Het feest van de estafetteploeg

De Nederlandse debutant Troy Douglas mocht bij de EK in Boedapest niet meedoen aan de estafette. Toch was de 35-jarige atleet zaterdag nadrukkelijk aanwezig. Over een gehavende, maar opgewekte ploeg.

Hij moest zijn grote mond van vrijdagavond bekopen met een uitsluiting voor de 4x100 meter. Met het wegvallen van Troy Douglas was in één klap het hart uit de Nederlandse estafetteploeg. Maar Douglas laat zich niet zo maar wegjagen. “Hij liep toch een beetje mee”, zei Patrick van Balkom zaterdagmiddag na de serie bij de Europese kampioenschappen in Boedapest. De aanwezigheid van de veteraan uit Bermuda langs de baan was voelbaar bij de vier overgebleven atleten.

Douglas had 's morgens tot het laatste moment de hoop dat de jury zijn diskwalificatie zou intrekken en dat hij alsnog zou mogen lopen. Daarom deed hij ook gewoon mee aan de voorbereiding. Vijf kwartier voor de start sloeg de deur definitief dicht. Douglas slikte zijn teleurstelling weg en riep de gehavende ploeg bijeen. In een tent op het inloopterrein gaf hij een korte, maar krachtige peptalk. Hij sprak zijn teamgenoten aan op hun trots en op hun vaderland. “Be proud of your country, guys. Be proud of yourself.”

“Het was een mooi moment”, herinnerde Martijn Ungerer, de startloper van de ploeg. “We schoven het gordijn van die tent dicht, Troy gooide er een minuutje een paar kreten uit en hup, het gordijn ging weer open.”

Ungerer-Snoek-Van Balkom-Tilburg - ze hadden nog nooit in deze samenstelling gelopen. Maar het ging niet eens slecht, op een matige wissel tussen Snoek en Van Balkom (“We stonden even stil”) na. De tijd (39,29) betekende zelfs een nieuw Nederlands record. Eerder dit seizoen had het viertal in de sterkste formatie - Janssen-Douglas-Van Balkom-Tilburg - al een keer 39,04 gelopen, de vijfde tijd in Europa, maar die kon niet worden erkend door de aanwezigheid van Douglas. Hij mag sinds kort weliswaar voor Nederland mag uitkomen, maar heeft nog geen Nederlands paspoort.

Ondanks de afwezigheid van Douglas was het record ditmaal wel een feit. “We hebben het ook expres zo gedaan”, grapte Van Balkom na afloop. “We stonden door die hele affaire met Troy op scherp. We wilden bewijzen dat we het ook met deze vier jongens kunnen”, aldus Patrick Snoek.

De 39,29 bleek goed voor een finaleplaats. De vreugde was groot, er klonk indianengehuil in de atletentent. De Nederlanders vielen elkaar uitbundig om de nek en Douglas had weer het hoogste woord. “Ik ben trots op deze jongens”, verkondigde hij. “We hadden dit allemaal nodig. Ze hebben er voor moeten vechten. Het was prachtig teamwork, een eenheid.”

De stoere import-Hagenaar bekende fluisterend dat hij het toch best moeilijk had gehad op de tribune. “Ik heb maar drie, vier uur geslapen. Ik kon niet slapen van alle emoties. Ik had hoofdpijn, pijn in mijn maag. Toch was ik vanmorgen weer blij. Ik dacht echt: ik mag lopen. Maar we hebben misschien de slag verloren, door dit resultaat hebben we wel de oorlog gewonnen.”

Later op de dag, in de finale, kon de estafetteploeg de eerdere prestatie niet herhalen. De binnenbaan bleek een te grote belemmering voor een snelle tijd, de eerste wissel verpestte alles. Nederland was een halve seconde langzamer dan in de ochtenduren en werd zevende. Maar dat kon de pret niet drukken. “Dit is geen eindstation, maar een begin”, oordeelde coach Hans Vijfvinkel aan het einde van de EK in Boedapest.

Toen vorig jaar bekend werd dat Miguel Janssen (Aruba) en Troy Douglas (Bermuda) voor Nederland wilden gaan lopen, ontstond het plan voor een sterke estafetteploeg. De kandidaten werden gepolst en Vijfvinkel ging met een ploeg van tien sprinters trainen. Van Balkom, Nederlands recordhouder 100 en 200 meter, en Douglas werden de pijlers van het team. De twee professionals hebben totaal verschillende karakters, Van Balkom is het rustige looptalent en Douglas de drukke gangmaker. Toch klikt het goed tussen de twee. “Troy maakt altijd veel bombarie”, aldus Van Balkom. “Maar ik vind het wel grappig. En als het me even te veel wordt, zonder ik me af.”

