TORNADO'S SLEUREN MATERIAAL TOT 190 KM MEE IN COMPLEX PROCES

Tot hoever kunnen buiencomplexen met tornado's materiaal meesleuren? Hoewel er vele anekdotische berichten bestaan over wat tornado's allemaal kunnen aanrichten, is nog weinig onderzoek verricht aan de mogelijkheden van het lange-afstandstransport door deze stormsystemen. Michael Magsig en John Snow, van de universiteit van Oklahoma in Norman, hebben in de Monthly Weather Review (126, p. 1430) het eerste artikel van een serie over dit onderzoek gepubliceerd. Een van hun conclusies is dat lichte voorwerpen - als zij droog blijven - afstanden van veel meer dan 190 kilometer kunnen afleggen.

Tornado's ontstaan tijdens zware onweersbuien. Magsig en Snow hebben het buiencomplex onder de loep genomen dat op 7 mei 1995 over het zuiden van Oklahoma en het noorden van Texas bewoog en zes tornado's creëerde. Hun onderzoek richtte zich op de vierde (zwakke) tornado, die alleen materiële schade veroorzaakte. In het kader van het Tornado Debris Project van hun universiteit werden, na oproepen in de lokale media, van 51 plaatsen langs het buientraject berichten ontvangen over 135 gevonden voorwerpen die van elders moesten zijn gekomen. Van 50 voorwerpen kon - via een naam of (telefoon)nummer - de eigenaar en dus plaats van herkomst worden achterhaald.

'Cheques behoren tot de meest gevonden en voor dit onderzoek meest nuttige voorwerpen, omdat zij standaardafmetingen hebben, de plaats van herkomst vermelden en in vele woningen in grote aantallen aanwezig zijn', zo merken de onderzoekers op. Cheques uit één woning blijken echter op heel verschillende plaatsen te kunnen neerkomen, terwijl omgekeerd op één plaats voorwerpen van geheel verschillende herkomst werden gevonden. Dit wijst op complexe processen en de scheiding en menging van voorwerpen langs het pad van het buiensysteem. Dit wordt nog eens bevestigd door de valproeven die de onderzoekers met de gevonden voorwerpen hebben verricht. Daaruit blijkt dat een grotere valsnelheid van een voorwerp niet noodzakelijk een kortere transportafstand impliceert.

De onderzoekers verbazen zich over het feit dat vele voorwerpen ondanks wind, regen en hagel (vrijwel) niet beschadigd waren. Zo was een sportjack heelhuids 27 km meegesleurd en zaten twee door een perforatie gescheiden stukken papier ook na een afstand van 183 km nog aan elkaar vast. De grootste gemeten afstand bedroeg 190 km. Vocht en ijs blijken belangrijke afstandsbegrenzers. Als de lichtste papieren voorwerpen nat waren geworden, kwamen ze meestal maar half zo ver als wanneer ze in droog bleven. De onderzoekers concluderen dat de twee afstanden van meer dan 320 km die één van hen drie jaar geleden had afgeleid uit historisch onderzoek 'misschien helemaal niet zo uitzonderlijk zijn als zij lijken'.