordeelde na afloop van een chaotische race dat het een incident betrof. In tegenstelling tot Schumacher kon Coulthard de race op het glibberige circuit wel uitrijden. Van de acht coureurs die finishten werd hij zevende.

Vorige week vroeg een journalist aan Mika Hakkinen op welke manier Coulthard hem tijdens de rest van het seizoen als teamgenoot zou kunnen helpen. Hakkinen maakte zich er met een grap vanaf. “Hij kan me een lift geven van het circuit naar het hotel.” Of Coulthard de aanrijding nu had uitgelokt of niet, Schumacher was door de Schot uitgeschakeld en met nog drie races te gaan kwam dat Hakkinen bijzonder goed uit. Over twee weken zal de Fin opnieuw zijn voorsprong van zeven punten verdedigen. Dat gebeurt in het hol van de leeuw, in Monza, Ferrari's thuiscircuit. Daar viert de renstal haar zeshonderdste race van gisteren, maar na het fiasco van Francorchamps zal dat aanmerkelijk ingetogener gebeuren dan de bedoeling was. Coulthard kreeg gisteren al een voorproefje van wat hem daar te wachten staat. Toen hij de wedstrijdleiding tekst en uitleg had gegeven over zijn treffen met Schumacher, werd hij uitgejouwd door boze Schumacherfans.

Hakkinen vertrok van pole-position, met Coulthard naast zich. Als eerste ging de Fin de eerste (haarspeld)bocht in, La Source. Op weg naar de tweede bocht barstte achter hem de hel los. Een slip van Coulthard vormde de inleiding tot een massale crash. Wielen vlogen door de lucht en stuiterden over de baan. In wolken van rook tolden auto's als ongeleide projectielen over het asfalt. Tien van de 22 wagens veranderden in wrakken, net als in 1994 in Hockenheim, verwondingen bleven beperkt tot enkele blauwe plekken.

Jos Verstappen kwam er met slechts een lekke band opvallend goed vanaf. “Ik had na een goede start, waarbij ik vier man had gepasseerd, en zag opeens auto's voor me spinnen. Ik zag een gaatje en ging toen weer vol gas. Ik was de enige coureur die midden in de crash zat en toch door kon rijden.” Verstappens teamgenoot bij Stewart-Ford, de Braziliaan Rubens Barrichello, was door een vernielde auto en een armblessure niet meer in staat een herstart te maken.

Bovendien was van tevoren afgesproken dat Verstappen afgelopen weekeinde eventueel gebruik zou maken van de reservewagen. Omdat Verstappens wagen meer schade bleek te hebben dan een lekke band, stapte hij in de reservewagen. Behalve Barrichello verschenen ook Mika Salo (Arrows), Ricardo Rosset (Tyrrell) en Olivier Panis (Prost) niet meer aan de start. Salo was na twee zware crashes in één weekend blij dat hij nog leefde en wilde zo snel mogelijk het circuit verlaten.

Toen de takelwagens en de medici hun werk hadden gedaan en de baan door de brandweer van Stavelot was schoongespoten, volgde een uur na de massale crash de herstart. Dit keer was Hakkinen minder fortuinlijk. Damon Hill nam vanuit derde positie meteen de leiding, nog voor La Source, gevolgd door Hakkinen en Schumacher. In die eerste bocht spinde de wagen van Hakkinen, naar eigen zeggen doordat hij werd geraakt door een andere auto. Het leek echter alsof zijn McLaren-Mercedes die zich op dat moment vlak naast Schumachers bolide bevond, grip op het natte asfalt verloor. Johnny Herbert kon de gestrande Fin niet meer ontwijken. Voor Hakkinen en Herbert was de Grote Prijs van België voorbij. Deze keer werd de race niet gestopt en schaakte Schumacher al snel koploper Hill. De eerste uitvaller was Verstappen. Hij was gisteren de eerste en de enige coureur die door een mechanische oorzaak (opgeblazen motor) uitviel, al na negen ronden.

De naar een tweede plaats teruggewezen Hill profiteerde van het uitvallen van Schumacher en boekte de eerste zege in het achtjarige bestaan van het team van Eddie Jordan. Met een tweede plaats voor Ralf Schumacher was het succes voor Jordan compleet. Jean Alesi (Sauber) eindigde als derde. “Damon was het hele weekend sneller, hij verdiende de overwinning”, zei Ralf Schumacher, die onlangs een vierjarig contract zou hebben getekend bij Williams. De zege van de wereldkampioen van 1996 had een Nederlands tintje. Zijn race-engineer Dino Toso is van Italiaans-Nederlandse afkomst.