Ikea-oprichter Kamprad over wodka en fascisme

De 72-jarige oprichter van meubelgigant Ikea, Ingvar Kamprad, vertelt in een nieuw boek over zijn bedrijf voor het eerst openlijk over zijn drankprobleem, zijn fascistische sympathieën en de winst- en omzetcijfers van Ikea.

ROTTERDAM, 19 AUG. De miljardair kwam met zijn 65-plus-kortingskaart voor het openbaar vervoer naar de persconferentie. “Mijn kaart is bijna vol, maar ik heb nog genoeg strippen om weer terug naar de stad te kunnen”, vertelde hij zijn gehoor. “Ik ben voorzichtig met geld, maar wat dan nog. De belangrijkste taak van een bestuursvoorzitter is het voorbeeld geven aan zijn medewerkers. Wij zijn een bedrijf dat op de kosten let.”

De 72-jarige Ikea-oprichter en grootaandeelhouder Kamprad - die volgens het Amerikaanse tijdschrift Forbes een vermogen heeft van 5 miljard gulden, maar altijd economy vliegt - geeft vrijwel nooit interviews.

Afgelopen maandag gaf hij wel openheid van zaken, en een aantal interviews, bij een boekpresentatie in een Ikea-warenhuis in Stockholm. In het boek 'De geschiedenis van Ikea', dat eind deze maand verschijnt, vertelt hij de Zweedse journalist Bertil Torekull over zijn drankprobleem, zijn sympathie voor het fascisme en over de plannen van Ikea, de keten van bijna 150 meubelwarenhuizen in 29 verschillende landen.

Zijn sympathie voor het nazisme in de jaren veertig - “hoewel ik de voorkeur gaf aan Mussolini boven die andere kerel” - noemde Kamprad een jeugdzonde, waarvoor hij in 1994 al eens zijn excuses heeft aangeboden in een brief aan alle medewerkers van Ikea. “Ik heb nu alles verteld. Kan me deze stompzinnigheid ooit vergeven worden?”

Zijn voorliefde voor sterke drank, zo vertelde hij maandag, ontstond in de jaren zestig, toen hij bij het afsluiten van contracten met meubelfabrieken in Polen min of meer gedwongen was wodka te drinken. Hij zei dat hij zijn drankproblemen inmiddels heeft overwonnen en dat hij drie keer per jaar een paar weken lang geen alcohol gebruikt om zijn nieren en lever te zuiveren. Hij raadde zijn drinkende landgenoten aan om hetzelfde te doen.

In de biografie worden ook voor het eerst winst- en verliescijfers van Ikea gepubliceerd. Het concern, dat sinds 1980 formeel eigendom is van de in Nederland gevestigde charitatieve Stichting Ingka Foundation, behaalde in het boekjaar 1996-'97, dat liep tot 31 augustus vorig jaar, een omzet van 46 miljard Zweedse kroon (ongeveer 12 miljard gulden) en een winst voor belastingen van 7,3 miljard kroon (bijna 2 miljard gulden). De omzet dit boekjaar ligt boven de 50 miljard kroon. Inclusief het belang in de winkelketen Habitat en de financiële dienstendivisie ligt de omzet boven de 66 miljard kroon.

Ikea, dat zijn hoofdkantoor in Kopenhagen heeft, is een van 's werelds grootste niet-beursgenoteerde ondernemingen. De beurswaarde is naar schatting ruim 25 miljard gulden. De besloten structuur - inclusief een kasreserve van naar schatting 9 miljard gulden - is een van Ikea's sterke punten, zei Kamprad.

“Als Ikea beursgenoteerd was, zouden we jaarlijks ongeveer 30 procent van onze winst als dividend hebben moeten uitkeren. Nu hebben we dat geld in reserve en kan het gebruikt worden als het nodig is. Ikea is niet te koop. Met het geld kunnen we de expansie financieren, hebben we zekerheid en kunnen we eventuele tegenwind opvangen.”

Kamprad groeide op op een boerderij in de Zuid-Zweedse provincie Smaland. Op zijn zeventiende begon hij op de fiets handel te drijven in lucifers, pennen en stokvis. In 1953 begon hij in Almhult zijn eerste winkel, waar hij zelfgemaakte meubels verkocht. Zijn formule - functioneel design, winkels langs de rand van grote steden, zelfbediening en lage prijzen - bleek een succes. Ikea is inmiddels de grootste keten in meubels en huisraad ter wereld - en de enige die in alle continenten aanwezig is. De catalogus wordt gedrukt in een oplage van 65 miljoen stuks in twintig verschillende talen, waarmee het met de bijbel een van de best gelezen boeken ter wereld is.

Maar Kamprad, die over drie jaar wil aftreden als president-commissaris, heeft nog steeds grootse plannen. Hij is niet geschrokken van de crisis in Azië of de devaluatie van de roebel in Rusland. In Polen moet het aantal winkels verdubbelen tot twaalf, ook in Rusland, andere Centraal-Europese landen en de VS komen er nieuwe winkels.

“Wij maken meubels voor kleine ruimten. En steeds meer mensen wonen in kleine appartementen - niet alleen in Azië en Rusland, ook in Londen en Parijs.”