Uitspraak Registratiekamer; Fotograferen drugsrunners toegestaan

ROTTERDAM, 12 AUG. De Registratiekamer stelt geen onderzoek in naar het fotograferen door de politie van mogelijke drugsrunners op het Centraal Station van Rotterdam.

Volgens de Registratiekamer zijn er geen aanwijzingen dat de politie handelt in strijd met de Wet persoonsregistraties noch met de Wet politieregisters.

Twee weken geleden heeft de Barendrechtse advocaat mr. F. van Ardenne de Registratiekamer om een dergelijk onderzoek gevraagd. Van Ardenne staat een cliënt bij van Marokkaanse komaf die door de politie op het station van Rotterdam is gefotografeerd.

Politiefunctionarissen van het 'Run-away'-team observeren vanaf oktober 1997 het Centraal Station. Doel van de observaties is het traceren van potentiële drugsrunners om zo de overlast van het zogeheten drugstoerisme in Rotterdam in te perken. Mensen in het station worden door het 'Run-away'-team gefotografeerd wanneer zij voldoen aan vier criteria. Deze zijn: de duur van het verblijf van de 'verdachten' in het station, de regelmaat waarmee zij contact hebben met andere drugsrunners, het aanspreken van reizigers uit België of Frankrijk en het meenemen van potentiële drugsgebruikers naar panden van dealers.

Uit een proces-verbaal van 19 mei blijkt, volgens Van Ardenne, dat 170 mensen zijn geregistreerd die aan deze vier criteria voldoen. Op een zeer klein aantal personen na gaat het daarbij om Marokkanen van 13 tot 27 jaar. Van Ardenne sluit echter niet uit dat ook Marokkaanse jongeren die niets met de drugshandel te maken hebben in het bestand van de politie terechtkomen.

De Registratiekamer erkent dat er sprake is van inbreuk op de privacy van de gefotografeerde personen. Deze inbreuk wordt volgens de kamer echter gerechtvaardigd door de overlast van het drugstoerisme. Daarmee schaart de Registratiekamer zich achter een uitspraak van de Rotterdamse politierechter. Deze keurde onlangs het fotograferen van mogelijke drugsrunners goed. Ook volgens de rechter betekent deze werkwijze van de politie een inbreuk op de privacy, maar hij achtte dit geoorloofd gelet op de overlast die drugsrunners veroorzaken.

De Registratiekamer stelt dat bovendien uit jurisprudentie blijkt dat de politie bevoegd is foto's te maken als het vermoeden bestaat dat op een openbare plaats ernstige strafbare feiten worden begaan.