'Voor ons is dit het paradijs'

AMSTERDAM, 7 AUG. Andrea Baluchová (22) uit Povarski Bystrica in Slowakije doet mee aan het basketbal.

“Mijn ouders weten niet dat ik lesbisch ben, mijn broer en zussen ook niet. Zelfs mijn hetero-vrienden durf ik het niet te vertellen. Eigenlijk weet vrijwel niemand het. Ze zouden het ook niet begrijpen. Vriendinnen die het wel aan hun ouders hebben verteld krijgen dingen te horen als 'je bent mijn kind niet meer'. Zeker in de dorpen is dat zo, maar in de steden is het niet veel beter. Het is nog steeds een taboe.

“Mensen kunnen heel gemeen doen, echt waar. Ze zeggen dat je ziek bent, dat je genezen moet worden, dat we erger zijn dan misdadigers. Dat soort dingen. Ze maken het je gewoon onmogelijk. Weet je wat er laatst gebeurde? In een discotheek in Zilina, waar een keer per week een meisjesavond is, drong een groep skinheads zich naar binnen en sloeg de boel kort en klein. Ik voel mij erg onvrij. En de politiek doet er niets aan. Laatst was er een motie over geregistreerd partnerschap, maar die werd door het parlement direct van tafel geveegd.

“We blijven ondergronds, maar dat maakt het moeilijk om meisjes te ontmoeten. In de hoofdstad Bratislava zijn twee clubs en een café waar veel lesbiennes komen. En er zijn een paar organisaties, maar dat is toch erg beperkt. Een van die organisaties regelt bijvoorbeeld een keer per jaar een weekend, ergens op het platteland. Dan huren ze een boerderij of zo, om samen te zijn. Er is ook een vrijwilligersorganisatie die probeert meisjes met elkaar in contact te brengen. Dat gaat allemaal heel discreet. Het is voor mij de enige manier om contacten op te doen, want op straat zie je het niet en er is in Povarski Bystrica geen homocafé.

“Toen ik op de middelbare school zat heb ik twee jaar een vriend gehad. Het ging wel, we zagen elkaar niet al te vaak. Nadat ik het had uitgemaakt heb ik het nog met twee andere mannen geprobeerd. 'Het komt wel', dacht ik steeds. Maar dat bleek niet zo te zijn. Eigenlijk weet ik al sinds mijn tiende dat ik op meisjes val. Met vriendinnen praatte ik over jongens, maar ik voelde dat ik meisjes leuker vond. Natuurlijk kon ik dat niet laten merken.

“Uiteindelijk duurde het tot ik 21 was voordat ik een vriendin had. Dat kwam omdat ik het onderdrukte, maar ook doordat ik niet wist waar ik dan een vriendin vandaan zou moeten halen. Ik kende geen lesbische meisjes, alleen van mijn huidige vriendin vermoedde ik het. Ik kende haar van vroeger, maar we waren elkaar uit het oog verloren. Een jaar geleden heb ik haar opgezocht, en zo is het begonnen. We gaan waarschijnlijk samen naar Duitsland. Ik ben daar au pair geweest. Die familie weet dat ik een vriendin heb en ze hebben gevraagd of ik weer naar Duitsland wil komen. En dan mag ik haar meenemen!

“Ze zouden vaker Gay Games moeten organiseren. Voor ons is dit het paradijs. Stel je voor, we lopen hand in hand over straat, zoenen. Nederlanders zijn heel aardig, en 'wij' zijn overal! Ik feest nog niet al te veel, want ik heb overal spierpijn. Maar dat feesten komt nog wel.”