Burma Centrum betoogt bij IHC

AMSTERDAM, 22 AUG. Het Burma Centrum Nederland gaat maandagmiddag demonstreren bij de poort van IHC Caland in Schiedam. Diezelfde dag maakt de producent van baggerschepen en leverancier van hoogwaardige technologie aan de offshore-industrie zijn halfjaarcijfers bekend. De stichting, die zich inzet voor de democratisering en duurzame ontwikkeling in Myanmar (voorheen Birma), zet daar tijdens het protest feiten over de misstanden in Myanmar tegenover.

Op deze wijze wil de organisatie IHC ertoe bewegen de investeringen in het land onmiddellijk te beëindigen. Het Schiedamse bedrijf sleepte onlangs een order in de wacht voor de bouw van een olie-opslagtank in de zeewateren van Myanmar. Met de opdracht zijn honderden miljoenen guldens gemoeid.

IHC maakt zich daarmee volgens het Burma Centrum medeschuldig aan het instandhouden van de repressie. Het bedrijf verkrijgt zijn winsten door de in Myanmar geïnstitutionaliseerde dwangarbeid, aldus de stichting. De ILO, de internationale vakorganisatie van de Verenigde Naties, bevestigde dit donderdag in een rapport.

Het Burma Centrum vroeg IHC Caland al op 13 juli de order te schrappen. Ook organisaties als Novib en XminY Solidariteitsfonds, FNV en CNV hebben de directie van het concern gevraagd gehoor te geven aan de oproep van oppositieleidster Aung San Suu Kyi aan het internationaal bedrijfsleven om niet in Myanmar actief te zijn. Bestuursvoorzitter J. Bax heeft al laten weten dat hij de order niet laat schieten. IHC Caland is onderaannemer in het olieproject en heeft geen Birmese werknemers in dienst.

Ook het kabinet is niet gecharmeerd van investeringen in Myanmar maar ziet geen juridische mogelijkheden om bedrijven die dit wel doen aan te pakken, schrijft staatsscretaris Ybema (Economische Zaken) aan de Tweede Kamer. In de antwoorden op Kamervragen wijst hij er nogmaals op dat de regering het mensenrechtenbeleid van het bewind in Myanmar ten sterkste veroordeelt. (ANP)