Congo dreigt uiteen te vallen

Nu de Congolese opstandelingen in het westen worden belaagd door troepen uit Angola en Zimbabwe, blijft de rebellen weinig anders over dan een bufferzone in het oosten.

KIGALI, 25 AUG. De massale interventie van Angolese troepen in de afgelopen dagen heeft het uiteenvallen van Congo dichterbij gebracht. De Angolezen slagen er in West-Congo in de rebellen terug te drijven. De door Rwanda gesteunde opstandelingen zullen nu vermoedelijk terugvallen op Oost-Congo om daar een eigen veiligheidszone of zelfs een onafhankelijke staat uit te roepen.

Sinds zaterdag veroveren de Angolezen strategische stadjes aan of bij de Atlantische kust en stoppen daarmee de Blitzkrieg van de rebellen. Ooggetuigen reppen van een massale Angolese interventie met tanks, transport- en gevechtsvliegtuigen. Tegen deze overmacht maken de rebellen weinig kans. Alleen wanneer Rwanda en Oeganda hun eerder geuite dreigementen waarmaken, hun tot nu toe bedekte bemoeienis omzetten in een openlijk en grootschalig offensief tegen de Angolezen, bestaat er nog hoop voor de rebellen aan het westelijke front.

Waarschijnlijker lijkt dat ze een veilig heenkomen zoeken in het oosten. In Oost-Congo controleren ze de belangrijkste steden. Ze kunnen daar gemakkelijk worden bevoorraad door Oeganda en Rwanda en kunnen er op steun rekenen van tenminste een deel van de bevolking, waaronder de Banyamulenge (Congolese Tutsi's van Rwandese afkomst). Ze kunnen zich in de door wouden omgeven steden verschansen wanneer de Angolese en Zimbabweaanse interventietroepen zouden besluiten hun offensief voor te zetten in oostelijke richting.

De kans op zo'n offensief lijkt niet groot. De Angolezen strijden in het westen op slechts enkele tientallen kilometers van hun eigen grondgebied. Ze behartigen er hun eigen belangen. De Angolese oppositiebeweging UNITA van Jonas Savimbi gebruikt het westen van Congo voor smokkel van diamanten en aanvoer van wapens. Deze aanvoerlijnen, die de regering van president Kabila het afgelopen jaar niet wist te sluiten, willen de Angolezen nu zelf afsnijden. Oost-Congo heeft geen vergelijkbaar strategisch belang voor de Angolezen en de militaire capaciteit van Zimbabwe is te beperkt voor een offensief in het oosten.

De betrokkenheid van Rwanda en Oeganda wordt ingegeven door overwegingen van eigen veiligheid. “Onze overleving als natie staat op het spel”, verklaarde vorige week de Rwandese vice-president en minister van Defensie Paul Kagame. Vanuit Oost-Congo opereren de Interhamwe-milities, fanatieke Hutu's, tegen Rwanda, evenals een bonte coalitie van opstandelingen tegen Oeganda. Een door de Congolese rebellen gecontroleerde veiligheidszone in het oosten of een onafhankelijke staat kan deze bedreiging verminderen.

Bij het begin van de opstand, begin deze maand, gingen waarnemers in de regio er van uit dat de wensen van Rwanda en Oeganda met een door rebellen beheerst Oost-Congo zouden zijn vervuld. Tot ieders verbazing openden de rebellen echter met Rwandese hulp een luchtbrug naar het westen. Volgens sommige bronnen was de Oegandese president Yoweri Museveni het hier niet mee eens en zou deze, net als twee jaar geleden het geval was met de opmars van Kabila, tevreden zijn geweest met de inname van de steden in het oosten. Kagame besloot echter de rebellen te laten doormarcheren naar Kinshasa. “We moesten door naar de hoofdstad om er een nieuwe centrale macht te vestigen, anders zou Congo uiteenvallen”, zegt in de Rwandese hoofdstad Kigali een politieke adviseur van de regering.

De interventie van Angola heeft deze plannen van Rwanda verijdeld. Angola's besluit om in te grijpen lijkt te zijn ingegeven door het verbond dat de rebellen sloten met prominente aanhangers van de voormalige Zaïrese president Mobutu. In de afgelopen dagen werden in Kigali Mobutu's voormalige legerleider Baramoto en het gewezen hoofd van Mobutu's presidentiële garde, Nzimbi, gesignaleerd. Baramoto zou hebben geholpen met de organisatie van de luchtbrug naar Kitona, waar zich een 'heropvoedigingskamp' voor soldaten van Mobutu bevond. Baramoto zou behulpzaam zijn geweest bij de rekrutering van deze soldaten voor de opstand. Gisteravond werd in Kigali tevens Mobutu's laatste minister van informatie, Mulumba Kin-Kiey, gezien. Kin-Kiey zei desgevraagd op weg te zijn naar Goma, het rebellenhoofdkwartier aan de Rwandees-Congolese grens. “Ik ben hier door de Rwandezen naar toegehaald”, aldus de ex-minister. De Rwandese regering betaalt de hotelrekeningen in Kigali voor deze mobutisten.