Mister Utrecht neemt afscheid van zijn cluppie

Voetballer John van Loen nam gisteravond afscheid van FC Utrecht, waar hij in 1984 zijn profcarrière begon. De 33-jarige spits vertrekt naar Hapoel Nicosia. Volgend jaar keert hij terug in de Galgenwaard als jeugdtrainer.

UTRECHT, 19 AUG. Speel nooit een afscheidswedstrijd tegen een Duitse club, leerde Johan Cruijff in 1978. Hij verloor in het shirt van Ajax met 8-0 van Bayern München. Twintig jaar later blijkt FC Utrecht de voetballes te zijn vergeten. Het officiële afscheid van John van Loen ging gisteravond gepaard met een 4-1 nederlaag tegen Borussia Dortmund. Na een geslaagde kaatsbal en een kansrijke kopbal verdween het feestvarken halverwege de eerste helft ogenschijnlijk emotieloos in de catacomben van de Galgenwaard. “Ik jank alleen als er wat met die kleine gebeurt.”

De zevenjarige Denny van Loen heeft de lange benen en het modieuze kapsel van zijn vader. Hij mocht meelopen met de ereronde en verbleef tot na middernacht in de businessruimte van FC Utrecht. Intussen moest zijn vader toespraken aanhoren van clubbestuurders, teammanagers en plaatselijke zakenlieden. Pas toen een mongoloïde supporter het woord nam, toonde John van Loen zijn gevoelens. De lange voetballer kuste de kleine gehandicapte en gaf hem een aai over de bol. “Ik ken die gozer al bijna twintig jaar. Hij is voor mij de ware supporter. De rest loopt hier alleen maar mooie praatjes te verkopen.”

Het vrolijke afscheidsfeest voor de geboren en getogen Utrechter stond haaks op de vijandige sfeer van de afgelopen maanden. Het bestuur van de plaatselijke FC had geen behoefte aan een verlenging van het spelerscontract en forceerde een gedwongen vertrek. Maar het Regionaal Bestuur Arbeidsvoorzieningen (RBA) ging niet akkoord met de ontslagaanvraag en dwong beide partijen aan de onderhandelingstafel. Van Loen dreigde met een arbitragezaak, het bestuur bood hem vervolgens een trainersfunctie aan. Komend voorjaar neemt hij afscheid als voetballer bij de Cypriotische club Hapoel Nicosia. Daarna krijgt hij de A1-junioren van FC Utrecht onder zijn hoede.

“Ik bepaal graag zelf wanneer ik stop”, verklaart Van Loen zijn derde buitenlandse avontuur. Na FC Utrecht, Roda JC, Anderlecht, Ajax, Feyenoord en Hiroshima San Frecce keerde hij twee jaar geleden terug op het oude nest. Hij vormde een gevaarlijk aanvalsduo met Michael Mols, volgens Van Loen de beste aanvaller met wie hij ooit heeft samengespeeld. Hij vergeet de naam van Marco van Basten, zijn elftalgenoot bij de Utrechtse amateurclub UVV. “Gelukkig hebben mijn enkels het langer volgehouden”, verwijst Van Loen naar de kwetsbare gewrichten van Van Basten. “Ik heb vorig jaar negen maanden moeten revalideren. Als ik er nu mee zou kappen, was alle moeite voor niks geweest.”

Van Loen vertrekt vandaag naar Nicosia, waar hij voorlopig elke ochtend en elke avond op het trainingsveld verschijnt. Het oefenschema van Hapoel is aangepast aan de hittegolf die Cyprus de laatste weken teistert. “We beginnen om zes uur met aerobics”, zegt Van Loen met de vertrouwde grijns op zijn rossige gelaat. “Voor mij komt het goed uit, want anders verbrand ik levend.” Pas als hij zijn appartement naar tevredenheid heeft ingericht, vertrekt de rest van het gezin naar Cyprus. “Denny gaat naar een internationale school. Maar als het niet klikt, gaat hij meteen terug naar Nederland. Ik wil het jochie niet ongelukkig maken.”

De zachtaardige opvoeder is buiten het veld een beminnelijke sportman. Hij maakte bij FC Utrecht regelmatig een praatje met de wasvrouw, hij dolde met de vaste supportersschare, hij toonde geen sterallures. Van Loen is een voetbalmiljonair die zijn eigen beperkingen heeft leren kennen. Hij is geen begaafde technicus, geen geboren goaltjesdief. Hij maakte bij FC Utrecht 51 doelpunten in 166 competitieduels. Hij was in 1985 verantwoordelijk voor de enige treffer in de bekerfinale tegen Helmond Sport. “Ik was de man van het simpele spel.”

Met zijn houterige motoriek wekte hij de lachlust bij de supporters van Anderlecht, waar hij als 'een wandelende lantaarnpaal' werd afgeschilderd. Bij Ajax was hij wel populair, maar niet succesvol. Bij Feyenoord beleefde hij een paar jaar geleden het dieptepunt in zijn vijftienjarige profloopbaan. Hij werd steeds vaker uitgefloten en reageerde zijn frustraties af met bikkelharde overtredingen.

Van Loen: “Ik kreeg brieven met kogels, scheermesjes en nog meer gekkigheid. Na een paar rode kaarten kon ik in Rotterdam niks meer goed doen. Ik heb hulp gekregen van een magnetiseur, die mij geestelijk heeft opgekrikt. Daarna ging het weer wat beter bij Feyenoord, maar het blijft een zwarte bladzijde in mijn carrière. Ik ben blij dat FC Utrecht mij een nieuwe kans heeft gegeven. Hier ben ik altijd op waarde geschat. Dit is toch altijd mijn cluppie gebleven.”