Rustige Bevrijdingsdag; Habibie hult zich in het boetekleed

JAKARTA, 17 AUG. Namens de Indonesische regering heeft president Habibie spijt betuigd over schendingen van de mensenrechten die krijgsmachtonderdelen afgelopen dertig jaar hebben begaan in Atjeh, Oost-Timor en Irian Jaya.

In zijn toespraak voor het parlement, afgelopen zaterdag, ter gelegenheid van de viering, vandaag, van de 53ste verjaardag van Indonesiës onafhankelijkheid, bood Habibie zijn verontschuldigingen aan, in het bijzonder aan de families van de slachtoffers.

De nieuwe president, die zijn ambt morgen negentig dagen bekleedt, legde in zijn rede de nadruk op democratisering, rechten van de mens en herstel van de Indonesische economie. De strijdkrachten zullen volgens Habibie doorgaan gaan met een proces van professionalisering en herziening van de zogenoemde dwifungsi (dubbelrol), die het leger een belangrijke rol geeft in het landsbestuur.

Opvallende afwezige was zaterdag oud-president Soeharto (77), die wel was uitgenodigd. Zelfs de naam van de man die veertig jaar lang zijn beschermheer was noemde Habibie in zijn rede geen enkele keer. Ook vandaag ontbrak de voormalige leider van Indonesië voor het eerst in 32 jaar tijdens de traditionele militaire parade bij het presidentiële paleis. Het garnizoen van Jakarta is de afgelopen weken, na hardnekkige geruchten over nieuwe plunderingen die vandaag zouden uitbreken, in staat van hoogste paraatheid gebracht. Bevreesd voor een herhaling van het anti-Chinese geweld van 13 en 14 mei, weken vele etnische Chinezen uit Jakarta en Surabaya uit naar Singapore en Bali, terwijl de autoriteiten duizenden veiligheidstroepen achter de hand hielden.

De gouverneur van Jakarta, Sutiyoso, zei het afgelopen weekeinde dat burgers zich moesten bewapenen met hakmessen, speren of scharen om zich te beschermen tegen eventuele plunderaars. “Een man die zijn gezin niet beschermt, kan beter een rok aantrekken,” aldus Sutiyoso.

Maar Jakarta bleef vanochtend rustig. Er was weinig verkeer en zeer veel militairen hielden zich op rond het centraal gelegen Vrijheidsplein, dat was afgezet voor alle verkeer.

Habibie erkende in zijn rede met zoveel woorden de universaliteit van de rechten van de mens. Soeharto heeft bij herhaling verklaard dat de mensenrechten een Westerse uitvinding zijn, vooral bedoeld om ontwikkelingslanden de wil op te leggen. Zijn opvolger zei dat het leger begane misdrijven “nu grondig onderzoekt”. Daarmee verwees hij naar het besloten proces van een speciale militaire ereraad tegen drie voormalige hoge officieren van de elitetroepen (Kopassus) die verdacht worden van betrokkenheid bij recente ontvoeringen, martelingen en verdwijningen van activisten.

Hoofdverdachte is de schoonzoon van Soeharto, generaal Prabowo Subianto, die tot maart commandant was van Kopassus. Habibie kondigde ook een onderzoek aan naar het doodschieten van vier studenten van een elite-universiteit op 12 mei en naar de verkrachtingen van Chinese vrouwen in de dagen daarna. Waarnemers verwachten dat de militairen slechts een symbolisch onderzoek zullen instellen om hun bevlekte blazoen schoon te wassen. De 453 parlementsleden die zaterdag Habibie's rede aanhoorden, lieten blijken niet erg onder de indruk te zijn van al diens goede voornemens. Habibie's betoog werd enkele malen onderbroken door lachsalvo's en afgevaardigden waren druk aan het praten.