Omagh verenigd in verdriet na aanslag

In Noord-Ierland worden de slachtoffers begraven van de bomaanslag in Omagh afgelopen zaterdag. De woede en het verdriet over de aanslag zijn groot.

OMAGH, 20 AUG. Moeder Wilson wordt ondersteund door haar man en haar dochter Denise. Het gezin loopt achter de kist die is gesierd met het woord 'sister' in bloemen. Langzaam verlaat de stoet de doodlopende straat met bungalows, waar Britse vlaggetjes aangeven dat de wijk protestants is. Het winkeltje is gesloten, de agent op de hoek salueert, de vlag op het stadhuis hangt halfstok. Op Strule Bridge passeert de begrafenisstoet een zee van bloemen voor de andere slachtoffers van de bomaanslag. Het meisje in de kist, Lorraine, werd vijftien.

De tranen vallen nauwelijks op buiten Coppagh Parish Church, want het regent. Honderden kennissen en sympathisanten luisteren buiten doodstil naar de preek die gaat over Lorraine en over vrede. Het protestantse kerkje staat op een heuvel buiten Omagh. Zover als het oog reikt, zijn alleen groene, ronde heuvels te zien. Onder de grijze hemel heffen aarzelende stemmen het lied 'Amazing Grace' aan.

De golf van verdriet die Noord-Ierland deze week overspoelt, bereikte gisteren een hoogtepunt, toen 16 van de 28 slachtoffers van de terroristische bomaanslag werden begraven. De grootschalige en publiekelijke uiting van emotie doet denken aan de week na de dood van prinses Diana vorig jaar. Voor het eerst zijn zowel de protestantse als de katholieke gemeenschappen getroffen door een aanslag. De 28 doden en 217 gewonden, van wie acht nog in kritieke toestand verkeren, vielen in Omagh aan beide kanten van de sectarische lijn.

Radioluisteraars vragen dag en nacht plaatjes aan voor de slachtoffers, presentatoren lezen ingezonden steunbetuigingen voor. Er is een Omagh-fonds geopend voor de getroffen families, in het hele land worden herdenkingsdiensten gehouden en liggen condoléanceboeken. Particulieren en hotels bieden in de omgeving van ziekenhuizen accomodatie voor familieleden van gewonden. De preken van elke begrafenis worden uitgezonden. Paters, dominees en predikanten spreken over het kwaad van de terroristen, de donkerste dagen van het stadje Omagh en over vrede. “Als hun doel was om te polariseren en de katholieke en protestanten verder uit elkaar te drijven, dan hebben ze gefaald”, zei de predikant bij de begrafenis van Lorraine. “De gemeenschappen zijn sinds de tragedie dichter bij elkaar dan ooit. Verenigd in verdriet.”

Lorraine werkte elke zaterdag met haar vriendin Samantha als vrijwilliger in een Oxfam-winkel, die tweedehands kleding verkoopt voor de derde wereld. Zo ook afgelopen zaterdag, toen om 15.10 uur de bom van de Real IRA in het winkelcentrum explodeerde. Haar zusje Denise vertelt op de begrafenis dat Lorraine altijd klaarstond voor iedereen en dat ze na de zomer haar schoolresultaten wilde opkrikken.

Op de Omagh Integrated Primary School, de enige gemengde basisschool in de omgeving, zullen de 200 leerlingen na de vakantie alle ruimte krijgen om te praten over de aanslag, zegt schoolhoofd Eric Bullick. Geen van zijn leerlingen of hun ouders is gedood, “maar velen zijn ongetwijfeld naar begrafenissen van familieleden of buurtbewoners geweest” want Omagh heeft grote families. De kinderen kunnen gedichten schrijven en tekeningen maken over de aanslag. Aan de muur hangt al een tentoonstelling van tekeningen die leerlingen maakten over integratie: in de zon houden katholieke poppetjes de hand vast van protestantse poppetjes.

Bullick is protestants, getrouwd met een katholieke vrouw, en behoort tot de kleine groep inwoners van Omagh en Noord-Ierland die al jaren niets willen weten van sectarische scheidingen. Hij gelooft dat de aanslag de vrede dichterbij brengt. “De woede en het verdriet zijn zo groot dat er geen draagvlak meer lijkt te zijn voor geweld, zelfs onder voormalige terreurgroepen zoals de IRA en de INLA. Mensen worden hier nog wel geraakt door begrafenissen hoor, ze zijn er niet aan gewend geraakt. De moord op de drie katholieke broertjes in juli maakte een eind aan de diepgewortelde Drumcree-impasse. Hopelijk maakt dit een eind aan alle geweld.”

Zulke optimistische geluiden en de nadruk die geestelijken leggen op het vredesproces, steken af tegen de collectieve roep van Engelse, Noord-Ierse en Ierse politici om harde maatregelen tegen de daders. Het meest onvoorstelbare contrast vormde de uitspraak gisteren van de Engelse vader die zijn 12-jarige zoontje James Baker net had begraven. “De daders hoeven van mij geen straf te krijgen, maar laat ze ophouden met het doden van kinderen. Alleen als zoiets nooit meer gebeurt, zal er enige troost mogelijk zijn voor de moeder van James.”