Tanzania en Kenia voor Amerikanen veilig geacht

De bomaanslagen van gisteren in Nairobi en Dar es-Salaam maken één ding duidelijk: ambassades zijn niet volledig te beschermen. Alle veiligheidsmaatregelen zijn op de een of andere manier wel te omzeilen.

ROTTERDAM, 8 AUG. De doorgaans serieus genomen uitgever van militaire boeken en tijdschriften Jane's Information Group publiceerde onlangs een wereldkaart waarop het risico voor Amerikaans militair en ambassadepersoneel stond aangegeven. De gevaarlijkste landen als Soedan, Algerije en Somalië waren bloedrood gekleurd, Saoedi-Arabië was lichtrood, en Chili en Canada hadden met “minimaal gevaar” een rozige tint gekregen. Tanzania en Kenia waren wit gebleven: geen gevaar. Net als Nederland.

Als de totaal onverwachte bomaanslagen van gisteren in Dar es-Salaam en Nairobi iets duidelijk maken, dan is het dat consulaten en ambassades zelfs met de beste wil van de wereld niet volledig zijn te beschermen. Sinds de zware aanslagen op de Amerikaanse ambassade - 63 doden - en het hoofdkwartier van het contingent mariniers in de Libanese hoofdstad Beiroet - 241 doden - in 1983 zijn praktisch alle diplomatieke posten van de Verenigde Staten zwaar beveiligd. Kosten nog moeite zijn daarbij gespaard. De maatregelen variëren van het plaatsen van betonnen barrières - verankerde 'bloembakken' - zoals bij de Amerikaanse vertegenwoordigingen in Amsterdam en Den Haag, tot het waarschuwen van de functionarissen om “de ogen en oren voor verdachte zaken open te houden”, zoals een geregeld opgehangen waarschuwing aan ingang van de Haagse ambassade luidt.

Meer dan eens is bewezen dat deze maatregelen te omzeilen zijn. Voor het laatst in juni 1996, toen terroristen een vrachtauto met explosieven in de nabijheid van een slaapgebouw - de Khobar-torens - voor Amerikaans luchtmachtpersoneel in de Saoedische plaats Dahran parkeerden. De daarop volgende explosie verwoestte het gebouw. De aanslag, die bekend is geworden als het Kobhar-towers-incident, vertegenwoordigt nog steeds een schrikbeeld voor de overheidsdiensten die zich inzetten voor de strijd tegen het terrorisme. Het is niet alleen een nachtmerrie gebleken doordat er bij die aanslag 19 doden vielen. De bomaanslag toonde tevens aan dat gebouwen niet hoefden worden binnengegaan om springstof te plaatsen of te worden geramd met een auto met explosieven, zoals in Beiroet. Naarmate de lading groter is, bijvoorbeeld die van een tankauto, volstaat het om deze alleen maar in de buurt van de Amerikaanse post te brengen. 'Bloembakken' zijn een lapmiddel.

Een tweede belangrijke les van Khobar-towers was dat het praktisch onmogelijk bleek om de daders te traceren. De gestolen tankauto die bij de aanslag was gebruikt, was volledig gedesintegreerd, zodat vingerafdrukken en andere sporen waren vernietigd. Bovendien valt aan de hand van de gevonden wrakstukken van de bom, zoals ontstekers en bedrading, niet veel te concluderen aangezien deze ook desinformatie kunnen bevatten om de rechercheurs op het verkeerde been te zetten. Pas een jaar later, in maart 1997, werd in Canada een verdachte gearresteerd, maar deze moest wegens gebrek aan bewijs weer worden vrijgelaten. De daders zijn nog altijd spoorloos.

Om de aanslag in Dahran op te lossen lijkt nu de hoop nog slechts gevestigd op een fout van de plegers - voor de onderzoekers een weinig bemoedigend vooruitzicht.

Nalatigheid, zelfs naïveteit, bracht de plegers van aanslagen op het overheidsgebouw in Oklahoma City in april 1995 - 168 doden - en op het World Trade Center in New York - zes doden en 1.000 gewonden - achter de tralies. De ene terrorist - een extreem-rechtse Amerikaan - was vergeten zijn benzinepeil te controleren en kon bij een nabijgelegen benzinestation worden geïdentificeerd en kort daarop gearresteerd. De andere terroristen - van een moslim-fundamentalistische signatuur - maakten gebruik van bestelbusjes die met geldige legitimatie-bewijzen waren gehuurd, zodat ook hun spoor snel was gevonden. Deze aanslagen waren in potentie de meest bloedige uit de geschiedenis, want beide gebouwen stortten niet volledig in.

Zoals het er nu uitziet, lijken de aanslagen in de Keniaanse en Tanzaniaanse hoofdsteden op een dodelijke combinatie van 'Khobar-towers' en 'Oklahoma City': volledig onverwachts, veel slachtoffers en geen spoor van de daders.