GPS MEET BEWEGING MICROPLATEN BIJ PAPOEA NIEUW-GUINEA

De vloedgolf die op 17 juli de noordkust van Papoea Nieuw-Guinea teisterde, werd veroorzaakt door een aardbeving die 30 km voor de kust op geringe diepte in de bodem in de zee plaatsvond. Voor die kust loopt Wewaktrog, een inzinking in de zeebodem die naar de kustplaats Wewak is genoemd. De trog is er een van vele in dit gebied, dat tot de meest complexe tektonische gebieden op aarde wordt gerekend. De Pacifische aardschol wringt zich hier onder de Australische, maar tussen die twee liggen kleinere schollen ingeklemd. Al jaren wordt gespeculeerd over het juiste aantal van deze mini-aardschollen.

Aardbevingen zijn belangrijke aanwijzingen voor de grenzen van aardschollen. Op basis van deze en andere gegevens hebben onderzoekers voor dit gebied minstens zeven verschillende plaatconfiguraties gesuggereerd: méér nog dan het aantal in het tektonisch eveneens zeer complexe gebied in het noordoosten van Azië, waar de Euraziatische, Noordamerikaanse en Pacifische plaat bij elkaar komen. In alle modellen komen naast de twee grote schollen twee minischollen voor, de Zuid-Bismarckplaat en de Solomonzeeplaat, maar sommige onderzoekers denken dat er drie, vier of vijf minischollen bestaan.

De satellieten van het Global Positioning System (GPS) vormen sinds enkele jaren een belangrijk werktuig voor het meten van bewegingen van de aardkorst. De verplaatsing van vast opgestelde ontvangers kan met een nauwkeurigheid van enkele millimeters per jaar worden bepaald en zo kan onafhankelijk van geologische of seismologische data het bestaan van afzonderlijke schollen worden vastgesteld. Tussen 1990 en 1996 zijn zulke metingen verricht op 20 punten langs de oostkust van Papoea Nieuw-Guinea en de eilanden die ten noorden en oosten daarvan liggen. De resultaten ervan zijn onlangs gepubliceerd in het Journal of Geophysical Research (103, no. B6).

In het betreffende gebied blijken verschuivingen tot 10 cm per jaar voor te komen. De onderzoekers concluderen dat de gemeten snelheden en richtingen in dit gebied het beste kunnen worden verklaard met behulp van een 'puzzel' die uit drie miniplaten bestaat: de Zuid-Bismarck-, Solomonzee- en Woodlark-plaat. Deze laatste maakte ooit deel uit van de Australische plaat, maar maakt zich nu daarvan los. Dit gaat gepaard met een rotatie van 2° per miljoen jaar, terwijl de Zuid-Bismarckplaat in miljoen jaar 8° draait. De westelijke grens van deze laatste ligt volgens de onderzoekers in de buurt van de kustplaats Wewak. De vloedgolf van vorige maand werd dus mogelijk veroorzaakt door een beving op precies het 'triplepunt' van de Pacifische, Australische en Zuid-Bismarckplaat.