Ballingen aangeklaagd voor aanslag op Castro

SAN JUAN, 26 AUG. Zeven Cubaanse ballingen zijn gisteren aangeklaagd wegens het beramen van een moordaanslag op de Cubaanse leider Fidel Castro. Dat heeft het Amerikaanse ministerie van Justitie gisteren bekendgemaakt. De zeven worden er van verdacht dat ze Castro wilden vermoorden toen deze in november 1997 een topontmoeting van Latijns-Amerikaanse leiders bijwoonde op het eiland Margarita voor de kust van Venezuela. Het onderzoek door de FBI en de Amerikaanse douane duurt nog voort. Indien ze schuldig worden bevonden dreigt de Cubaanse ballingen levenslange gevangenisstraf.

Een van de verdachten is de 67-jarige José Antonio Llama, directeur van de Cuban American National Foundation (CANF). CANF geldt als een van de invloedrijkste lobbygroepen in de VS. De november vorig jaar overleden voorzitter van CANF, Jorge Mas Canosa, had rechtstreekse toegang tot het Witte Huis onder de presidenten Reagan, Bush en Clinton. De stichting voert actief campagne om het 36 jaar oude embargo tegen Cuba in stand te houden. CANF noemde de beschuldigingen “politiek gemotiveerd”. “Wij denken (...) dat geweld niet het (juiste) antwoord is op de Cubaanse crisis. Dat is wat ons onderscheidt van Castro en zijn gewetenloze dictatuur.”

Castro heeft de stichting er al meerdere malen van beschuldigd een aanslag op zijn leven te beramen. In de jaren zeventig bracht een Senaatscommissie acht plannen voor het vermoorden van de Cubaanse leider aan het licht, waarin Amerikaanse organisaties de hand hadden. Castro zelf houdt het op zo'n 25. De zogeheten Neutrality Act verbiedt het gebruik van Amerikaans grondgebied als uitvalsbasis voor aanvallen op andere landen.

Waarnemers verwachten dat zelfs als het niet tot veroordelingen komt, CANF veel van zijn invloed kwijt zal raken, doordat medestanders, onder wie Congresleden, zich van de groep zullen distantiëren.

De aanklacht kwam voort uit het onderzoek naar het schip La Esperanza, dat op 27 oktober vorig jaar voor de kust van Puerto Rico werd gered door de Amerikaanse kustwacht. Aan boord bleek zich een grote partij wapens te bevinden. Een lid van de bemanning verklaarde tegenover de politie de wapens te smokkelen met het doel Castro te vermoorden. Tot gisteren bevatte de aanklacht slechts kleinere vergrijpen als wapensmokkel en het liegen over wapenbezit. (AP, Reuters)