Kom en keik naar mein ei

Sylvia Vanden Heede: Vos en haas. Illustraties door Thé Tjong-Khing. Kok Educatief/Lannoo, 140 blz. ƒ 29,90

Geloof, hoop en liefde, vriendschap en verlatingsangst. Gewichtige thema's uit de Grote Mensen Literatuur blijken ook in woorden van maar één lettergreep en op het niveau van zesjarigen uitgelegd te kunnen worden. Dat bewijst de Vlaamse Sylvia Vanden Heede in Vos en haas. Het is een eerste leesboek voor kinderen uit groep drie, waarin de moeilijkheidsgraad per hoofdstuk oploopt. Een gemiddeld kind kan met Vos en haas zo'n anderhalf jaar voort. Met dikgedrukte hoofdletters worden kernwoorden en moeilijke klinkerclusters zoals 'oe' en 'ei' in de zinnetjes aangegeven. Het moeilijkste woord uit het hele boek is waarschijnlijk 'HER, F, S, T, herfst dus'. Er komt steeds meer materiaal voor beginnende lezers dat naast educatief verantwoord gewoon erg leuk om te lezen is. Naast de reeks 'Versjes voor beginnende lezers' van uitgeverij Zwijsen, waarvan sommige deeltjes zeer de moeite waard zijn, is er nu dus het proza van Vos en haas. De verhaaltjes zijn geestig en vindingrijk. Bovendien is het boek prachtig uitgegeven.

Vanden Heede werkte samen met tekenaar Thé Tjong-King. Overal tussen, naast en door de korte woordjes en zinnetjes heen, staan zijn vermakelijke, helder gekleurde plaatjes. Af en toe, vooral in het begin, is het boek een beetje stripachtig. Naast de zinnen die Vos en Haas zeggen staan hun hoofden getekend. Zo hoeft Vanden Heede niet uit te leggen wie wat zegt en is een dialoog mogelijk: 'geef, haas! geef!' 'nee, vos. op is op. de kom is leeg. en de pot is leeg.' 'KOOK SOEP, HAAS! KOOK HEEL VEEL SOEP!'

Een uil vindt een ei en zet een bord voor zijn boom: 'kom en kijk naar mijn ij' (wat hij even later verbetert met 'kom en keik naar mein ei'). 'Ik ben de PA ven het ei!' benadrukt hij trots en neemt plaats. King tekende hem broedend in diverse standjes: ruggelings met uitgestrekte vlerken en klauwen, voorover hangend, opzij leunend.

“uil is gek op het ei. het is zo gaaf en zo wit. af en toe zegt hij wat: 'lief ei, lief ei! ik hou ZO ZO ZO veel van jou! ik geef jou een ZOEN.” ' Na een paar weken lijkt uils ei wel ziek. Het beweegt en maakt geluid. Uil rent onthutst de deur uit en haalt haas, die meestal wel raad weet. Bij terugkomst is het ei verdwenen. In de hoek van de kamer zit een 'dier met een DOP op zijn KOP!' 'dat dier at mijn ei!' roept uil woest. 'ik zal het! ik zal het!' Verderop in het boek, als Piep het kuiken allang een kip met dikke dijen is, hebben de beginwoorden van de zinnen pas hoofdletters.

De hoofdstukken staan op zichzelf, maar Vanden Heede laat wel dingen terugkeren. Zo stort Vos zich ineens op de volwassen Piep, niet zozeer omdat hij een vos is, maar omdat hij een paar hoofdstukken eerder soep wou koken. 'hout' en 'vuur' en een 'pan' had hij volgens het kookboek nodig. En naast 'ui' en 'zout' geen 'kool', maar 'kip'.

Ik wou dat ik nog moest leren lezen.