Britten ontkennen aanslag op Gaddafi

ROTTERDAM, 7 AUG. De Britse regering heeft de beschuldigingen van de voormalige geheim agent David Shayler ontkend dat de spionagedienst MI6 betrokken zou zijn geweest bij een mislukte aanslag op de Libische president Moammar Gaddafi. De beschuldigingen van Shayler, die op dit moment in Parijs in de gevangenis zit in afwachting van mogelijke uitlevering aan Groot-Brittannië, verschenen twee dagen geleden in The New York Times. Alleen de Britse krant The Guardian trotseerde gisteren het dreigement van de regering dat publicatie van informatie over de Britse veiligheidsdiensten zou kunnen leiden tot vervolging.

Shayler, die voor hij ontslag nam betrokken was bij de Libische afdeling van de binnenlandse veiligheidsdienst MI5, stelt dat agenten van MI6 in februari 1996 een bom plaatsten onder een auto van Gaddafi. De bom zou echter onder de verkeerde auto zijn gelegd, waardoor uiteindelijk verscheidene onschuldigen om het leven kwamen. Volgens Shayler werd de aanslag uitgevoerd door een man die banden had met een fundamentalistische groep in Libië.

De Britse regering bereidt een uitleveringsverzoek voor om Shayler te berechten in verband met de overtreding van de wet op de geheimhouding, de Official Secrets Act. Shayler dreigde onlangs via een (betaalde) website uit de school te klappen over geheimen van de Britse veiligheidsdiensten. Naar eigen zeggen om in zijn levensonderhoud te voorzien.

Intussen probeert het ministerie van Binnenlandse Zaken Britse media op grond van de Secrets Act ervan te weerhouden over de zaak te publiceren. Gisteravond werd een uitzending van het BBC-programma Panorama op het laatste moment verboden. De BBC zal het verbod op de uitzending waarschijnlijk vandaag aanvechten bij de rechter.

Onderminister van Binnenlandse Zaken, Lord Williams, zei gisteren: “Het enige wat voor het publiek van belang is, volgens mij, is de vraag of er werkelijk een complot bestond tegen Gaddafi. Het is niet waar.” Volgens Williams is het nu aan de media zelf om te besluiten wat ze publiceren “rekeninghoudend met hun taak en verantwoordelijkheid”. Williams wilde niet rechtstreeks ingaan op de vraag of journalisten, na de officiële ontkenning van een complot, vrij waren om te publiceren wat ze wilden.