Plan voor nieuwe 'Groene Rivier'

Het wordt tijd rekening te houden met de gevolgen van een kimaatverandering. Een nieuwe 'groene rivier' zou een oplossing kunnen zijn tegen de wateroverlast.

ROTTERDAM, 27 AUG. De te verwachten verandering van het klimaat en de mogelijke stijging van de zeespiegel maken ingrijpende aanpassingen aan het beheer van Rijn en Waal noodzakelijk. Om de veiligheid langs Rijn, Lek en Waal en de bevaarbaarheid van de Waal ook in de komende eeuw te garanderen, moet een nieuwe verbinding tussen Rijn en IJssel worden aangelegd. Op veel plaatsen moeten stuwen, sluizen en kribben verdwijnen en dijken verplaatst. De kosten van de noodzakelijke herinrichting van het rivierengebied, waarbij veel kansen ontstaan voor natuurontwikkeling, zullen in de vele miljarden guldens belopen.

Dat is vanochtend in Delft bekendgemaakt bij de presentatie van het plan 'De Rijn op Termijn', een studie die het instituut WL/Delft Hydraulics op eigen initiatief maar in samenwerking met tal van andere organisaties heeft verricht. Het zelf opgelegde doel was het in kaart brengen welke mogelijke oplossingen er zijn voor de verwachte veranderingen in de Rijnafvoer en na te gaan waar grote zwakten zijn in kennis of in samenwerking tussen kennisinstituten.

In de studie wordt aangemomen dat de door het broeikaseffect mogelijk opgewekte klimaatverandering de waterhuishouding van de Rijn sterk zal veranderen. Men gaat uit van meer en van zwaardere piekafvoeren, maar ook van langere perioden met een lage afvoer. De hoge waterstanden van Maas en Rijn zullen meestal samenvallen, zodat afvoer van Rijnwater naar de Maas geen soelaas biedt. Verder wordt aangenomen dat het al eerder genomen besluit om een verdere daling van het zomerbed van de Rijn te stoppen, blijft gehandhaafd.

De meest tot de verbeelding sprekende 'oplossingsrichtingen' waartoe na tal van brainstormsessies is gekomen, zijn de aanleg tussen Rijn en IJssel van een soort 'bypass', de 'Groene Rivier', tussen Lobith en Doesburg die in tijden van piekaanvoer veel Rijnwater versneld via de IJssel kan afvoeren. Daartoe moeten dan alle kribben, strekdammen en zomerkaden langs de IJssel worden verwijderd. In Nederrijn en Lek kan de natuurlijke dynamiek van de rivieren worden hersteld door er de stuwen van Driel, Amerongen en Hagestein weg te halen. Ook hier zullen dan kribben en strekdammen worden verwijderd. In de Waal moet een zandvang komen, die het verzamelde zand via riolen zal verpompen naar de uiterwaarden.

Het raport 'De Rijn op Termijn', dat veel aandacht besteedt aan de geschiedenis van het rivierbeheer en de kansen voor nieuwe natuur, signaleert dat het op veel belangrijke terreinen aan kennis ontbreekt.

Het kennisinstituut WL/Delft Hydraulics was tot begin dit jaar bekend als het Waterloopkundig Laboratorium. Met circa 400 medewerkers is het in grootte de derde van Nederlands vijf Grote Technologische Instituten. In maart kreeg het van de Adviesraad voor het wetenschaps- en technologiebeleid (AWT) een zeer zuinige beoordeling. Geadviseerd werd het instituut onder te brengen bij de TU Delft.