Van smederij tot turbinebouwer

1883: Geurt Thomassen vestigt in Arnhem een smederij en reparatiewerkplaats Thomassen & Co.

1906: Oprichting van de N.V. Motoren- en Machinefabriek voorheen Thomassen & Co in De Steeg, gemeente Rheden. 1924: Shell verwerft de meerderheid van de aandelen. 1955: Shell verkoopt de meerderheid van de aandelen en Thomassen & Co wordt een beursfonds. 1966: Samen met RDM en KMS wordt Thomassen een onderdeel van Rijn-Schelde. Het betekent het einde van de beursnotering Thomassen & Co. 1983: Thomassen wordt verzelfstandigd uit de failliete boedel van het Rijn-Schelde-Verolmeconcern. 1989: Joint-venture met Stewart & Stevenson (Verenigde Staten) voor de productie van aeroderivate gasturbines. 1990: Minderheidsbelang in Technithorm en Uniforce Hongarije. 1991: 50 procent belang in Gieterij Middelburg. 1992: Oprichting Thomassen Service Far East. 1992: Oprichting Thomassen U.K. 1993: Overname resterende aandelen Gieterij Middelburg. 1993: Deutsche Babcock uit Oberhausen verwerft via de Gelderse Ontwikkelings Maatschappij, ABN Amro Participaties, Alpinvest en NPM een minderheidsbelang van 40 procent in Thomassen. 1996: Deutsche Babcock verwerft de rest van de aandelen Thomassen en wordt volledig eigenaar. 1998: General Electric doet bij Babcock een bod op Thomassen International, dat door de Duitsers wordt afgewezen. 1998: General Electric trekt zich terug als potentiële koper van Thomassen. Wel tonen de Amerikanen belangstelling voor de service-unit van het bedrijf. 1998: Thomassen stopt met de nieuwbouw van gasturbines, een van de kernactiviteiten van het bedrijf. Thomassen wordt in drie business-units gesplitst die worden verzelfstandigd.