Kok streeft naar betrouwbare en prudente staat

DEN HAAG, 25 AUG. Het tweede kabinet-Kok wil de betrouwbaarheid en zorgvuldigheid van de overheid vergroten. Zowel het functioneren van de overheid zelf, als de bewaking van de publieke ruimte (veiligheid op straat, kwaliteit van publieke voorzieningen als zorg en onderwijs) verdient de komende periode grote aandacht.

Dit heeft minister-president Kok vanmorgen gezegd in de regeringsverklaring van het tweede paarse kabinet. Met de regeringsverklaring, waarin het zijn voornemens voor de komende vier jaar opsomt, hoopt het kabinet het mandaat van de Tweede Kamer te verwerven om vier jaar te kunnen regeren.

Met zijn aankondiging reageerde Kok op enkele gebeurtenissen (zonder die overigens met name te noemen) die de vorige kabinetsperiode hebben gekleurd: de afwikkeling van de IRT-affaire, de crisis in de verhouding tussen de minister van Justitie en het openbaar ministerie, de toename van gewelddadige incidenten op straat, en het gebrek aan zicht van de minister van Binnenlandse Zaken op de politiesterkte. Om het vertrouwen van de burger in de overheid te vergroten, mag de staat, hoewel geen zedenmeester, “zelf waarden en normen uitdragen en anderen daarop aanspreken”. “Gemeenschapszin en burgerzin zijn waarden van vitale betekenis”, aldus Kok.

Volgens de minister-president heeft het parlement de komende periode genoeg ruimte om zijn stempel op het politieke debat te drukken. Hij typeerde het regeerakkoord dat de coalitiefracties van PvdA, VVD en D66 bindt als “vooral agenderend en kaderstellend”. Kok: “Het zal in een open dialoog met de volksvertegenwoordiging op vele punten worden ingevuld en uitgewerkt.”

Kok beklemtoonde in de regeringsverklaring herhaaldelijk “de gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheid en bedrijfsleven”, bij het gestalte geven van sociaal-economisch beleid. Deze gezamenlijke verantwoordelijkheid, ook wel poldermodel genoemd, is volgens Kok een belangrijke sleutel geweest voor het economisch succes van het vorige kabinet. Ook wees hij er op dat er nieuwe problemen ontstaan zoals toenemende tekorten aan arbeidskrachten, die intensieve samenwerking met de sociale partners nodig maken.

Kok ging kort in op de opgelaaide discussie over de Nederlandse bijdrage aan VN-vredesoperaties (Srebrenica). Hoewel duidelijk geworden is “hoe moeizaam en zwaar deze taakvervulling is”, mogen deze ervaringen er niet toe leiden dat Nederland niet meer meedoet aan dergelijke VN-operaties, aldus Kok.

De oppositie bekritiseerde de plannen van het tweede paarse kabinet als 'visieloos'. Diverse fracties, waaronder die van het CDA en GroenLinks, misten het motto voor het te voeren beleid, dat paars tijdens de kabinetsformatie had beloofd. De christen-democraten hekelden verder onder meer het gebrek aan financiële degelijkheid van de plannen en de 'halfbakken' plannen met de gekozen burgemeester. GroenLinks sprak over de “vergeten wens van de kiezer dat het socialer en groener moet” met het kabinetsbeleid.