Het laatste woord

In eindeloze variaties komen ze langs, tientallen malen per dag, van 's morgens vroeg om tien over zeven in het Radio 1 Journaal tot 's avonds vijf voor twaalf in Met het oog op morgen, de gesprekken met deskundige Nederlanders. De presentator zit in de studio, leest een tekst waarin het probleem kort uiteen gezet wordt; en dan volgen de vragen, meestal drie of vier, die via een al dan niet krakende telefoonlijn worden beantwoord. En dan is het gesprek afgelopen. “Meneer van Schaijk, dankuwel”, zegt Annet van Trigt. “Graag gedaan.”

Negen van de tien gesprekken komen op die manier aan hun eind. Onwillekeurig trekken je tenen krom als het einde van een interview nadert. “Laatste vraag, kort antwoord, alstublieft” - ook zo'n tenenkrommende frase, zeker als aansluitend muziek wordt gedraaid - en dan klinkt als regel binnen een minuut de onvermijdelijke afronding: “Graag gedaan.”

Misschien heeft de redactie eindeloos moeten zeuren voordat de betrokkene bij de microfoon of aan de telefoon wenste te komen. Maar altijd weer diezelfde woorden. Swinkels geeft een uitvoerige uiteenzetting over de koppeling van de gegevens van uitzendbureaus en het werklozenbestand. Henk van Hoorn: “Meneer Swinkels, dankuwel.” “Okay!” Het blijft even stil. “Graag gedaan.”

'Informalisering' noemde Jan Kuitenbrouwer het fenomeen in de Volkskrant. Maar het kan nog gewoner. Zoals door europarlementariër Piet Dankert bijvoorbeeld. Henk van Hoorn: “Ik begrijp het, meneer Dankert.” Dankert: “Okay...dáág!”

Er is ook een beleefde variant. De politicoloog Meindert Fennema wordt aan de tand gevoeld door Margriet Brandsma over de procedure die is aangespannen tegen RPF-leider Leen van Dijke naar aanleiding van diens uitlating over homoseksuelen. Brandsma bedankt én kondigt tegelijkertijd af: “Dankuwel, Meindert Fennema”. Fennema: “Tot uw dienst.”

Het laatste woord kan ook zelfbewust, bijna agressief klinken. Jan Greyn spreekt in de rubriek Den Haag Vandaag, onderdeel van Met het oog op morgen, met de toenmalige minister Jorritsma van Verkeer en Waterstaat over de ontwikkelingen rond Schiphol. “Mevrouw Jorritsma, dankuwel.” De minister: “Alstublieft.” Daarin klinkt iets door van: ik leg in het publiek rekening en verantwoording af en dat zul je weten ook. Ook kinderpsychologe Marga Akkerman, geïnterviewd na de dood van volksopvoeder Benjamin Spock, sluit af met een zelfbewust 'alstublieft'. Ook iemand die weinig twijfels kent - althans, zo lijkt het.

De meest onopvallende manier om het gesprek te beëindigen is na het dankwoord van de presentator te zwijgen. Een enkele keer gebeurt dat en het stoort volstrekt niet. Maar daar is wel enige ervaring voor nodig. Correspondenten in het buitenland die vanuit de studio aan de tand worden gevoeld over ontwikkelingen in hun regio zijn er soms toe in staat. Het vergt echter, zeker voor iemand die niet dagelijks voor een microfoon verschijnt, wel een flinke dosis zelfbeheersing om een publiekelijk uitgesproken dankwoord onbeantwoord te laten. Niemand wil tenslotte onbeleefd, ongeïnteresseerd of ondankbaar lijken.

Het zijn vaak Belgen die op de charmantste manier reageren op het dankwoord vanuit de studio. Het was bijvoorbeeld te horen in het Radio 1 Journaal, toen de afgetreden Belgische minister van Justitie Stefaan de Clerck werd bevraagd over zijn vertrek naar aanleiding van de ontsnapping van Marc Dutroux. “Dankuwel, meneer De Clerck.” De Clerck: “Ja, tot genoegen.”

Maar absolute topper blijft de uitsmijter van het Kamerlid Weisglas: “Graag gedaan, en een goede avond voor u - en ook voor de luisteraars.” Toen hij die laatste toevoeging een keer vergat, was Henk van Hoorn zo vriendelijk hem er nog even aan te herinneren: “Ook voor de luisteraars”.