Strijd in stroomgebied Vecht en Regge

Overijssel wil 350 miljoen gulden steken in een plan voor de ontwikkeling van het gebied Vecht-Regge. Het gevecht om ruimte en subsidie in het gebied is in volle gang. Boeren verzetten zich tegen de herinrichting van het landschap.

OMMEN, 8 AUG. De kampeerwagens en vouwtenten staan tot aan de rand van de rivier de Vecht. Vanaf de overkant, vlak voor de brug in Ommen, lijkt het of de wagens lukraak geparkeerd staan. Kinderen voeren de tamme eenden langs de oever en lokken ze hun tenten in.

Ommen groeit in de zomer uit zijn jas. De 15.000 inwoners krijgen dan zo'n 40.000 recreanten in het stadje en de directe omgeving te logeren.

In het Vecht-Regge gebied schreeuwt men zo langzamerhand om ruimte. Allereerst de boeren. Zij willen meer land om hun bedrijf rendabel te kunnen houden.

Dan de campinghouders. Zij willen hun klanten grotere plekken aanbieden en ze willen de kwaliteit van de terreinen verbeteren. En de natuurbeheerders eisen in het nieuwe plan Vecht-Regge duizend hectaren extra ten behoeve van het natuurbehoud.

De dijkgraven zien graag dat de Vecht en de Regge weer 'natuurlijk' gaan slingeren met zijrivieren en meertjes, precies als na de IJstijd. En ten slotte zijn er de eigenaren van de landgoederen die de toeristen wel willen toelaten in hun parken en bossen maar dan wel tegen betaling in verband met de kosten van toezicht en beheer.

Om iedereen ter wille te zijn en om het noodzakelijke draagvlak voor het nieuwe plan Vecht-Regge te vinden, heeft de provincie Overijssel in juli het project 'Gebiedsperspectief Vecht-Regge' gepubliceerd, een stuk van 74 pagina's. In september worden inspraakavonden gehouden en eind december moeten de plannen verder worden uitgewerkt met als dynamisch motto: “Pen op papier, schop in de grond”.

Doel is om landbouw, natuur en landschap, waterhuishouding en recreatie beter op elkaar af te stemmen. “Wil de ene club een tunneltje voor een das, dan moeten wij boeren meteen kunnen zeggen: 'maak dat ding hoger, zodat wij er ook met de koeien onderdoor kunnen'. Dat lijkt me de opzet van zo'n alomvattend plan”, zegt H. de Lange, kringvoorzitter van de Land- en Tuinbouworganisatie in Overijssel.

Bij de aankondiging van het plan, in juli, is vastgesteld dat herinrichting van het gebied tussen nu en het jaar 2005 zo'n 350 miljoen gulden kost. Tweehonderd miljoen gulden zou van rijk en provincie moeten komen, maar de rest van de financiering blijft vaag.

De plannenmakers verwachten dat particulieren meer zullen willen betalen om straks van meer natuur te kunnen genieten. Maar nu al claimen alle groeperingen extra geld.

“De boeren kijken wat het oplevert. Dan pas zullen ze meewerken. De portemonnee is voor hen de belangrijkste factor om ruimte te willen maken voor de natuur. Onze leden moeten werkelijk het idee krijgen dat ze kunnen meebeslissen over hun eigen toekomst. Tussen de ministeries van VROM en Landbouw wordt nog steeds geknokt over de vraag wie straks die nieuwe natuurgebieden gaat beheren. Boeren zouden zelf een deel van dat werk op zich kunnen nemen en pinken kunnen laten grazen in de natuurgebieden”, zegt De Lange. Maar het blijft voor hem de vraag of de boeren in de streek, die in totaal 1279 bedrijven bezitten, genoeg ondernemerszin ontwikkelen om mee te werken. Zij voelen zich ingesloten door gebrek aan grond, door milieu-eisen en door beperkingen voor melkkoeien en de varkensstapel.

“Dat nieuwe perspectief beangstigt mij”, zegt melkveehouder A. Dankelman uit Arriën. “Kijk, aan de ene kant heb je ons boeren en daarnaast onze concurrent, de natuurbeheerder. Maar die betaalt met geld uit andermans zak. Dan is het niet makkelijk zaken doen. En al dat gepraat dat we ook in het natuurbeheer mee moeten doen. Dat hoort niet bij ons vak. Ik zeg maar zo, met een goed boerenbedrijf werken wij ook wel degelijk mee om het Sallandse land mooi te houden. Als wij het bijltje erbij neer zouden gooien, wie knapt het dan allemaal op, op de erven, de akkers en weiden en in de tuinen en tegen welke prijs? Natuur is prachtig, maar doe nou niet of wij daar niet al eeuwen aan hebben meegewerkt.” Als boeren straks bij de inspraak dwars gaan liggen, moeten we gewoon langer met ze praten, vindt ing. J. Hadders, hoofd van de afdeling landelijk gebied van de provincie Overijssel. De overheid wil dat iedereen vrijwillig meewerkt. Alleen dan kan het een succes worden. En als er meer geld moet komen, is dat een kwestie van tijd. Hadders: “Burgers hebben meer voor het behoud van de natuur over.”

En de grootgrondbezitters? 'Voor mountain-bikes verboden' staat er op een paal bij het pad langs de havezate Den Berg, even buiten Dalfsen. “Iedereen beschouwt ons bos maar als publiek domein, maar wij particuliere eigenaren moeten zorgen dat er toezicht is. Dat er op sommige plaatsen ongestoord gewandeld kan worden. Dat er voldoende vuilnisbakken staan”, zegt Alexander baron Van Dedem, voorzitter van de Van Dedem-Den Berg stichting.

Van Dedem: “350 miljoen gulden is veel geld en ik vraag me af waar het allemaal aan besteed zal worden. Wij particuliere eigenaren weten tot nu toe alleen iets van de deelplannen. Daarbij gaat het om tientallen miljoenen guldens. Daar zijn we ook zelf mee bezig. Maar je mag niet vergeten dat landbouw de belangrijkste economische pijler is voor het in stand houden van landgoederen en de boeren komen nu al ruimte tekort.” Het nieuwe plan geeft landeigenaren, recreatie-ondernemers en pachters een kans om gehoord te worden. Hun belangen botsen, terwijl het aantal toeristen nog steeds toeneemt.