Tijd heeft stilgestaan in de meisjeswereld van Kraijer

Tentoonstelling: Unisono 6: Juul Kraijer. T/m 30 augustus in het Stedelijk Museum Schie-dam, Hoogstraat 112. Di. t/m za. 11-17 uur, zo. 12.30-17 uur.

Dat de jonge vrouw, wier handen en hoofd uit een gladgestreken tafelkleed lijken te ontspruiten, Ophelia moet voorstellen, staat buiten kijf. De beroemde scène uit Shakespeare's verhaal waarin Hamlets geliefde kiest voor de verdrinkingsdood, gek van verdriet omdat haar aanstaande haar vader heeft vermoord, is al door menig kunstenaar verbeeld. Door de Engelse schilder John Everett Millais bijvoorbeeld, die Ophelia afbeeldde als een sprookjesprinses, levenloos achteroverliggend in een beek en omringd door de bloemen die ze zojuist had geplukt.

Maar niet eerder zette een kunstenaar de voorstelling zo naar haar hand als Juul Kraijer. Ontdaan van alle franje en opgebouwd uit een enkele, trefzekere houtskoollijn is haar Ophelia het toonbeeld van rust en sereniteit. In haar tekening zijn het niet de waterlelies die Ophelia's lichaam aan het zicht onttrekken, maar de bloemenpatronen in het tafellaken.

Juul Kraijer (Assen 1970), die eerder dit jaar de Charlotte Köhlerprijs ontving, werkt vaker aan de hand van klassieke verhalen, maar voorziet haar voorstellingen altijd van een heel eigen iconografie. Zo zou Salome volgens de bijbeltekst het hoofd van Johannes de Doper op een schaal dragen, maar in de tekening van Kraijer is het Salomés eigen hoofd dat gepresenteerd wordt, alsof het dienblad haar beeltenis weerspiegelt. Salomé, afgebeeld als een klassieke schoonheid die zo uit een schilderij van Botticelli gestapt lijkt te zijn, kijkt de toeschouwer vanaf het verder lege tekenvel indringend aan.

Ook in Kraijers andere houtskooltekeningen en pastels, nu samengebracht op haar eerste museale solotentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam, figureren steeds dezelfde jonge vrouwen, die als moderne Madonna's gekenmerkt worden door een natuurlijke schoonheid. Hun gezichten hebben regelmatige gelaatstrekken, en herinneren aan Griekse godinnen, ware het niet dat de meisjes een duidelijk Aziatisch voorkomen hebben.

Het is alsof de tijd heeft stil gestaan in de meisjeswereld die Kraijer verbeeldt. Door de afwezigheid van omgeving of attributen wordt niet duidelijk of de vrouwen in deze tijd, of misschien wel eeuwen geleden leefden. En ook Kraijers stijl van tekenen is zo tijdloos dat haar werken net zo goed aan het begin van deze eeuw gemaakt hadden kunnen zijn. Alleen de strakke truitjes die door enkele van de Japans ogende meisjes gedragen worden, verraden dat de tekeningen van de hand van een hedendaags kunstenaar moeten zijn. Het is bijna niet voor te stellen dat een kunstenaar die zo kort geleden afstudeerde aan de Rotterdamse kunstacademie nu al zo'n krachtige eigen stijl heeft.

Terwijl veel van haar jonge collega's de wereld om zich heen proberen te vangen in drukke videobeelden en vluchtige installaties, kiest Kraijer voor een uitdrukkingsvorm die al zo oud is als de beeldende kunst zelf. Kraijers werk is niet trendgevoelig, maar bezit, net als de meisjes die in de tekeningen figureren, een klassieke schoonheid en zal ook over tientallen jaren nog steeds aanspreken.