EK atletiek in huidige vorm niet levensvatbaar

Morgen beginnen in Boedapest de Europese kampioenschappen atletiek. Nederland doet met een ploeg van twintig personen mee en hoopt op de eerste medaille sinds lange tijd. Hordenloper Robin Korving lijkt daarvoor de aangewezen man.

BOEDAPEST, 17 AUG. Het is vijf jaar geleden dat Nederland een atletiekmedaille behaalde op een titeltoernooi. Bert van Vlaanderen won toen bij de WK brons op de marathon. De EK van Boedapest vormen een mooie gelegenheid om eindelijk weer eens in de prijzen te vallen. Maar wie moet dat dan doen? Een fitte Marko Koers was een bijna zekere medaillewinnaar geweest, maar hij moet na een langdurige blessure deze kampioenschappen noodgedwongen laten lopen.

Nederland heeft goede vooruitzichten op zo'n zeven finaleplaatsen. Of er met deze groep van twintig atleten en atletes ook een of meer klasseringen bij de eerste drie inzitten, is echter twijfelachtig. Hordenloper Robin Korving lijkt de beste kansen op eremetaal te hebben. Hij blaakt van zelfvertrouwen en rekent op een medaille. Afgelopen week toonde Korving in Zürich aan in vorm te zijn.

Het is opvallend dat Korving nu de man is waarop de hoop is gevestigd. Bij de vorige EK, vier jaar geleden in Helsinki, werd de atleet door technisch directeur Bert Paauw van de atletiekunie KNAU nog openlijk als voorbeeld gesteld voor de slechte instelling van verscheidene Nederlanders. Korving was voorlaatste geworden in zijn serie nadat hij zich tijdens zijn race bewust had ingehouden. Aangezien hij al snel kansloos was voor een goede klassering, zag hij het nut er niet van in om hard door te lopen. Eigenlijk zou Korving nu weer hetzelfde doen, maar hij begrijpt inmiddels dat zoiets van een debutant niet wordt gepikt. “Ik was toen een eigenwijs ventje.”

Hem, en in mindere mate Jacqueline Goormachtigh, werd het falen van de totale Nederlandse ploeg in de schoenen geschoven. Korving kreeg, zoals hij het zelf zegt, “veel geëtter” over zich heen. Het was een onprettige ervaring, maar tevens een belangrijke les die hem heeft gehard. Even leken de vooruitzichten voor de hordenloper slecht, maar Korving heeft zelf nooit getwijfeld aan zijn capaciteiten. Hij nam zich steeds voor terug te vechten. Inmiddels heeft de 24-jarige atleet uit Heerhugowaard zich met een nationaal record van 13,20 tegen de internationale top aan genesteld. Een EK-medaille zou die positie moeten bevestigen.

Het zou zowel voor Korving als voor Nederland een mooie revanche zijn. In Helsinki beleefde de hele atletiek destijds een dramatisch dieptepunt. Technisch directeur Paauw spreekt vier jaar later van “een echec”. Het was voor de KNAU het sein om de zaken anders te gaan aanpakken. Nog lang niet iedereen is tevreden, maar het gaat wel stukken beter. In Helsinki, waar de enige Nederlandse troef Ellen van Langen ter plekke met een blessure afhaakte, bestond de afvaardiging uit liefst 25 man. De oogst was schraal: twee plaatsen bij de eerste acht, de oude Nelli Cooman werd vijfde op de 100 meter en de vrouwen-estafetteploeg eindigde als zesde op de 4x100 meter. In het landenklassement, waarvoor elke klassering punten werden gegeven, stond Nederland uiteindelijk slechts 24ste. Het moet heel raar lopen, wil men zich in Boedapest niet flink verbeteren.

Het evenement in Boedapest is een tweeslachtig toernooi. Aan de ene kant is het op verscheidene onderdelen de gelegenheid voor internationale subtoppers om ook eens in de prijzen te vallen omdat de besten bij die nummers van buiten Europa komen en dus deze week niet meedoen. Gedacht moet dan worden aan alle loopnummers bij de mannen, op de marathon na. Aan de andere kant is het toernooi in sommige opzichten net een WK, omdat alle toppers uit Europa komen, zoals bij de meeste technische nummers.

Wat dat betreft heeft Corrie de Bruin pech. Voor haar is er qua tegenstand geen verschil of ze aan een EK of WK meedoet. Mogelijk is De Bruin net zoals bij de EK indoor toch tot een verrassende prestatie in staat. Hetzelfde geldt voor Ester Goossens, die morgenochtend als eerste van de Nederlandse ploeg in actie komt, op de 400 meter horden. Zij loopt meestal door tot het zwart voor haar ogen ziet en met die instelling kan ze een eind komen. Gert-Jan Liefers gaat in de toekomst zeker medailles winnen. De 19-jarige student heeft de afgelopen weken aangetoond op de 1.500 meter het tempo van de sterkeren al makkelijk aan te kunnen. Verder is het afwachten wie Patrick van Balkom tegenover zich krijgt op de 200 meter. Vooralsnog staat de sprinter met tijd van 20,37 tweede op de Europese ranglijst.

Tot slot rest de vraag hoe lang de EK in deze vorm nog kunnen bestaan. In tegenstelling tot de WK en de lucratieve meetings zijn er geen geldprijzen of auto's te winnen. Daarom is het voor een oudgediende als polsstokhoogspringer Sergei Boebka niet interessant meer om mee te doen. Nog een aantal toppers heeft afgezegd, meestal wegens een blessure, maar over het algemeen valt het nog wel mee met de absentielijst. Het zou echter naïef zijn van de Europese federatie EAA om onder deze condities in de toekomst nog op een behoorlijke deelnemerslijst te rekenen.