Leerlingenstelsel Duitsland krijgt sleetse trekken

Andreas Stiller heeft geluk gehad. Hij doet praktijk- ervaring op bij Siemens en zit ook nog twee dagen per week op de vakschool.

BERLIJN, 10 AUG. “Ik ga met monteurs op stap en leer hoe ik bij een advocatenkantoor een alarminstallatie aan moet leggen”, zegt Andreas Stiller (20). Hij heeft kort donker haar, draagt zwarte gympen en een ringetje in zijn oor. Andreas is druk doende om met nog drie leerlingen in de werkplaats bij Siemens in Berlijn een telefooncentrale aan te leggen. Hij weet nog niet precies wat hij wil worden. Misschien elektrotechniek studeren. Mogelijk kan hij ook bij Siemens blijven als communicatie-elektricien, zegt hij met een twinkeling van hoop in de ogen. “In ieder geval heb ik nu de kans om aan een bedrijf te ruiken”.

Andreas Stiller is een van de jongeren die een felbegeerde 'leerlingenbaan' heeft gekregen. Het Duitse leerlingenstelsel is befaamd vanwege de gedegen combinatie van theorie en praktijkervaring. De werkloosheid mag in Duitsland met ruim elf procent hoog zijn, bij de bestrijding van de jeugdwerkloosheid staat de Bondsrepubliek er veel beter voor dan de andere Westeuropese landen dankzij het duale systeem van beroepsopleidingen, stelde bondskanselier Helmut Kohl onlangs vast op de Europese top in Cardiff.

Het buitenland kijkt afgunstig naar het Duitse leerlingenstelsel, dat de kwalitatieve basis legt voor de hoge productiviteit in het land. Toen de Amerikaanse president, Bill Clinton, vorige week de kanselierskandidaat van de SPD, Gerhard Schröder, in Washington ontving, zei hij 'zeer onder de indruk' te zijn van het leerlingenstelsel. Daar kan Amerika nog iets van leren.

De staat Wisconsin heeft dat typische fundament van het Duitse sociale model al nauwgezet gekopieerd om te voorkomen dat teenagers de middelbare school voortijdig verlaten. Ook het Centraal Planbureau heeft het Duitse beroepsmodel onderzocht en vastgesteld, dat ook Nederland er iets van kan opsteken.

Maar intussen staat het leerlingenstelsel in Duitsland zelf onder druk. Het aantal leerlingenbanen neemt jaarlijks af, terwijl het aantal sollicitanten stijgt. Vorig jaar werd de noodklok geluid. CDU-minister Jürgen Rüttgers van Onderwijs en Technologie noemde de situatie op de leerlingenmarkt 'alarmerend', omdat steeds meer schoolverlaters geen opleidingsbaan bij een bedrijf kunnen vinden.

De voortvarende sociaal-democraat Wolfgang Clement, die onlangs Johannes Rau als premier van Noordrijn-Westfalen opvolgde, reisde met een bus door het Roergebied om bij ondernemingen zoveel mogelijk leerlingenbanen los te peuteren. Ook kanselier Kohl probeert energiek bevriende ondernemers over te halen leerlingplaatsen beschikbaar te stellen.

Pagina 9: Tekort Duitse leerlingenbanen

Aangezien Duitsland arm is aan grondstoffen, moet in 'die Köpfe' worden geïnvesteerd. “Onze werkelijke schat zijn de mensen”, vindt Helmut Kohl.

Toch kan de betrokkenheid van de politici niet verhelpen dat ook dit jaar nog 215.000 leerlingenbanen te kort zijn, liet de Bundesanstalt für Arbeit (de overkoepelende organisatie van arbeidsbureaus) in Neurenberg vorige week weten.Tussen oktober 1997 en juni 1998 klopten 725.600 schoolverlaters bij de arbeidsbureaus aan, die op zoek zijn naar een leerlingenbaan; drie procent meer dan een jaar daarvoor. Tegelijkertijd daalde het aantal leerlingenvacatures één procent tot 510.200. De laatste vijf jaar waren er liefst 100.000 leerlingenbanen minder beschikbaar. Zelfs in florerende branches zoals de banken- en verzekeringssector zijn vele leerlingenbanen weggerationaliseerd.

“In het Oosten hebben we nog eens vele tienduizenden opleidingsplaatsen extra nodig”, zegt Christine Bergmann, senator voor werkgelegenheid in Berlijn en schaduwminister in het kabinet van SPD kanselier-kandidaat Gerhard Schröder. “Leerlingenbanen zijn hier nog belangrijker, omdat de werkloosheid al zo hoog is, in sommige regio's 30 tot 40 procent. Jongeren kampen in het Oosten al met een gebrek aan oriëntatie als gevolg van de hereniging. Als dan ook nog een toekomstperspectief wegvalt wordt een steeds grotere groep in de armen van extreem-rechtse groeperingen gedreven”, aldus Bergmann. Uit onderzoek blijkt, dat een op de drie jongeren in het Oosten van plan is op een uiterst rechtse partij te stemmen.

