'Zuid-Afrika zat achter dood VN-chef'

JOHANNESBURG, 20 AUG. De Zuid-Afrikaanse Waarheids- en Verzoeningscommissie heeft gisteren onthuld een briefwisseling te hebben gevonden waaruit zou blijken dat Zuid-Afrika achter de dood zat van de vroegere secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de Zweed Dag Hammarskjöld, wiens vliegtuig onder mysterieuze omstandigheden neerstortte in september 1961. De documenten maken melding van Amerikaanse en Britse steun bij de moordaanslag. Zuid-Afrika zou eerder dat jaar ook betrokken zijn geweest bij de moord op de Congolese premier Patrice Lumumba.

Emeritus aartsbisschop Desmond Tutu, voorzitter van de Waarheidscommissie, zei gisteren dat onderzoekers in archieven van de geheime dienst stuitten op brieven van Zuid-Afrikaanse agenten, die onder de codenaam 'Operation Celeste' informatie uitwisselden over een plan om Hammarskjöld te vermoorden. De commissie bracht de documenten gisteren in de openbaarheid; alleen de namen van de Zuid-Afrikanen zijn in de kopieën verwijderd, omdat, zo zei Tutu, de personen in kwestie nog niet konden worden getraceerd. De commissie is er bovendien niet zeker van of de brieven echt zijn. De originele, ongecensureerde exemplaren zijn overhandigd aan justitie voor nader onderzoek.

De documenten dragen als briefhoofd 'South African Institute for Maritime Research' en een adres in Johannesburg. Volgens de Waarheidscommissie was dit niet meer bestaande instituut een mantelorganisatie van het Zuid-Afrikaanse leger. De eerste brief, gedateerd 12 juli 1960, is gericht aan kapitein ... en verstuurd door commandant ... en maakt melding van problemen in Congo, waar Moïse Tshombe de rijke provincie Katanga wil afscheiden. De VN willen hun “vuile handen” op Katanga leggen, zo schrijft de 'commandant'. In de tweede brief staat dat de 'kapitein' zich gereed moet maken om de Katangese “Baluba-strijders” en de VN te weerstaan. In de latere correspondentie worden in detail de plannen besproken om Dag Hammarskjöld te “verwijderen”. De 'commandant' schrijft dat dit op een “meer doeltreffende manier moet gebeuren dan de moord op Patrice”, een verwijzing naar Lumumba, die in februari 1961 werd vermoord.

De aanslag op Hammarskjöld moest op een ongeluk lijken, zo staat in de brieven. De secretaris-generaal reisde in die dagen rond in de regio in een poging een regeling te treffen tussen de rebellerende Tshombe en de Congolese regering. Pretoria zag Hammarskjöld als een gevaarlijk man die de separatisten in Katanga tegemoet wilde komen, hetgeen Zuid-Afrikaanse mijnbouwbelangen zou schaden.

De 'commandant' legt zijn ondergeschikten uit hoe Hammarskjöld uit de weg moet worden geruimd. Zijn Zweedse DC6-B vliegtuig moet worden voorzien van een bom van zes pond, bevestigd aan het landingsgestel. De bom zal ontploffen op het moment dat het toestel de wielen intrekt, zo staat in de brieven. De 'commandant' zegt dat de Amerikaanse CIA en de Britse MI5 behulpzaam zullen zijn bij de uitvoering. Hij schrijft: “Dulles (destijds CIA-directeur) is het ermee eens en heeft volle medewerking toegezegd.”

Hammarskjölds vliegtuig stortte inderdaad neer, in de nacht van 16 op 17 september 1961, op een vlucht van Elizabethville (nu Lubumbashi) naar Ndola in het huidige Zambia. Brian Urquhart, destijds kabinetschef van Hammarskjölds plaatsvervanger, zei gisteren in een reactie ervan uit te gaan dat de documenten vals zijn en noemde de suggesties van Tutu “vals en ongefundeerd”.