Virus uit 1918 in perma-frost bewaard

Op Spitsbergen worden de bevroren stoffelijke resten opgegraven van in 1918 aan de Spaanse griep overleden slachtoffers. Het is een poging om de genetische code van het dodelijkste aller griepvirussen te ontrafelen.

ROTTERDAM, 19 AUG. Gisteren bezochten in Longyearbyen op Spitsbergen 50 mensen de laatste informatieavond over de opgraving van de Spaanse-griepdoden van het plaatsje. Vandaag en morgen bouwen de onderzoekers een tent over de vijf eenvoudige witte houten kruisen op het begraafplaatsje. Vrijdag begint het graven.

De belangstelling van de plaatselijke bevolking was beperkt. Er kwamen vooral journalisten opdagen. Maar dat was anders toen een jaar geleden het uit Canadezen, Noren, Amerikanen en Britten bestaande onderzoeksteam voor het eerst op het eiland verscheen om zijn plannen uit te leggen. Toen liepen de emoties hoog op tijdens enkele druk bezochte hoorzittingen.

De onderzoekers vroegen de bevolking toestemming om het gezamenlijke graf van zeven in 1918 aan de Spaanse griep overleden plaatsgenoten - vaak verre familie van veel huidige bewoners - te openen voor virologisch onderzoek. De meeste overledenen waren jonge mannen die nog ongetrouwd en kinderloos waren. Een van hen, Kristian Hansen, had een driejarige dochter toen hij overleed. Zij heeft toestemming gegeven om haar vader op te graven en delen van zijn longen, keel en hersenen voor onderzoek te verwijderen. Net zo belangrijk was de vraag of het virus zou kunnen ontsnappen en nieuwe slachtoffers zou kunnen maken. De doden liggen begraven in de perma-frost, in grond die ook 's zomers niet ontdooit. Waarschijnlijk zijn de lijken meteen na hun begrafenis bevroren en nooit meer ontdooid.

“Er is een oneindig kleine kans dat daar beneden nog levende virusdeeltjes aanwezig zijn die een besmetting kunnen veroorzaken”, aldus de Britse viroloog Rod Daniels van het Britse National Institute of Medical Research. Griepvirussen overleven normaal gesproken niet lang in de grond of in dood weefsel. Toch bouwen de onderzoekers een opblaasbare tent met luchtsluizen en -filters over de graven. In die tent gaan ze aan het werk in beschermende kleding en ze ademen lucht die van buiten wordt aangevoerd. Ze slikken van te voren een nog experimenteel medicijn dat tegen influenza-infecties moet beschermen. Nog maar weinig mensen die nu leven bezitten afweerstoffen tegen het griepvirus dat in 1918 ontstond, hoewel minder dodelijke nakomelingen van het Spaanse-griepvirus lang hebben gecirculeerd.

Doel van de opgraving, waartoe de Canadese hoogleraar Kirsty Duncan, een archeologe van de universiteit van Toronto, vijf jaar geleden het initiatief nam, is om het griepvirus dat in 1918 en 1919 wereldwijd ongeveer 40 miljoen levens eiste zo compleet mogelijk in handen te krijgen en er de genetische code van te bepalen. De kans op isoleerbare en redelijk intacte RNA-moleculen, waarin die genetische code vastligt, is groter omdat de lijken steeds in de natuurlijke diepvries hebben gelegen.

De genetische code van het 1918-virus bevat het antwoord op een vraag die al 80 jaar onbeantwoord is.

Pagina 5: Griepvirus is nogal slordig

Hoe kon de in 1918 ontstane nieuwe variant van het influenza-A-virus voor de mens zo besmettelijk en dodelijk zijn? De slordige manier waarop virussen zich vermenigvuldigen garandeert dat er steeds nieuwe genetische variaties ontstaan, waarvan er toevallig één een eigenschap kan hebben die hem op korte termijn betere groeikansen heeft. Maar voor zijn gastheren kan dat funest zijn. Bekend is dat verschillende influenzavirussen die in varkens, vogels en mensen leven kunnen mengen tot een nieuw gevaarlijk virus. Eind vorig jaar leek het erop dat in Hong Kong een influenzavirus direct van vogels naar mensen oversprong. Het kon mensen ziek maken en doden, maar het veroorzaakte (nog) geen wereldwijde epidemie omdat het slecht van mens naar mens oversprong.

Kleine delen van de genetische code van het Spaanse-griepvirus zijn sinds vorig jaar bekend. Amerikaanse onderzoekers isoleerden brokstukken uit in formaline bewaard longweefsel van in 1918 overleden Amerikaanse militairen. Vorige week publiceerden andere Amerikaanse virologen een moleculair mechanisme waardoor het 1918-virus bij zoveel mensen zo massaal infecties kon veroorzaken. Zij werkten met een nakomeling uit 1933 van het Spaanse-griepvirus. Maar om het raadsel van de Spaanse griep echt op te lossen is de complete genetische code nodig. Als de opgraving in Longyearbyen bruikbare virusresten oplevert, is die code over een jaar beschikbaar.