De gemiste kansen van Netscape

Speeding The Net: The Inside Story Of Netscape And How It Challenged Microsoft. Door Joshua Quittner en Michelle Slatalla. Uitg. Atlantic Monthly Press, ISBN 0 87113 709 7, ± ƒ 65,-

Begin jaren negentig komt de Amerikaanse student Marc Andreessen, die op dat moment is verbonden aan het National Center for Supercomputing Applications van de Universiteit van Illinois, voor het eerst in aanraking met het World Wide Web. Het Web, onderdeel van het wereldwijde computernetwerk Internet, bestaat op dat moment hoofdzakelijk uit kale tekst, maar het idee spreekt Andreessen aan: via simpele verwijzingen kan hij van document naar document springen. Tegelijkertijd plaatjes en tekst inlezen gaat niet, en dus besluit Andreessen om samen met een aantal studenten een grafische browser te ontwikkelen. Eind 1993 wordt dat programma, Mosaic genaamd, gratis op Internet ter beschikking gesteld. Wat er toen gebeurde had zelfs Andreessen niet durven dromen; dank zij Mosaic begon het World Wide Web explosief te groeien.

Nog geen jaar later zoekt Jim Clark, de topman van computerfabrikant Silicon Graphics, contact met Andreessen om te vragen of hij een bedrijf met hem wil beginnen. Clark heeft kort daarvoor ontslag genomen omdat hij nieuwe uitdagingen zoekt. De koers van het nieuwe bedrijf is op dat moment nog allerminst duidelijk, maar uiteindelijk besluiten ze een commerciële versie van Mosaic te ontwikkelen.

Andreessen ronselt al zijn oud-medewerkers uit Illinois en Clark regelt financiering. Een jaar later staat Netscape Communications, zoals de onderneming dan heet, al genoteerd aan de beurs met een waarde van 2,2 miljard dollar.

Netscape is daarmee het snelstgroeiende bedrijf uit de Amerikaanse geschiedenis. Op zich is die komeetachtige groei al een boek waard, maar het verhaal van Netscape is met name zo interessant door de hevige concurrentie met de veel grotere rivaal Microsoft. De softwarereus begon eind 1995 aan een inhaalslag die zou resulteren in een der grootste antitrustzaken uit de Amerikaanse geschiedenis. Door zijn eigen browser Internet Explorer in hoog tempo te verbeteren en deze ook nog eens gratis uit te delen werd Netscape steeds meer in het nauw gedreven. Begin dit jaar werd er zelfs voor het eerst verlies geleden en zag Netscape zich gedwongen personeel op straat te zetten, de eigen browser ook gratis uit te delen en de zogenoemde broncode (programmatekst) van het bladerprogramma vrij te geven in een wanhopige poging marktaandeel terug te winnen.

Uit het zeer spannend geschreven boek van Quittner en Slatalla blijkt dat de directie van Netscape - behalve Jim Clark de van McCaw Cellular afkomstige Jim Barksdale - deze narigheid over zichzelf heeft afgeroepen. Clark weigerde Microsoft al in een vroeg stadium een browser-licentie 'omdat ze die ongetwijfeld tegen ons zullen gebruiken'. Barksdale geloofde aanvankelijk nog dat er kon worden samengewerkt. Totdat Microsoft voorwaarden ging stellen. Zo wilde het bedrijf alleen in Netscape investeren in ruil voor een zetel in de raad van bestuur. Netscape vertrouwde dat niet - Microsoft wilde blijkbaar op deze manier zijn greep op het bedrijf versterken - en de onderhandelingen kwamen muurvast te zitten.

Vanaf dat moment stond het beleid van Netscape nog uitsluitend in het teken van de concurrentie met Microsoft. Om de publiciteitsagenda te domineren vervroegde Netscape zijn spraakmakende beursintroductie tot ruim voor de lancering van Windows 95. Maar Microsoft deelde onder de gordel nog veel gemenere stoten uit. Toen Compaq besloot om de browser van Netscape op zijn PC's te installeren, dreigde Microsoft de licentie voor het gebruik van zijn besturingssysteem in te trekken. Dus kwam Compaq terug op zijn besluit. Ook andere PC-fabrikanten werden door Microsoft onder druk gezet. Voor Netscape het moment om een klacht in te dienen bij het ministerie van Justitie. Op zijn vroegst in september zal duidelijk worden of Microsoft van machtsmisbruik kan worden beschuldigd.

Als dit boek iets duidelijk maakt dan is het dat Netscape het de komende jaren nog zeer lastig zal krijgen. Netscape vindt niet alleen Microsoft op zijn weg. Browsers zijn nog maar bijzaak. Netscape wil verdienen aan systemen voor elektronische commercie, maar op dat gebied zijn al vele machtige concurrenten actief. Eerdere pogingen om in de zakelijke markt voet aan de grond te krijgen zijn al eens mislukt. In 1996 nam Netscape het bedrijf Collabra over, dat zich heeft gespecialiseerd in software voor werkgroepen, maar in de markt voor 'groupware' stelt Netscape tot nu toe nauwelijks iets voor.