Winstprognose verhoogd; NIB: extra reserveringen Azië-crisis

AMSTERDAM, 25 AUG. De Nationale Investeringsbank (NIB) heeft in het eerste halfjaar extra reserveringen ter waarde van ruim 65 miljoen gulden getroffen voor probleemkredieten in Azië.

Ondanks deze extra voorzieningen ten laste van de resultaten steeg de nettowinst met 21 procent naar ruim 151 miljoen gulden.

Op basis van de huidige kennis over de toestand in Azië moeten de reserveringen nu op het beoogde niveau van eind dit jaar liggen, aldus een woordvoerder van de NIB, en zijn in de tweede jaarhelft geen verhogingen nodig.

De NIB, die haar halfjaarwinst vanochtend publiceerde, verwacht voor het hele jaar een toename van de nettowinst met ten minste 15 à 20 procent. In maart verwachtte de bank nog minimaal 10 procent winstgroei. Bijna de helft van de aandelen van de Nationale Investeringsbank (gemiddeld aantal medewerkers: 472, plus 26 in eerste halfjaar) wordt op de effectenbeurs verhandeld, de rest is in handen van de overheid.

“De resultaten zijn goed, de verwachtingen zijn goed, maar de opbouw van de winst is totaal anders dan wat wij bij de NIB zijn gewend”, zegt analist N. van Geest van SNS Securities. Per aandeel is de nettowinst 2,52 gulden, een stijging van 21 procent. Op een hogere effectenbeurs won de koers van de NIB-aandelen een gulden op een niveau van 67,50 gulden.

Het zwaartepunt van de inkomsten van de NIB ligt traditioneel bij ontvangen rente op kredieten, maar dat zag er het afgelopen eerste halfjaar heel anders uit, aldus analist Van Geest. Minder dan de helft van de inkomsten is rente, tegenover 60 procent in de vergelijkbare periode vorig jaar. De sterkste groei zit in de winst op financiële transacties voor eigen rekening, die met 128 procent toeneemt naar bijna 87 miljoen gulden. In deze winst zitten onder meer de boekwinsten op verkochte participaties in bedrijven.

De rente-inkomsten stegen in het eerste halfjaar met negen procent naar 156 miljoen. Per saldo gingen de inkomsten met 33 procent omhoog (maar 321 miljoen gulden), terwijl de kosten zeven procent stegen tot ruim 68 miljoen gulden.

Evenals bij de publicatie van de winst in 1997 zegt de NIB dat “voorzichtigheidshalve” extra voorzieningen zijn getroffen op landen en klanten in Azië. Per saldo treft de bank ruim 92 miljoen gulden voorzieningen, dat is 65 miljoen meer dan in de eerste helft van 1997. Op de vijf grootste probleemlanden in Azië (Indonesië, Thailand, Korea, Maleisië en Filippijnen) samen heeft de bank minder dan 900 miljoen gulden aan financieringen verstrekt. Na de nieuwe reserveringen liggen de voorzieningen voor wanbetaling hier “substantieel boven de door de toezichthouder aangegeven minima.”