Morele dilemma's

Dezer dagen lijkt de krant wel een extra moeilijk gemaakte inleefoefening. Bijna alles is onbegrijpelijk (mensen die midden in de nacht een cd van Marco Borsato willen kopen) of onvoorstelbaar: hoe moeten de ouders van het vermoord gevonden jongetje Nicky Verstappen zich voelen - daar durf je bijna niet aan te denken.

Een kind verliezen is al iets verwoestends, een kind kwijtraken doordat een of andere gek het heeft omgebracht, moet een slag zijn die men in geen enkel opzicht meer te boven komt. En de begeleiders van het kamp waarin hij verbleef, hoe voelen die zich? Het is hun schuld niet, niemand heeft iets gezien of gehoord, blijkbaar is de moordenaar geruisloos te werk gegaan, maar toch, het jongetje sliep daar onder hun verantwoordelijkheid. En nu is hij dood.

Dat laatste vertoont meteen al overeenkomsten met de kwestie waarvan ons almaar gevraagd wordt ons erin in te leven: de omstandigheden van de Dutchbatters in Srebrenica. En inderdaad, laten we ons inleven. We zien het voor ons, al was het maar omdat we het op de televisie hebben gezien: de angstige bijeengedreven oude mannen, kinderen, wanhopig naar hun echtgenoten, broers, zonen reikende vrouwen en even verderop de mannen die onder geschreeuw de bus in worden gedreven. Degenen die dit doen zijn niet te verslaan. Wat te doen, voor wie daar, met een blauwe helm op het hoofd, machteloos bij staat? Zich afwenden, niet heulen met de Serviërs, 'geen vuile handen maken', en de zaak maar op zijn beloop laten? Of proberen voor zover mogelijk het leed op deze plek, in deze korte tijd, te verzachten door te voorkomen dat iemand een klap krijgt, dat iemand losbreekt en teruggeslagen wordt - maar om dat te bereiken moet men meewerken aan wat daar gebeurt. En wat er gebeurt, dat is ook de blauwhelm niet onduidelijk. Zelfs al zou hij of zij in de veronderstelling verkeren dat deze mannen niet worden vermoord maar 'alleen maar' ergens heen worden getransporteerd, dan weet hij toch genoeg van etnische 'zuiveringen' en concentratiekampen om te vermoeden dat wat hun te wachten staat verschrikkelijk zal zijn. En hij ziet dat de vrouwen die daar wanhopig staan te huilen dat ook weten.

Is in zo'n omstandigheid elke keus goed, omdat men hoe dan ook niet in staat is om iets werkelijk ingrijpends te doen? Of is dan juist elke keus verkeerd, om precies dezelfde reden? En is het inzicht dat die situatie toen uitzichtloos was, nu reden om 'die jongens' zoals luitenant-generaal Couzy ze vertederd noemt, niets te verwijten, wat er ook gebeurd mag zijn? En hebben de blauwhelmen zichzelf om die reden ook niets te verwijten?

Om met dat laatste te beginnen: Willem Jan Otten schreef ooit eens in deze krant een stuk waarin hij zich voorstelde dat Oidipous bij Sonja Barend in het programma zou komen. Oidipous zou zijn verhaal vertellen. Hoe hij, toen hem duidelijk werd dat hij zijn vader vermoord en zijn moeder getrouwd had, zich van schaamte de ogen uitstak. Dit zou op groot onbegrip stuiten bij Sonja. “Het is toch uw schuld niet”, zou ze zeggen, “u kon er toch ook niets aan doen”? (Of misschien zou ze Oidipous wel tutoyeren, men weet maar nooit.) Ze zou daarmee iets zeggen wat we tegenwoordig heel gewoon vinden: als je ergens niets aan kunt doen, treft je ook geen blaam. Voor haar zou de tragedie van Oidipous niet bestaan. Er is geen tragedie, want hij kon het niet helpen. Dat daar nu juist precies het tragische inzit, dat zoiets als een greep op het eigen leven helemaal niet bestaat, zou Sonja, en ons, instemmende kijkers, ontgaan.

In hetzelfde ellendige parket als Oidipous zaten de Dutchbatters. Ze moesten een keuze maken, maar de goede keuze bestond niet. Ze moeten daar verder mee leven, liefst zonder zich de ogen uit te steken.

Daar komt nog bij dat de Dutchbatters, anders dan Oidipous, onder leiding stonden, hoe weinig die leiding dan misschien ook voorstelde. En wie onder leiding staat is meer dan ooit geneigd om zichzelf van verantwoordelijkheid te ontheffen. Vorig jaar liet Jaap van Heerden in Zomergasten nog zien hoe deelnemers aan een psychologisch experiment bereid waren om op bevel proefpersonen onder zware elektrische stroom te zetten. Sommige deelnemers althans. Er waren er ook die tegen de dwingende opdrachtgever in (“U moet doorgaan, dat is belangrijk voor het experiment, doet u nu maar gewoon wat ik zeg”) weigerden om verder te gaan. Die keuze bestond, ook al werd hij moeilijker gemaakt.

Is het zo dat wat iemand doet in omstandigheden waarin er uitsluitend tussen twee kwaden te kiezen valt, altijd gerechtvaardigd is? Zijn er, met andere woorden, omstandigheden waarin een moreel oordeel niet van toepassing is? En als dat niet zo is, aan wie is het oordeel dan? Misschien kan degene die in dergelijke omstandigheden verkeerde alleen over zichzelf oordelen. Of moet men dat oordeel aan God overlaten. Wij buitenstaanders zijn in ieder geval niet de aangewezen veroordelaars. In dat opzicht heeft Couzy wel gelijk. Wat niet wil zeggen dat er alleen maar van dergelijke situaties zijn geweest daar in Bosnië, dat zich niet ook situaties hebben voorgedaan waarin wel mensenlevens gered hadden kunnen worden, ook al was dat niet makkelijk.

En om de inlevingsoefening nog even voort te zetten: wat te denken als men een van de vrouwen was die daar werden tegengehouden door een blonde soldaat, terwijl zij zag hoe haar man, met hulp van andere in Unprofor-uniform gestoken soldaten, een bus in werd gedreven? Haar enige wens is haar man te redden, of hem tenminste nog één keer te omhelzen, iets liefs te zeggen, iets bemoedigends, ook al lijkt er weinig reden tot hoop. Maar ze kan niet naar hem toe, want er staat een Dutchbatter die haar weghoudt. “Om erger te voorkomen”, zegt die later.

En misschien heeft hij gelijk, misschien zou die vrouw ter plekke neergeschoten zijn als ze aan haar man was gaan hangen of zou ze van hem weggeranseld zijn, waardoor ze zijn laatste ogenblikken niet verlicht maar verzwaard had. Is het aan die vrouw om een moreel oordeel te vellen over hoe 'die jongens' zich daar gedragen hebben? Of moet ook zij zich verplicht voelen om zich de onmogelijkheid van de situatie voor te stellen?

Soms zou het wel makkelijker zijn als het leven wat meer in elkaar zat als een praatprogramma en wat minder als een tragedie.