'Houding OM merkwaardig'; Professor militair recht Coolen over affaire-Srebrenica

G.L. (Guido) Coolen, professor militair recht aan de Universiteit van Amsterdam, vindt het “hoogst merkwaardig” dat het OM geen onderzoek heeft gedaan in de zaak-Srebrenica.

ROTTERDAM, 15 AUG. Professor G.L. Coolen meent dat de 'affaire-Srebrenica' “zeer ernstig” is. “Het is jammer dat het onderzoek zo is gespreid”, vertelt hij vanuit zijn woonplaats Oisterwijk. “Het openbaar ministerie houdt zich ermee bezig, het parlement en straks de commissie-Van Kemenade.”

Hoe had het beter gemoeten?

“Het Angola-onderzoek in september vorig jaar, naar eventueel wangedrag van Nederlandse militairen daar, verliep veel beter. Er was één onderzoek door de inspecteur-generaal van de krijgsmacht. Het resultaat daarvan, de aanbevelingen, ging naar het openbaar ministerie. Dat keek of er aanleiding was om tot vervolging over te gaan. Het OM zag daar toen, met uitzondering van één geval, geen reden toe. Ik heb dat onderzoek van dichtbij meegemaakt als juridisch adviseur van de inspecteur-generaal.”

In de 'Srebrenica-affaire' zag het OM in Arnhem tot donderdag geen reden om tot een strafrechtelijke vervolging over te gaan.

“Het OM zei dat er onvoldoende aanwijzingen waren om te vervolgen. Maar vóór zo'n vervolging ligt toch gewoonlijk een opsporing? Het is hoogst merkwaardig dat het OM niet tot een opsporingsonderzoek heeft besloten. Het eigenaardige is dat zelfs de pers dat in de kwestie van de Dutchbatters niet is opgevallen. Als journalist zou ik willen weten waarom het OM niets heeft gedaan om aan de gegevens te komen. Vindt men ergens een lijk of een gekraakte kluis, dan probeert het OM daar toch ook gegevens over te krijgen?”

Bij het verhoor van de Dutchbatters is hen toegezegd, dat hun antwoorden 'staatsgeheim' blijven. Het OM mag daar geen gebruik van maken.

“Wat de Dutchbatters hebben verteld, blijft geheim. Maar dat neemt niet weg dat het OM zelf een onderzoek kan beginnen. Het kan de Dutchbatters opnieuw aan de tand voelen. En als zo iemand iets roept van 'ik verklaar niets', dan kan het OM getuigen zoeken.”

De strafbare feiten hoeven niet altijd tot vervolging te leiden?

“Nee. Het OM moet goed onderzoeken hoe het is gebeurd. Een strafbaar feit levert niet altijd een strafbare dader op. Het kan zijn dat de Dutchbatters met een pantserwagen door een muur van levende mensen zijn gereden, zonder daarvoor te moeten worden gestraft. Het kan overmacht zijn geweest in de chaos van een oorlog.”

Hebt u het gevoel dat Defensie in de Srebrenica-zaak dingen in de doofpot heeft gestopt?

“Nee. Dat verhaal over die verdwenen filmrolletjes heeft niets met de doofpot te maken. Ik geloof niet dat iemand bij Defensie tegen een laborant zegt: die dingen zien we liever niet, laat die foto's maar mislukken. Het verhaal van het verdwenen dagboek van een Angola-ganger ken ik niet precies.”

Wat kan men leren van de affaire-Srebrenica?

“Dat je dit soort operaties van meet af aan grondig moet onderzoeken. Precies en zo snel mogelijk uitzoeken wat er is gebeurd. En dan op grond van het gevondene aanbevelingen doen voor de toekomst. Mladic had veel betere wapens dan Dutchbat, dat niet tot de tanden toe was bewapend. De vraag rijst wat je dan moet doen als je onder de voet wordt gelopen. Moet je dan de ziekenboeg van de door jou beschermde vluchtelingen mee laten nemen? En wat moet je doen met de vluchtelingen als Mladic de weerbare mannen onder hen gaat scheiden van de rest? Wat moet je doen als Mladic vordert dat je al je wapens afgeeft? Op dit soort dingen dien je voorbereid te zijn als je, zoals Nederland wil, aan vredesmissies meedoet.”