J.D. VAN DER HARTEN (1918 - 1998); Heer van stand

EINDHOVEN, 25 AUG. In zijn woonplaats Eindhoven is zondag J.D. (Jan Dirk) van der Harten na een langdurig ziekbed op tachtigjarige leeftijd overleden. Van der Harten was van december 1973 tot mei 1983 commissaris van de koningin in Noord-Brabant.

Van der Harten was een Brabander onder de Brabanders. Hij werd op 31 mei 1918 in Eindhoven geboren. Na zijn middelbare school in (het Limburgse) Rolduc volgde hij een opleiding aan de school voor reserve-officieren in Breda. Voor en na de oorlog was hij reserveofficier. Ook was hij enige tijd actief in de kunsthandel.

Van 1952 tot 1966 werkte hij als journalist bij het Eindhovens Dagblad. In 1962 werd hij voor de Katholieke Volkspartij - de KVP ging later op in het CDA - gemeenteraadslid in Eindhoven. Vier jaar later werd hij wethouder in Eindhoven.

Van der Harten was een heer van stand, een nobel man, een man van het compromis.

Mr. Th. Houwen, zijn ex-kabinetschef, zegt dat de benoeming van Van der Harten tot commissaris van de koningin “een breekpunt in de geschiedenis” was. “Hij werd benoemd na inspraak van Provinciale Staten, hij kwam uit de eigen gelederen. Van der Hartens voorgangers, J. de Quay en C. Kortmann, kwamen uit de regentenstand.”

Van der Harten gaf “een eigen invulling” aan zijn ambt, weet Houwen. “Hij bracht het 'instituut provincie' dichter bij de lokale politici en bestuurders. Hij ging onvoorstelbaar vaak op werkbezoek, waarbij hij zich geen moment spaarde.”

Van der Harten, die vele onderscheidingen ontving, deed veel aan Brabant-promotie, waarbij 'Meer werk voor Brabant' zijn motto was.

Houwen typeert Van der Harten, die meermalen koninklijk werd onderscheiden, als een flexibele persoonlijkheid. Hij meent dat enkele regels van Dante die op zijn bidprentje komen te staan, perfect bij de overledene passen.

“Wat de wereld over iemand zegt, is niet meer dan een windslag die nu eens van deze kant en dan weer van die kant komt. En van naam verandert, omdat ze van richting verandert.”