Van supporter tot held van Het Legioen

Feyenoord heeft een van zijn eigen supporters in dienst genomen: Peter van Vossen. “Het klinkt als een cliché, maar een droom is werkelijkheid geworden”, zei hij op de open dag over zijn transfer van Glasgow Rangers naar De Kuip.

ROTTERDAM, 10 AUG. Liefdevol heeft Het Legioen Peter van Vossen in de armen gesloten. De nieuwe aankoop van Feyenoord mocht zaterdagavond tijdens de oefenwedstrijd tegen Tottenham Hotspur (1-1) in de slotfase invallen. Bij het betreden van het veld kreeg hij een staande ovatie. Een deel van de dertigduizend toeschouwers in De Kuip scandeerde ook zijn naam. Het leek of Feyenoord zijn Verlosser verwelkomde. Wegens het herstel van een nekblessure gunde trainer Beenhakker hem slechts tien minuten. “Maar hij moest wel zijn kop intrekken als hij de bal voor open doel kon inkoppen.”

Van Vossen vertelde later dat hij kippenvel en koude rillingen kreeg van zoveel enthousiasme in De Kuip. Het eerste optreden in het Feyenoord-shirt, hoe kort dan ook, was voor hem een bijzonder moment. Jaren heeft hij hier naar uitgekeken. Juist nu zijn voetballoopbaan een roemloos einde tegemoet leek te gaan, is een jongensdroom werkelijkheid geworden.

Als een jeugdige Zeeuw van zeven, acht jaar reisde Peter van Vossen met zijn vrienden uit Zierikzee naar Rotterdam. “Ik was steeds erg geïmponeerd door De Kuip. In Zeeland wonen veel Feyenoord-supporters. Over Ajax werd eigenlijk nooit gesproken. Ik wilde altijd al hier voetballen. Ook toen ik bij Anderlecht onder contract stond ging ik naar Feyenoord kijken. Daarom doet me dit meer dan mijn debuut in Amsterdam.”

De nu dertigjarige Van Vossen heeft lange omzwervingen moeten maken om in De Kuip terecht te komen. De zoon van een tuinarchitect werd profvoetballer tegen de stroom in. Hij groeide op in een gezin met vijftien kinderen. Pa Van Vossen toerde op z'n bakfiets heel Zeeuws-Vlaanderen door en was zelden thuis. Zijn oudere broers en zussen voedden hem op. De strenge religie van het gezin Van Vossen stond sportactiviteiten niet toe. Menigmaal sloop de blonde junior via de achterdeur met zijn tas onder zijn arm naar het voetbalveld. Toen hij op z'n veertiende een keer was gesnapt en vervolgens weigerde om nog naar de kerk te gaan, ging er een schok door Zierikzee.

Nadat hij een herdershond ('Wodan') aan zijn vriendin cadeau had gedaan werd dat beest zijn grote hobby en wilde Van Vossen stoppen met voetbal om verder te gaan in de hondensport. Zijn broer Kees bracht hem op andere gedachten. “Ik breek je beide benen als je dat doet, je hebt te veel talent”, zei hij dreigend. Peter van Vossen speelde zich in de kijker bij de scouts in het shirt van Vlissingen. Het duurde nog enige jaren voordat hij door het Belgische Beveren een full-prof-contract kreeg aangeboden. Daarvoor was hij een man van twaalf ambachten en dertien ongelukken, maar nooit te lui om te werken. Hij begon als vakkenvuller bij Jac. Hermans, rijswerker in de duinen en eindigde als opperman bij de metselaars in de kerncentrale van Borssele.

Zijn carrière als voetbalprof bracht van Van Vossen nooit de voldoening die hij ervan verwacht had. Via Beveren en Anderlecht kwam hij in 1993 bij Ajax terecht. De Amsterdammers betaalden een recordbedrag van zeven miljoen gulden voor de dynamische aanvaller, maar onder Van Gaal overkwam Van Vossen eigenlijk hetzelfde als bij Anderlecht: hij kreeg geen basisplaats. Van Vossen moest genoegen nemen met een positie als twaalfde of dertiende man. In het eerste seizoen was hij bovendien vaak uit de roulatie door blessures. Het jaar daarna speelde hij meer in het tweede team dan hem lief was.

