ELEKTRONISCHE TOL

Zonder vaart te hoeven verminderen betaalt de automobilist straks elektronisch tol voor het gebruik in de ochtendspits van de grote weg in de buurt van de vier grote steden.

Hij rijdt onder een 'betaalpoort' door, waarin radiografische apparatuur is aangebracht. De poort communiceert met een apparaatje dat achter de voorruit van de auto is bevestigd. Dat is de 'on board unit' (OBU), een kastje dat iets groter is dan een cassettebandje en dat achter de achteruitkijkspiegel past. Bijvoorbeeld op de plek waar vroeger deel III van het kenteken was vastgeplakt. In het apparaatje past een chipkaart (zoals de Chipper en de ChipKnip) die de automobilist zelf kan opladen. Bij het passeren van de poort wordt er eenmaal vijf gulden van de chipkaart afgeboekt. Op de display van de OBU ziet de automobilist dat zijn tegoed met vijf gulden wordt verminderd. De OBU, waarvan de aanschaf ongeveer 100 gulden zal kosten, is niet verplicht. Daarom bevat de elektronica boven de weg ook foto-apparatuur.

De camera's zorgen ervoor dat een auto zonder OBU, of met een chipkaart waarop te weinig saldo staat, zowel aan de voorkant als aan de achterkant wordt gefotografeerd. Per videofoto wordt het kentekennummer geregistreerd. De automobilist krijgt later, eenmaal per maand, de rekening thuis gestuurd: zeven gulden voor elke passage. Het prijsverschil van twee gulden voor rekeningrijden met of zonder OBU duidt aan dat het ministerie van Verkeer en Waterstaat de aanschaf ervan wil stimuleren. De automatische afboeking geeft veel minder rompslomp. De afboeking geschiedt bovendien anoniem: de route van de automobilist is dus later niet te traceren. Wel zal het mogelijk zijn bijvoorbeeld bij een fraude-onderzoek achteraf een elektronische betaling te reconstrueren. Het ministerie verwacht dat in eerste instantie twintig procent van de weggebruikers elektronische betaling zal verkiezen en dat dit aantal binnen enkele jaren naar tachtig procent oploopt. De apparatuur voor rekeningrijden die voor de Nederlandse wegen zal worden gebruikt, moet nog ontwikkeld worden. Ze moet voldoen aan de standaardeisen die de Europese Unie sinds 1997 aan elektronische tolbetaling stelt.

Met deze standaardisering is het mogelijk ook in andere Europese landen elektronisch tol te heffen zonder dat auto's bij grensoverschrijding van apparatuur hoeven te wisselen. De eisen aan de elektronica zijn streng. De apparaten moeten tegelijk betrouwbaar zijn, de doorstroming niet belemmeren en de anonimiteit van de automobilist waarborgen. Diverse consortia zijn nog in de slag om de opdracht voor het rekeningrijden te krijgen. Van oktober dit jaar tot en met april 1999 zullen de systemen technisch worden getest en vergeleken. Deze proef zal worden verricht op de A12 bij De Meern.