Gay Games (1)

In zijn lezenswaardige artikel over de Gay Games (Z 25 juni) ziet Bas Heijne een paar belangrijke zaken over het hoofd. Terecht vergelijkt hij deze spelen met folklore, maar hij vergist zich met zijn mening dat 'oprechte' folklore trots nodig heeft. Dit geldt alleen voor de folklore die men aan buitenstaanders wil presenteren, met name in een theatrale context.

Oprechte folklore heeft echter te maken met het behaaglijke gevoel om samen met mensen van je eigen soort bezig te zijn met iets leuks. Dit gevoelen is universeel. Het is zelfs onvergetelijk verwoord door de toenmalige kroonprinses Beatrix tijdens een cruise met de prinsen en prinsessen van Europa: 'So nice to be amongst your own people.'

Zo is het maar net. Als Indische homo vind ik het erg nice op de Pasar Malam en voel ik me ook reuze senang in gezelschap van homo's. Toch ben ik zo geïntegreerd dat ikzelf geen behoefte heb aan verenigingen van deze minderheidsgroepen. Waarschijnlijk omdat ik het voorrecht heb te leven en te werken in een intellectueel en artistiek klimaat van optimale tolerantie.

Het paradoxale punt is echter dat je te midden van soortgenoten die een minderheid vertegenwoordigen, juist het besef kwijtraakt dat je tot een minderheid behoort. Dit geeft gewoon een gezellig, ontspannend en lekker gevoel. De Gay Games zijn dan ook (net als folklore) een viering van levenslust zoals je bent, waarbij bijzondere trots niet nodig is.

Ten slotte vergist Heijne zich wanneer hij meent dat er een tegenstelling is tussen zelfbewustheid en integratie. Het indrukwekkendste en grootschalige voorbeeld van zelfbewuste integratie is immers het behoud van de eigen religieuze en culturele identiteit van de joden die zich aanpasten aan allerlei sociale en culturele omstandigheden in de diaspora.

    • Luuk Utrecht