Gekte als inspiratiebron

Triple X-Festival: Benoît Lachambre & Co: Trois. Met Champs d'agneaux van Catherine Tardig, One night only 2/3 van José Navas; Rötung van Sacha Waltz. Muziek: Laurent Maslé. Gezien: 27 augustus in het Ketelhuis van de Westergasfabriek in Amsterdam. Aldaar nog tot en met 29 augustus.

Toeval of niet maar gisteren gingen de nieuwste film van Lars von Trier, The Idiots, en de dansproductie Trois van Benoît Lachambre in première in Nederland. De Deense filmer en Canadese danser/choreograaf hebben beiden het thema 'gekje spelen' onderzocht. Lachambre vroeg drie choreografen voor zijn nieuwe voorstelling Trois, die tijdens het Triple X-festival te zien was. In de twee trio's en een duo wordt geschokt van gekkigheid, hangen tongen ver uit opengesperde monden en valt er hier en daar een klodder kwijl op de dansvloer.

Dat laatste is gechoreografeerd door Sacha Waltz die in Duitsland al de opvolgster van Pina Bausch wordt genoemd. Net als Bausch heeft Waltz een voorliefde voor expressionistisch geweld in relaties, maar in Rötung staan twee mafkezen centraal. De een doet alsof hij de ander met twee waterglazen elektroshocks toedient, de ander kermt en kronkelt op de plaats en verliest als theatrale grap zijn tanden. Ze duwen en trekken elkaar heel ingenieus over een tafel en bieden tegen elkaar op in een wedstrijd hard hijgen. Ze zullen tijdens de repetities ongetwijfeld gegierd hebben van het lachen.

In de zaal zien we twee dansers die geen acteurs zijn en dat wezenlijke mankement is de hele voorstelling pijnlijk voelbaar. Toch is het talent van Sacha Waltz (1963) op momenten aanwezig; ze weet een aantal scènes spannend tot een climax te brengen en haar bewegingsidioom is zeker niet schraal. Maar het is niet genoeg om het toch al korte werk Rötung een goede choreografie te noemen.

Met minder talent gezegend is de Canadese choreografe Catherine Tardif. Haar speurtocht naar de theatraliteit van de waanzin in Champs d'agneaux reikt niet verder dan de clichés: een man met een lange regenjas en pruik die staat te schuddebollen op wat lekkere, geheel willekeurige muzakjes, tong eruit, wijd wapperende armen en de idioot is compleet. Het recept van Tardig is heel simpel: begin een lichaamskronkel klein, vergroot het langzaam maar steeds heftiger uit en klaar is de scène. Plak er een aantal aan elkaar en klaar is de choreografie. Zo'n simpel recept valt of staat bij de goede ingrediënten; bij Tardig ontbreken die ten enen male met als gevolg een larmoyant slecht choreografisch gerecht. Een belediging voor iedereen die iets van gekte afweet.

Van een iets andere orde was One night only 2/3 van José Navas uit Venezuela. Zijn waanzin speelt zich grotendels in het schemerdonker af en de dansers krioelen deels naakt over een vloer bezaaid met veren. Die donkerte geeft de juiste vervreemdende sfeer, net als de filmische soundtrack van Laurent Masié waarin muziek en geluid in elkaar overlopen. Dat Navas niet overtuigt heeft te maken met zijn beperkte arsenaal aan bewegingspatronen. Die blijven wederom kronkelig want gek.

Het Triple X-Festival 'spot' jong talent en onderzoekt de grenzen van de kunst. Het is alleen niet te hopen dat Benoît Lachambre en Co trendsetters in de moderne dans worden. De dertigers van het Canadese gezelschap lopen hopeloos achter. Maar wat als achterlopen de trend wordt?