ABN Amro's draaimolen in Azië geeft winst een zetje

In de kernmarkten van ABN Amro bloeit de economie. Het balanstotaal is 1.000 miljard gulden voorbij. Op de beurs heerst een hausse. En de Azië- crisis? Die bijt niet door. Schipperen in den vreemde.

AMSTERDAM, 21 AUG. Modern bankieren? Dat is schipperen met probleemkredieten en de kosten drukken, vooral op de rijpe thuismarkten. De 20 procent stijging van de nettowinst (naar 2,45 miljard gulden) die ABN Amro gisteren meldde, staat in het teken van de vele gezichten van de Azië-crisis. Bestuursvoorzitter mr. J. Kalff liet op een persconferentie een fruitmand aanrukken om duidelijk te maken hoe beurse kredieten eruit kunnen zien.

De val van de Aziatische economische tijgers, die vorig jaar juli begon en nog steeds niet tot rust is gekomen, heeft voor ABN Amro tegenstrijdige gevolgen. De kantoren van de bank in de regio, zoals in Indonesië, draaien als nooit tevoren: burgers wantrouwen hun lokale banken en zoeken veiligheid bij gerenommeerde buitenlandse instellingen.

Lokale bedrijfsklanten voelen terugval van economische bedrijvigheid en consumentenvertrouwen. Bedrijven met betalingsproblemen op leningen in lokale valuta van het lokale bankkantoor komen in de categorie specifieke probleemleningen. Voor deze categorie heeft ABN Amro geld gereserveerd nadat ten laste van de winst over 1997 al een reservering was gevormd van 530 miljoen gulden. Van dit appeltje voor de dorst is nog bijna de helft beschikbaar voor dreigende stroppen in het tweede halfjaar, vertelde Kalff gisteren.

Leningen aan lokale bedrijven die dochters zijn van grote westerse concerns, hebben geen hoog risicogehalte. Moeder is er goed voor. Dan zijn er nog leningen in westerse valuta vanuit internationale financiële centra als Singapore aan bijvoorbeeld een bedrijf in Indonesië. Kan de bedrijfsklant in de economische malaise de rente wel blijven betalen? Kan hij tijdig de benodigde vreemde valuta krijgen van zijn lokale centrale bank om de aflossingen te voldoen? Zo niet, dan wordt dit een zogeheten landenrisico. Daarvoor heeft ABN Amro in de eerste zes maanden 365 miljoen gulden opzij gezet. Maar dat is nog niet alles. De bank heeft ook internationale leningen die oorspronkelijk waren verstrekt vanuit plaatsen als Singapore overgeheveld naar lokale kantoren, bijvoorbeeld in Indonesië. “De liquiditeit daar is enorm toegenomen”, vertelde Kalff. Door deze “wisseltruc” verdwijnt het landenrisico, waarvoor De Nederlandsche Bank aparte, onlangs verzwaarde richtlijnen heeft die tot extra reserveringen nopen. Het risico van wanbetaling door de specifieke debiteur blijft wel bestaan, maar de bank heeft meer eigen bewegingsvrijheid of en hoeveel voorzieningen worden getroffen.

Uitkomst van deze financiële draaimolen: de winst van ABN Amro stijgt rustig door. Kalff:“Wij zijn er wel een pietsie trots op.” En er is nog een extraatje: verhoogde kansen op overnames in een regio die tot voor kort zo goed als afgesloten was voor westerse banken. “Mogelijkheden die zich niet zullen herhalen”, aldus Kalff, die onlangs al toesloeg met een overname in Thailand.

De Azi¨-crisis heeft het groeitempo van de internationale zaken geremd, maar de divisie is ruimschoots de meest winstgevende van ABN Amro, goed voor bijna de helft (48 procent) van het bedrijfsresultaat (3,63 miljard gulden) na reserveringen voor probleemkredieten. Doordat ook de zakenbank (15 procent van het bedrijfsresultaat) het meeste geld in het buitenland verdient, blijft het economische zwaartepunt uit Nederland wegschuiven. De geplande miljardenovername van de Braziliaanse Banco Real geeft de internationalisatie een extra duwtje.

In de kernregio's, Nederland, rest van Europa en Amerika, bloeit de economie en stijgen de winsten van de bank, vooral doordat de kredietvolumes groeien en de kosten beheerst worden. Op de rijpe Nederlandse bankenmarkt stegen de inkomsten drieprocentpunt harder dan de kosten. Meer dan trots gaf Kalff het ultieme voorbeeld van volumegroei: ABN Amro heeft de grens doorbroken van 1.000 miljard gulden balanstotaal.

Of de bank daarmee nummer één in Nederland kan blijven is de vraag. De nieuwe combinatie van Rabobank en Achmea zou nog wel eens een maatje groter kunnen worden. Op de Nederlandse markt zal deze coöperatieve combinatie een gigant zonder weerga zijn, juist op terreinen waarop ABN Amro ambitieus wil groeien: verzekeringen. Niet alleen levensverzekeringen, maar ook geprivatiseerde sociale verzekeringen, een markt die de laatste twee jaar tussen enkele grote partijen (waaronder Achmea en Rabobank) is verdeeld. Over de oprichting van een uitvoeringsinstelling voor sociale verzekeringen praat de bank met andere partijen.

Wat vindt Kalff van de samenklontering op de thuismarkt. Moeten de toezichthouders, inclusief de Nederlandse Mededingsautoriteit (NMa), die formeel niet bevoegd is bij financiële fusies, maar wel een voet tussen de deur wil krijgen, paal en perk stellen aan het verbond van Rabo en Achmea?

“Ik heb het volste vertrouwen dat de NMa zijn werk goed zal doen. Er zitten uitstekende mensen. ” En paal en perk stellen? “Die vraag wil ik niet beantwoorden.”