Hypocrisie versus hypocrisie

Meer steun vindt Hans Hillen bij sommige jongere Kamerleden, al is dat vooral buiten eigen CDA-kring. De RPF-ideoloog André Rouvoet (36) zegt: “Ik sta niet afwijzend tegen het opschuiven van de pers in de richting die Hillen bepleit. Het zou de pers dwingen na te denken over de vraag welke prive´-gedragingen ze wel en niet schadelijk vindt voor de publieke zaak. Het probleem van de stelling van Pessers is namelijk dat de scheiding tussen publiek en privé-domein ook een bepaald soort hypocrisie in stand houdt. Pers en politiek doen beiden alsof gezagsdragers zich heel honorabel gedragen, maar knipogen ondertussen naar elkaar dat ze wel beter weten.”

Toch is voorzichtigheid geboden, vindt ook Rouvoet. “De reputatie van gezagsdragers is gemakkelijker beschadigd dan hersteld. En als ik in De Telegraaf een verontwaardigd artikeltje lees over politici die naar peepshows gaan, en ik kom op de volgende pagina zes rijen advertenties tegen voor diezelfde peepshows, dan is er natuurlijk ook iets flink mis.” De discussie die Hillen naar de zin van Rouvoet terecht heeft aangesneden, betreft dan ook een ingewikkelde keuze tussen de ene hypocrisie en de andere.

Dat is precies het moeilijke van Hillens pleidooi, vindt diens partijgenote Clémence Ross (41), één van de (voor CDA-begrippen) jonge, nieuwe gezichten in de CDA-fractie. Waar Hillen zegt hypocrisie en decadentie te willen bestrijden, roept hij alleen maar nieuwe onwaarachtigheid op, vreest ze. “Als de pers meer op ons privé-gedrag gaat letten, gaan we ons nog verkrampter gedragen dan we nu soms al doen. Een vrolijke en onschuldige knipoog naar een collega kan ik dan niet meer maken. Ik krijg nu al te horen dat ik links ben als ik in een spijkerbroek loop, en dat ik rechts ben als ik een mantelpakje met broche draag. Zo'n sfeer bevorder je alleen maar als de pers het gedrag van politici gaat beschrijven.”

Bovendien weet Ross niet hoe persoonlijk en publiek gedrag verantwoord aan elkaar gekoppeld kunnen worden. “Stel: ik rij consequent te hard op de weg. Waar maakt mij dat dan nu precies ongeschikt voor in de politiek?” Zo vindt Ross ook niet dat Rick van der Ploeg na zijn opmerkelijke cadeau voor zijn medewerkster minder geloofwaardig is als staatssecretaris van cultuur.

Een en ander brengt haar tot de liberale conclusie dat de pers beter zoveel mogelijk kan wegblijven uit politieke privé-levens.