Van Gaal wilde hem voor de breedte graag behouden, toch koos hij met Beenhakker en John van den Brom voor een avontuur bij Istanbulspor. Daar werd hij pas echt doodongelukkig. Een scheiding droeg ertoe bij dat hij zijn kinderen niet meer kreeg te zien. Van Vossen had een prachtig huis aan de Bosporus, maar binnen kon iedereen constateren dat er niet werd gewoond. Een fruitschaal gevuld met snoepwikkels vormde het enige teken van leven.

In januari 1996 werd Van Vossen uit zijn lijden verlost door Glasgow Rangers. “Ik had geen keus. Daarom ging ik noodgedwongen naar Schotland. Ik wilde per se terug naar het westen”, kijkt hij daar nu op terug. Ook zijn verblijf in Glasgow, werd geen succes. Wederom kreeg hij vaak te kampen met blessures en manager Walter Smith zag in Van Vossen ook geen basisspeler. “Toch speelde ik vaak genoeg om te kunnen stellen dat ik de afgelopen jaren voldoende wedstrijdritme heb opgedaan”, vindt de aanvaller.

Van Vossen heeft z'n transfer mede te danken aan de overstap van Feyenoorder Giovanni van Bronckhorst naar Glasgow Rangers. Van Vossen begrijpt niet wat de linkshalf in Schotland gaat doen. “Je speelt daar in een verschrikkelijke competitie. De derby's met Celtic zijn de mooiste ter wereld, maar verder stelt het niets voor. De periode die Giovanni nu bij Glasgow tegemoet gaat, is sportief gezien verloren tijd. Jammer voor zo'n groot talent.”

Toch heeft Van Vossen nog even geaarzeld toen Feyenoord hem deze zomer benaderde. De nieuwe trainer van de Rangers, Dick Advocaat, beloofde hem een kans te geven en bovendien moest hij bij Feyenoord financieel flink inleveren. Gezien zijn privé-situatie en de liefde voor Feyenoord was dat het wel waard. “Ik dacht: nu moet ik het doen anders gebeurt het nooit meer.” Er moest echter een telefoontje van voorzitter Van den Herik aan te pas komen om hem over de streep te trekken. Hoe dat in zijn werk ging vertelt hij in De Krant van Feyenoord. “Het is de eerste keer in mijn carrière dat ik mijn gevoel zo sterk heb laten spreken. Naar aanleiding van een gesprek dat m'n zaakwaarnemer Rob Jansen had met Advocaat adviseerde hij me in Schotland te blijven. Ik voelde toen meteen de teleurstelling. Rob zei: 'Ik bel Van den Herik wel even en zeg dat het niet doorgaat.' Waarop ik antwoordde, en waarom weet ik nog steeds niet: 'Ik wil nog even nadenken.' Vervolgens belde Van den Herik mij op en was ik verkocht.”

Als hij fit blijft kan Van Vossen bij Feyenoord wellicht nog een waardig slot aan zijn loopbaan geven. In het Nederlands elftal werd hij de redder des vaderlands. In achttien interlands scoorde hij zeven keer. Wie herinnert zich niet het moment dat hij op Wembley de bal opeiste om een strafschop te nemen die uiteindelijk cruciaal bleek te zijn voor Oranje's deelname aan het WK in Amerika? “Bergkamp was te laat”, grijnst Van Vossen als hij de beelden van de gelijkmaker (2-2) die hij zo overtuigend inschoot uit zijn geheugen opdiept.

Bij Feyenoord wil Van Vossen nog drie, vier jaar aan de top spelen. “Ik ben niet gekomen om af te bouwen”, zegt hij vastberaden. “Er is altijd gesuggereerd dat ik een typische speler ben voor Feyenoord. Dit is toch de club van de havenarbeiders? Hier houden ze van knokken, werken en no-nonsens. Feyenoord heeft nog een vrij jong team. Ik kan wellicht de ploeg zo nodig over het dode punt heen helpen.”