Frisse start

Komend uit Papoea Nieuw Guinea ruikt het in Australië overal een beetje naar toiletreiniger. Lekker fris zult u denken, maar hoe ruikt het dan in Papoea Nieuw Guinea? Ik ben natuurlijk bevooroordeeld maar het ruikt hier overwegend naar natte grond, en dat is een van de fijnste geuren ter wereld.

Die geur wordt veroorzaakt door bacteriën die in de grond leven en de vluchtige stof geosmin uitscheiden. Het wil hier overigens ook wel naar schimmel ruiken of rottend blad, terwijl sommige kantoren naar tweedehands boekwinkels in de Spuistraat ruiken. Kortom heel anders dan de wc-eendenlucht die we in Australië overal menen te ruiken. We kennen die lucht inmiddels aardig goed, want we zijn er diverse keren geweest, maar aan ons eerste bezoek bewaren we misschien wel de meeste herinneringen.

Er was iets mis met de schildklier van onze jongste zoon. Omdat ze hier in het ziekenhuis niets konden vinden en bloedmonsters naar Australië rampzalig lang in quarantaine moesten, gingen we er zelf maar naar toe. Een buisje met bloed mag het land niet in, maar een volledige doorbloede baby mag je zo binnenvoeren. Althans dat dachten we.

Ons vliegtuig naar Brisbane zou om drie uur 's middags vertrekken en we waren twee uur van tevoren op het vliegveld. Toen we incheckten vroeg de beambte waar onze visa waren. Nee, zeiden we, we wonen wel in Papoea Nieuw Guinea, maar we hebben een Nederlands paspoort. Niets mee te maken, u heeft visa nodig en dat kunt u op de Australische ambassade halen. Volgende graag. Welnu daar stonden we. Maar er was niet veel tijd om van onze naïeve domheid te genieten. Ik ben in een taxi gesprongen die in een noodvaart naar de Australische ambassade scheurde. De taxi had een gat in de vloer waardoor je de gaten in het asfalt goed kon bekijken.

Sorry mate, maar het visakantoor is gesloten, zei de lokettist, komt u morgen maar terug. Ik heb toen gezegd dat er medische nood was. Nou vooruit, zei hij na enig aarzelen, geef me uw paspoorten en drie pasfotoˆs. Die pasfoto's had ik niet. Nou dan kunnen we weinig voor u doen en hij vertelde dat er over drie dagen weer een vliegtuig zou gaan.

Ik heb toen een beetje zielig gedaan, want kwaad worden helpt niet bij zulke mensen. Zuchtend heeft hij me de visa gegeven, maar bleef een hele tijd verontwaardigd prediken over het feit dat ik de handtekening voor Ariane had gezet. Daar komt u nog eens mee in de problemen mijnheer, zei hij wel drie keer voordat hij de paspoorten teruggaf.

We waren bijna te laat bij het vliegtuig en ontvingen nog een standje van de stewardess. We zaten amper of moesten alweer allerlei formulieren invullen. Ze vroegen bijvoorbeeld of we in de gevangenis hadden gezeten, drugs in onze bagage meedroegen, of een moord gepleegd hadden. Ik wist niet dat dat nog een vereiste was om Australië binnen te komen en heb met enige aarzeling overal no ingevuld. Toen we aankwamen op het vliegveld van Brisbane moesten we heel lang voor de douane wachten. In de tussentijd keken we naar een video waarop je kon zien dat het verboden was papaya's, stenguns en bierworstjes in te voeren. We hadden geen van die dingen bij ons en dachten moeiteloos de douane te passeren.

Toen we eindelijk aan de beurt waren ging de douane uitvoerig onze papieren bekijken. “Aha, dus u komt uit Papoea Nieuw Guinea”, zei hij triomfantelijk, en vroeg toen of ik alle vragen van het formulier had begrepen. Ik moest daar om lachen en vroeg toen of hij alle antwoorden had begrepen. Dat was niet zo handig, want met douanes moet je niet spotten, zeker niet als je vanuit Papoea Nieuw Guinea in Australië aankomt. Ze hebben ons na uitvoerige inspectie brommend binnengelaten.

Eenmaal buiten de hal keken we naar de sterrenhemel en de prachtige waaierpalmen voor het vliegveld. We snoven onze eerste Australische avondlucht op. Een mengeling van diesellucht van ronkende taxi's en met bleekwater geschrobd plaveisel.