Demente ouderen steeds vaker in dwangverpleging

DEN HAAG, 19 AUG. Bewoners van verzorgingshuizen die lijden aan dementie en dus verpleeghuiszorg nodig hebben, moeten vaak te lang wachten op een plaats in een verpleeghuis. Hierdoor moeten verzorgingshuizen bewoners steeds vaker onder dwangbehandeling plaatsen om te voorkomen dat zij een gevaar vormen voor zichzelf en anderen.

Dat schrijft de Inspectie voor de Gezondsheidszorg (IGZ) in haar vandaag gepubliceerde jaarverslag over 1997. Volgens de hoofdinspecteur voor de Gezondheidszorg, J. Verhoeff, moet er wat gedaan worden aan de noodgedwongen “illegale zaken” die nu nodig zijn om mensen alsnog de zorg te geven die ze nodig hebben.

Voorbeelden van die illegale zaken zijn volgens Verhoeff het vastbinden op bed en het toedienen van medicijnen tegen de wens van de patiënt in. Verzorgingshuizen mogen mensen nu nog niet onder dwang behandelen. Daarom zou een verruiming van de Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen (BOPZ) overwogen moeten worden, aldus Verhoeff vanmorgen op een persconferentie.

In het verlengde daarvan pleit de inspectie voor een “genuanceerdere blik op wachtlijsten”. Niet iedere wachtlijst is volgens de inspectie even schadelijk en het is dus niet voldoende om “met een zak geld aan te komen om het probleem op te lossen”, aldus Verhoeff.

Mismanagement bij instellingen in de gezondheidszorgzou ook aangepakt moeten worden om de wachtlijsten te verminderen. “Een wachtlijst is pas zorgelijk als de mensen op die lijst ook daadwerkelijk schade ondervinden van het lange wachten”, zei de hoofdinspecteur.

De Inspectie voor de Gezondheidszorg constateert verder dat een samenwerking tussen de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Onderwijs noodzakelijk is om de ongeveer 90.000 kinderen die aan leesblindheid lijden, te helpen. Verhoeff: “De hardgrondige haat die deze kinderen hebben tegen alles dat met lezen te maken heeft, remt hen in hun ontwikkeling en dat is zorgelijk.”

Een ander opmerkelijk punt in het jaarverslag is het aantal doden of bijna doden in de gehandicaptenzorg die in de badkamer of in het zwembad vallen. Van de in totaal tien gemelde incidenten waren er zes met dodelijke afloop. Het betrof meervoudig gehandicapten die niet konden aangeven dat zij pijn hadden of dat er iets niet klopte.

Bij een ongeluk was het badwater te heet door niet goed werkende thermostaatkranen. In andere gevallen kwamen mensen onder water terecht en werden ze te laat opgemerkt of was er sprake van een epileptische aanval. Ook was iemand in te diep water in het zwembad terechtgekomen.

“Wat opvalt is dat als verklaring voor het incident in alle gevallen de privacy van de patiënt genoemd wordt. Privacy is een goede zaak, maar mag niet ten koste gaan van de veiligheid”, aldus Verhoeff.