Musea dolblij met gift DNB voor kunstfonds

ROTTERDAM, 12 AUG. Nederlandse musea reageren enthousiast op de donatie van De Nederlandsche Bank (DNB), gisteren, van 110 miljoen gulden voor een aankoopfonds voor kunstwerken. Maar, zo stellen zij, een dergelijk semi-particulier initiatief ontslaat de overheid niet van zijn eigen verantwoordelijkheid ten aanzien van de museale aankoopkredieten.

“In 1967 kreeg het Mauritshuis jaarlijks 150.000 gulden van het rijk voor aankopen en, geloof het of niet, in 1998 krijgen we datzelfde bedrag nog steeds”, zegt F.J. Duparc, directeur van het Mauritshuis in Den Haag. “Dat kan niet langer zo. Ik wil natuurlijk voorkomen dat men na het goede nieuws van gisteren denkt 'die musea zijn nooit tevreden', maar ook na dat wonder van de Nederlandsche Bank waar musea zo lang op gehoopt hebben, zijn we er dus nog lang niet”, aldus Duparc.

De Raad voor Cultuur stelde eind vorig jaar al vast dat de 'buitengewoon magere budgetten' van musea structureel verhoogd moeten worden. “Omdat de aankoopgelden geen gelijke tred gehouden hebben met de marktprijzen, dreigt Nederland ook internationaal gezien een steeds zwakkere positie in te nemen”, aldus de Raad.

Volgens Duparc moet bijvoorbeeld het genre schilderijen dat het Mauritshuis collectioneert, de afgelopen tien jaar in prijs ongeveer vertienvoudigd zijn.

Zowel Evert van Straaten, directeur van Museum Kröller Müller in Otterlo als John Leighton, directeur van het Van Gogh Museum in Amsterdam, hoopt dat de DNB-donatie aan de Stichting Nationaal Fonds Kunstbezit die gerelateerd is aan de Vereniging Rembrandt, pas het begin is van een groeifonds en dat er behalve structurele verhogingen van de individuele museumbudgetten, nu ook druk komt op de overheid om het zogenaamde nationale fonds op te richten voor de aankoop van bijzondere stukken voor de Collectie Nederland. Op de te lage eigen budgetten is geen lange termijn beleid te maken, stellen de drie museumdirecteuren.

Evenals het DNB-fonds zou ook dit laatste fonds, sterk bepleit in de troonrede van vorig jaar en inmiddels aangekondigd in het regeerakkoord van de nieuwe regering, alleen voor de aankoop van zeer kostbare kunstwerken moeten worden aangewend. “Juist zo'n superfonds is van het grootste belang. Nederlandse musea beschikken over een groot reservoir van kunstwerken. De kwantiteit is niet het probleem, juist ten aanzien van de kwaliteit moeten er straks strenge keuzes gemaakt gaan worden”, aldus Van Straaten, van Museum Kröller Müller.

“De Vereniging Rembrandt, die al heel lang fantastisch werk doet, zou bijvoorbeeld ten aanzien van de moderne kunst minder koudwatervrees moeten hebben en zijn budget misschien minder moeten versnipperen”, aldus Van Straaten.

De begunstigde Stichting Nationaal Fonds Kunstbezit gaat zijn driekoppige bestuur uitbreiden, vertelt J.M. Bol, voorzitter van zowel de Vereniging Rembrandt als deze stichting. “We zullen ook een breed samengestelde raad van toezicht in het leven roepen”, aldus Bol vanmorgen. Hij wil op korte termijn in contact wil treden met het VNO, het Verbond van Nederlandse ondernemingen, om navolgers van de DNB-donatie op het spoor te komen.