Big Stick favoriet wapen VS

De Amerikaanse aanvallen op Afghanistan en Soedan zijn uitgevoerd met 75 tot 100 kruisraketten. De raketten zijn sinds de Golfoorlog verbeterd en daardoor doeltreffender.

AMSTERDAM, 21 AUG. Vier marineschepen en een kernonderzeeër in de Indische Oceaan en twee oorlogsbodems in de Rode Zee zouden de kruisraketten van het type TLAM, Tomahawk Land Attack Missile, gisteren gelijktijdig hebben gelanceerd. Het is de vijfde keer dat de strijdkrachten van de Verenigde Staten gebruik maken van dit type raket, dat hiermee definitief een favoriete status ten opzichte van andere wapensystemen lijkt te hebben veroverd. Eerder werden Tomahawks ingezet in de Golfoorlog, in 1991, bij latere conflicten met Irak, later in 1991, in 1993 en 1996, en tegen Bosnisch-Servische doelen in 1996. De Amerikaanse marine noemt de Tomahawk inmiddels de Big Stick, naar analogie van de woorden van president Theodore Roosevelt “Speak softly, but carry a big stick.”

De kruisraketten zijn oorspronkelijk in 1972 ontworpen om kernkoppen af te leveren op strategische doelen diep in de Sovjet-Unie. Ook werd een versie ontwikkeld die bedoeld was tegen schepen. Maar ook voor conventionele aanvallen bleken ze geschikt. Het slimme van de kruisraket is dat deze met een radar het reliëf kan volgen van het landschap dat op de voorgeprogrammeerde route ligt. De contouren van het onder hem door schietende terrein vergelijkt de raket met een digitale kaart in het geheugen. De digitale kaart is afkomstig van een radarsatelliet. Doordat de Tomahawk zo laag vliegt, is hij onzichtbaar voor de meeste radar-systemen.

Na de Golfoorlog bleek dat de Tomahawks niet zo doeltreffend waren geweest als de Amerikaanse strijdkrachten aanvankelijk hadden beweerd. Als succes-percentage werd het aantal Tomahawks gehanteerd dat zonder mankeren de lanceerinstallatie had verlaten. Maar daarna bleek nog van alles mis te kunnen gaan: ze plonsden buiten zicht in zee of konden hun doel niet vinden. De nu gebruikte raketten zijn van de verbeterde versie - de zogeheten Block III. Deze beschikken onder andere over het nauwkeurige satelliet-navigatiesysteem GPS. Een Block IV is in de maak: deze moet tijdens de vlucht nog koerscorrecties kunnen ontvangen die via een satelliet worden doorgeseind.

De VS beschikken volgens officiële opgave over zo'n 3500 Tomahawks, die kunnen worden gelanceerd door zowel onderzeeboten - die er 12 kunnen meevoeren - en 'Ticonderoga'-kruisers en 'Arleigh Burke'-destroyers, die er bijna honderd aan boord kunnen hebben. Deze zijn er in twee types: de TLAM-C met een lading van zo'n 500 kilo springstof, en de TLAM-D die clustermunitie over het doel 'uitstrooit'. De nucleaire versie is na een kernverdrag met Rusland in 1992 uit dienst genomen.

Dat voor de aanvallen op Afghaanse en Soedanese doelen Tomahawks zijn gebruikt en geen vliegtuigen, zoals eerst werd beweerd, heeft een paar redenen. Allereerst lopen hierbij de piloten niet het gevaar door luchtafweer of technische defecten op vijandelijk gebied terecht te komen. Nu is de luchtafweer van de twee landen waarop de aanvallen werden uitgevoerd praktisch non-existent, maar wie tot Afghanistan wil doordringen, moet eerst door het Pakistaanse of Iraanse luchtruim passeren. En die landen hebben wel aanzienlijke luchtverdedigingscapaciteiten. Bij het inzetten van bemande vliegtuigen moeten altijd eenheden in de buurt zijn die neergehaalde piloten uit vijandelijk gebied kunnen oppikken. De transporthelikopters die hiervoor worden gebruikt hebben niet zo'n groot bereik en zijn zélf kwetsbaar. Daar komt bij dat de gevechtsvliegtuigen met een groot bereik, zoals de B-1B Lancer en de slechts voor radar zichtbare B-2 Spirit bommenwerpers technisch onbetrouwbaar zijn gebleken.