Kruipen, kreunen en klagen in het verkeer

TEL AVIV, 8 AUG. Onlangs kreeg ik een nogal merkwaardig compliment van de Israelische politie. Het gebeurde diep in de nacht, voor mijn huis in Ramat Hasharon, een voorstad van Tel Aviv. Ik had net mijn auto geparkeerd en stapte met mijn gast uit. Een auto draaide een rondje om het bloemperk in het midden van het pleintje voor het huis. “Is alles in orde”, riep een stem door een geopend raampje van de geheimzinnige auto. “Ja”, antwoordde ik “Wat wilt U?”

Aarzelend liep ik naar de auto. Een meter of vijf er vandaan bleef ik stil staan. Wie en waarom zou men mij in het holst van de nacht aanspreken? Overvallers misschien? Voorzichtigheid is geboden in Israel waar de misdaad tegen de achtergrond van oplopende werkloosheid en toenemende spanningen tussen de verschillende etnische gemeenschappen nogal bloedig bloeit. De mannen in de auto voelden mijn argwaan goed aan. “Wij zijn van de politie”, zei een van hen. Ik verzette geen stap. Ik zag geen politiekentekens op de auto. Toen deed de chauffeur het lichtje in de auto aan en daar zaten twee gemoedelijk lachende agenten. “Meneer”, zeiden ze “we hebben vanaf de toegang van Ramat Hasharon achter U aan gereden. Dat was ons een groot genoegen. U stopte op iedere hoek. U gaf links en rechts met uw richtingaanwijzer aan. Niets dan lof meneer.” Toen reden ze lachend weg.

Mijn verwondering sloeg nogal snel om in woede. Zouden die agenten in een burgerauto in de nacht een paar kilometer achter me aan hebben gereden om me ergens op een verkeersfout te betrappen en me op de bon te slingeren? Welke Israelische chauffeur laat zich in de stille nachtelijke straten immers niet verleiden een loopje met een stopbord te nemen? Vooral op de smalle binnenwegen, waar jongeren in de dure auto's van hun vader, er een gewoonte van maken te scheuren, kan het daarom 's nachts zeer gevaarlijk zijn.

De politie schrijft het enorm groot aantal dodelijke verkeersongelukken in Israel - soms twintig per week - routineus op rekening van de Israelische chauffeur. Natuurlijk pleit ik de de nogal agressieve Israelische bestuurder niet vrij van al dat onheil op de wegen. Van verkeersregels heeft hij niet te veel kaas gegeten. En beleefdheid op de weg is hem meestal vreemd. Als ik wel eens voor een voetganger stop of een auto in een wat moeilijke situatie voorrang geef, word ik aangekeken alsof ik zojuist van Mars op Aarde ben geland.

Maar misschien zou de politie er beter aan doen ingenieurs die de wegen bouwen en de plaatsing van de verkeersborden en richtingaanwijzers bepalen, flinke bekeuringen te geven. De mannen achter de tekenborden zijn in hoge mate verantwoordelijk voor de spreekwoordelijke verkeersonveiligheid in het joodse land. Met zijn allen hebben ze zeer gevaarlijke verkeersituaties geschapen. Soms zijn de aanwijzingen op verkeersborden zo chaotisch dat het een wonder mag heten dat er op die plaatsen niet aan de lopende band kettingbotsingen gebeuren. Ik ken nogal wat plaatsen waar driebaanswegen zonder waarschuwing overlopen in tweebaanswegen. De pijlen op de rechterbaan wijzen naar rechts totdat deze plotseling een curve naar links maakt. Levensgevaarlijk voor automobilisten die de situatie niet kennen. Nog gevaarlijker is de invoeging van een zijweg, net voor een bocht in een scherpe daling op de hoofdweg van Jeruzalem naar Tel Aviv. Richtingborden zijn vaak ook bedrieglijk. Wie aan de Nederlandse duidelijkheid is gewend wordt hier op verschillende plaatsen op het verkeerde been gezet.

Vervoer met taxi's en bussen is veiliger en ook niet zo duur. Maar de ontwikkeling van de spoorwegen staat hier nog in de kinderschoenen. Alleen de lijn Tel Aviv-Haifa kan redelijk worden genoemd. Het is verbazingwekkend en voor de inwoners van dit land ergerlijk dat er geen echt alternatief is ontwikkeld voor het snel in files verstikkende wegverkeer. Vorige maand is zelfs het leuke treintje van Tel Aviv naar Jeruzalem van de rails gehaald. Het reed maar tweemaal per dag, maar was toch een optie om de eeuwige hoofdstad te bereiken, door een schitterend landschap zelfs. De rails liggen kennelijk zo slecht op de wegzakkende biezen dat de sporreis een gevaarlijke onderneming werd.

Net zoals in Nederland is het spitsuur op de wegen een lijdensweg aan het worden. Tel Aviv in en uitrijden is dan een helse opgave. In Jeruzalem stokt het verkeer ook op tal van punten. Het zou ideaal zijn als de metropool Tel Aviv eindelijk een ondergrondse zou krijgen die op een net van spoorwegen zou zijn aangesloten. Er wordt al jaren hardop over gedroomd. Een paar jaar geleden werd zelfs een boring gedaan bij wijze van symbolisch begin van de aanleg ervan. De Fransen hebben in Kairo al jaren geleden een goed functionerende ondergrondse aangelegd. Israel steekt zijn geld kennelijk liever in het uitbouwen van nederzettingen in bezet gebied en de aanleg van kostbare 'veilige omlegwegen' en tunnels voor de kolonisten, zodat ze in hun auto geen Palestijn zien en hoeven te vrezen. Ze rijden daar als koningen in het land van Israel. De rest kruipt, kreunt en klaagt.