RATTEN HERINNEREN ZICH WEINIG EEN HALF UUR NA STRESS

Mensen en dieren onder stress kunnen slecht gegevens opslaan in hun geheugen, maar ook het opdiepen van kennis is gestoord. De storing in de herinnering ontstaat bij een hoge concentratie glucocorticoïden in de hersenen. Dat hebben drie onderzoekers (onder wie de Nederlander Benno Roozendaal) van het Center for the Neurobiology of Learning and Memory van de University van California in Irving vastgesteld in een experiment met ratten.

De onderzoekers trainden ratten in een waterdoolhof. Dat is een veelgebruikt instrument om het ruimtelijk geheugen van ratten en muizen te meten. De 'doolhof' bestaat uit een ronde bak water (diameter 1,85 meter) waarin een eindje uit de rand en vlak onder het wateroppervlak een platform van 20 bij 25 centimeter is gemonteerd. De zwemmende rat kan die rustplaats niet zien en moet blijven zwemmen tot hij vaste grond onder voeten heeft. Ratten leren in enkele sessies zo snel mogelijk het platform te bereiken. Ook een dag later weten ze nog goed waar het platform is, of is geweest. De onderzoekers trainden de dieren door ze op een dag acht keer, met 30 seconden tussentijd, in het water te zetten en al zwemmend het platform te laten zoeken. De volgende dag werden de dieren in vier groepen onderverdeeld.

Eén groep moest zonder voorbehandeling in de waterdoolhof zwemmen. De andere drie groepen dieren werden in een kooi geplaatst waar ze elektrische schokken door hun poten kregen, respectievelijk 4 uur, 30 minuten en 2 minuten voordat ze in het waterdoolhof werden gezet. Bij de herhaling moesten de dieren een minuut zwemmend zoeken naar het platform dat er echter niet meer was. Gemeten werd de tijd dat de dieren in het juiste kwadrant naar het platform zochten.

De dieren die niet waren geschokt en de dieren die 2 minuten en 4 uur na hun schokken in het water waren gezet zwommen van de 60 seconden ongeveer 20 seconden in het juiste kwadrant. De dieren die een half uur na de schokken te water waren gelaten zwommen iets minder dan 15 seconden in het juiste kwadrant.

Voetzoolschokken zijn een bekende manier om ratten onder stress te brengen. Als reactie komen snel (binnen tien minuten) catecholaminen en iets trager glucocorticoïden (een steroïdhormoon dat door de bijnierschors wordt geproduceerd en het lichaam klaar maakt voor de typische stressreacties vechten of vluchten) in hun bloed. De stress-stoffen werden gemeten in opgevangen bloed van de kort na de zwemproef gedode ratten. De hypothese was daarom dat de glucocorticoïden het herinneringsvermogen onderdrukken.

De veronderstelling werd getest door inspuiting van metyrapon, een middel dat de stressgeïnduceerde glucocorticoïdesynthese door de bijnierschors stillegt. Onder invloed van metyrapon (ingespoten voor de voetzoolschokken) zwommen alle ratten weer doelgerichter in de doolhof. Na een corticosteroninjectie waren ze de juiste richting echter weer kwijt, als de dosis tenminste hoog genoeg was.

Hiermee is aangetoond dat bijnierschorshormonen het herinneringsvermogen in een beperkte periode na een stressincident beperken. Het wachten is nu op het ophelderen van het precieze mechanisme.