Onderweg met George Banken; 'De hele wereld mist zijn kinderen'

Iedere week rijdt deze krant met een ondernemer mee op de achterbank. Hoeveel mobiele telefoons heeft hij? En hoe vaak zit hij er mee te bellen? Deze week: George Banken, directievoorzitter van Detron, telecommunicatie en industriële automatisering - binnenkort genoteerd aan de Amsterdamse beurs.

Auto donkergroene Audi S8 (“sobere uitstraling, ik heb er zelf een hekel aan als mensen in een Porsche komen voorrijden”)

Route van het Amstel Hotel in Amsterdam naar een overname- kandidaat in Den Haag

AMSTERDAM, 21 AUG. “Voor mij”, zegt George Banken (34), “bestaat er geen onderscheid tussen privé en werk. Vergaderen met de directie doen we op zondagochtend, potje tennissen, eitje bakken en ondertussen praten we. Achter mijn bureau begin ik na anderhalf uur te draaien. Ik ben veel liever onderweg. Heerlijk! Ik woon in het zuiden, maar vier, vijf dagen per week zit ik in het westen - bij mijn klanten. Vanochtend was ik in Hilversum, nu ben ik hier, straks ga ik naar Den Haag en vanavond eindig ik in Kijkduin.”

Hij prikt in de omelet die hij snel even eet. Er zit tomaat in. Hij had champignons besteld. En hij was toch al geïrriteerd, omdat de ober zijn lunch niet in de lounge wilde serveren, alleen op het terras. En daar stormt het.

“Ik hou”, zegt hij, “van gezelligheid. Ik drink graag een kop koffie met mijn klanten, we praten een beetje over voetbal en ondertussen vraag ik: hoe is de business?”

Zeven telefoons heeft hij in zijn auto liggen - van elk merk waarvoor hij werkt één. “Natuurlijk gebeurt het me dat ik met mijn Motorola bij Nokia zit en met mijn Nokia bij Ericsson.”

Hij heeft abonnementen bij KPN Telecom èn Libertel.

“Op deze lijn”, wijst hij, “kunnen mensen van kantoor mij bellen. Die andere lijn is voor mijn klanten. Die staat dag en nacht open. Klanten kunnen mij altijd bellen en als er een probleem is, roep ik: ik kom het nu voor je oplossen.”

Zijn bedrijf groeide in zeven jaar tijd van 13 naar 2.000 man. Hij betaalt zichzelf 2,5 ton per jaar, hij heeft een chauffeur, een boordcomputer en een radar die begint te kraaien bij iedere camera langs de weg.

“Mensen zeggen tegen me: geweldig, prachtig, wat een succes. Ja, geweldig, maar ik heb wel vijf jaar lang met mijn nek in de strop gezeten. Het succes komt nu pas.”

En maakt het gelukkig?

“Ultiem gelukkig, ja. Maar er blijven risico's. Ik ben een pionier en anderhalf jaar geleden begonnen de mensen in mijn bedrijf te zeggen: ga nu eens managen. Een klant zei: ik hoor dat iedereen bij jullie verandert, behalve jij. Dat was een heel moeilijke periode. Ik moest mijn zwakheden onder ogen zien. Ik ben chaotisch, ik breng geen structuur aan, ik kan niet operationeel sturen. Tot voor kort maakte ik mijn eigen afspraken nog. Nu heb ik twee secretaresses. En ik heb nu heel goeie mensen die wèl kunnen managen. Mijn kracht blijft dat ik kan motiveren. Ik douw iedereen de goeie kant op. En dat is ook de kracht van mijn bedrijf. Ik stuur op cultuur. Ik wil dat mensen het leuk en prettig vinden om bij Detron te werken. Iedere zes weken nodig ik op zaterdagmiddag een spreker uit en daarna gaan we drinken en eten. Ik denk: als je in het weekend vrienden bent, zul je elkaar op maandag niet eh... Ik eis wel van mijn mensen dat ze full dedicated zijn. We hebben het nu over de harde kern van 200 mensen. Van hen accepteer ik niet dat ze 's avonds of in het weekend onbereikbaar zijn.”

En als ze kinderen hebben?

“Zelf heb ik ook kleine kinderen. De jongste is zes weken, de oudste twee jaar. Maar mijn vrouw is nu net gestopt met werken. Ze was kleuterleidster. Je moet keuzes maken. Dat is een discussie die je samen hebt hè. We hebben nu afgesproken: deze jaren zorgt zij voor de kinderen. Maar het is niet zonder slag of stoot gegaan. Mijn geluk was dat ik mijn bedrijf al had toen we elkaar leerden kennen. Ze wist waar ze aan begon.”

Zie je je kinderen weleens?

“'s Zondags. En ik probeer iedere ochtend met ze te ontbijten. Om zeven uur haal ik ze uit bed, om acht uur gaan we aan tafel en om negen uur zit ik in de auto. En ik bel minimaal twee keer per dag naar huis. Van de week, ik zit toevallig een paar uur achter elkaar op kantoor, ik bel mijn vrouw en ze vertelt dat ze gaat winkelen. Ik zeg: ik heb jullie in geen drie dagen gezien, kom even langs. Dat kan bij ons hè. Iedereen zit te werken en opeens komen die drie dames binnen.”

Het klinkt een beetje verdrietig.

“Alles heeft zijn keerzijde. En ik denk: de hele wereld mist zijn kinderen.”