De minister van Sociale Zaken in de arme Oostduitse deelstaat Brandenburg Regine Hildebrand belooft bedrijven zelfs een subsidie van 3000 mark voor iedere extra leerlingenplaats, die beschikbaar wordt gesteld. Inmiddels betaalt de overheid al ruim zestig procent van de kosten om het leerlingenstelsel in stand te houden, terwijl het uitgangspunt was dat staat en bedrijven ieder de helft voor hun rekening zouden nemen. Voor veel ondernemingen, vooral in het midden- en kleinbedrijf, is het opleiden van leerlingen eenvoudig te duur geworden.

De SPD pleit daarom voor een wettelijke regeling, waarbij bedrijven gedwongen worden jaarlijks een bepaalde hoeveelheid leerlingenbanen beschikbaar te stellen. Maar ondernemers verzetten zich hier met hand en tand tegen. Het beroepsonderwijs zelf moet gemoderniseerd worden, menen zij.

“Het leerlingenstelsel kan alleen overleven als het flexibeler wordt”, zegt Joachim Luchterhand, leider van het beroepsopleidingsinstituut van Siemens in Berlijn. Hij is net als zijn vader bij Siemens als leerling begonnen en kent de praktijk van de beroepsopleiding als geen ander. De duur en inhoud van de opleiding moeten hoog nodig worden aangepast, vindt Luchterhand. Hij wil niet verhullen dat het stelsel kostbaar is voor een onderneming. Voor de opleiding van een leerling moet een bedrijf al snel 100.000 mark uittrekken. Bovendien is de periode van drieëneenhalf jaar voor veel bedrijven te lang en de theorie die op beroepsscholen wordt geleerd te star, zegt Luchterhand.

Enkele jaren geleden nog moest een leerling bij Siemens, die leerde een versterker te bouwen, bepaalde fasen doorlopen. Eerst moest een transistorradio worden gemaakt, dan de eraan gezet schakelaar en vervolgens de versterker. Nu pakt het concern het anders aan; centraal staat de opdracht van de klant. “Iemand kan een goed technicus zijn, maar als je niet kan communiceren hebben wij een probleem. Bij ons moet iemand een telefooncentrale kunnen maken, maar die moet hij ook kunnen verkopen. Anders hebben we niets aan zo'n man”, zegt Jochen Schneider, docent bij de beroepsopleiding van Siemens.

Daarnaast wordt de omlooptijd van producten steeds korter. “Tegen de tijd dat jongeren hun opleiding beëindigen, zijn de technieken al weer verouderd”, zegt Luchterhand. Dat geldt met name voor een high-tech-onderneming als Siemens. Reden waarom de onderneming veel geld steekt in het eigen opleidingsinstituut, dat in nauw overleg met klanten het onderwijs organiseert. “Tenslotte moet ik met de mensen in de firma morgen ook iets heel anders kunnen doen.”

Ook uit een recent onderzoek van het Instituut voor Arbeid en Techniek in Gelsenkirchen blijkt, dat het duale beroepsopleidingssysteem onvoldoende is afgestemd op de eisen van de moderne dienstenmaatschappij. “Deugden als vriendelijkheid, correct optreden, stiptheid en betrouwbaarheid beleven een Renaissance, terwijl zulke bekwaamheden bij veel huidige beroepsopleidingen nauwelijks worden bijgebracht”, stellen de onderzoekers vast. Een andere studie van de Technische Hogeschool in Baden-Württemberg heeft uitgewezen, dat de beroepsopleidingen te technisch zijn en te toegespitst op een industriële maatschappij in plaats van op een dienstensamenleving. Essentiële kwalificaties zoals teamwerk en zelfstandig werken dienen te worden verbeterd.

Deze week constateerde ook de Oeso (Organisatie voor Economische Ontwikkeling en Samenwerking) in haar jaarlijkse analyse over Duitsland, dat modernisering van het leerlingenstelsel wenselijk is. Alleen door hervorming van het systeem, kan dit stelsel in de toekomst worden veiliggesteld.

“De beroepsopleidingen moeten worden gemoderniseerd”, vindt ook Christine Bergmann. “De snelle technologische veranderingen vereisen permanente bijscholing.” Zij waarschuwt echter voor uitholling van het leerlingenstelsel. “We willen geen mini-stelsel. Het duale systeem, dat is gebaseerd op een combinatie van leren en werken, is een van de sterke kanten van het Duitse model. Dat kan worden verbeterd, maar mag zeker niet worden ondergraven.”