Met Janssen en Tilburg erbij hoopten ze de afgelopen weken stiekem op een EK-medaille. In de estafette kan er met al die wissels nu eenmaal veel gebeuren. Maar de basisploeg kwam in Boedapest helemaal niet in actie. Eerst was het startloper Janssen die tijdens een trainingskamp in Israel geblesseerd raakte aan zijn hamstrings. Vijfvinkel belde meteen vanuit Haifa naar de kleine Ungerer om te vragen of hij zich beschikbaar wilde houden. De 20-jarige druktemaker stelde maar al te graag zijn vertrek naar Amerika uit waar hij gaat studeren en trainen. Als beloning mocht hij op de EK starten. Patrick Snoek, de reserve voor de andere drie posities, verving de gediskwalificeerde Douglas.

Slotloper Dennis Tilburg sprak van “een omgetoverde ploeg”. Van Balkom: “En dan te bedenken dat er ooit is gezegd dat als Troy of ik niet konden meedoen het helemaal niet meer zou doorgaan. Als we in deze samenstelling zo kunnen lopen, hoe hard kan het dan wel niet gaan met Janssen en Douglas?” Coach Vijfvinkel denkt dat een tijd van 38,50 mogelijk is, en misschien zelfs wel daaronder. “Dat is echt niet irreëel en dan kan je ook aan een medaille gaan denken.” De WK van volgend jaar in Sevilla is het volgende doel van Douglas en consorten. Het koeriersbedrijf DHL heeft zich inmiddels opgeworpen als sponsor van de Nederlandse sprinters.

Vijfvinkel gaat straks weer met goede moed van start voor het volgend seizoen. Hij heeft geen makkelijke taak omdat hij met én de individuele belangen van de eigengereide atleten én hun privé-coaches te maken heeft. Met name die laatste groep kan voor problemen zorgen. De trainers vinden al snel dat hun pupillen te veel met de estafette bezig zijn. “Ik overleg meer met de coaches dan met de atleten. Ik houd ze overal van op de hoogte, vraag ze om advies”, aldus Vijfvinkel. “Ik benijd Hans niet”, zegt Van Balkom. “Hij is ook de enige die dit wil doen.” “Hans is een diplomaat”, oordeelt technisch directeur Bert Paauw. “Er is niets lastigers dan een estafetteploeg te begeleiden.”

De taak van de coach wordt misschien nog zwaarder. De kans bestaat dat twee sprinttalenten uit Curaçao, Nathanael Esprit en Jairo Duzant, straks ook beschikbaar zullen zijn voor de estafette. “Dan krijgen we een echte ploeg van de Koninkrijk der Nederlanden”, zegt Vijfvinkel enthousiast. Hij voorziet geen problemen met de samenstelling. “De atleten selecteren zichzelf. Ze willen allemaal dat de sterkste ploeg loopt. Daarom zullen Troy en Patrick echt niet proberen een vriendje er in te krijgen als deze langzamer loopt dan een ander.”

Vijfvinkel, in het dagelijks leven werkzaam bij een softwarebedrijf, is bij de selectie meer een regelaar dan een coach. “Mijn belangrijkste taak is om juist niet te coachen”, legt hij uit. Het is in de estafette gebruikelijk dat ploeggenoten elkaar coachen. Vijfvinkel: “De aankomende man is de coach voor de man die wegsprint. Zij bespreken hoe het moet, wat er anders moet. Dat regelen ze met z'n tweeën, daar moet ik niet tussen gaan zitten. Dat zou alleen maar verwarring stichten. Ik ben natuurlijk wel eindverantwoordelijk.”

Hij zegt te genieten als hij de Nederlandse sprinters met elkaar bezig ziet. “Dat is smullen”, vertelt hij. “Zoiets geeft me energie. Die jongens hebben het uitstekend naar de zin met elkaar. Troy Douglas is daarbij belangrijk. Hij is een man met de zon in zijn hart en zorgt altijd voor een vrolijke noot. Natuurlijk worden er onderling weleens speldenprikken uitgedeeld, maar het gaat steeds goed.”

“Het leuke van de estafette”, zegt Van Balkom, “is dat je echt iets met elkaar doet. Je presteert samen, je zit samen in de callroom, kan wat aan elkaar kwijt. Dat ben je als individuele sporter niet gewend.”

“Dit team moet gaan leven als de Nederlandse voetbalploeg”, besluit Douglas. “Iedereen moet trots op ons worden. Alles is mogelijk, ja zelfs gouden medailles. Be proud of your country!”