'Vooruitgang' in overleg autonomie van Oost-Timor

NEW YORK, 6 AUG. Portugal en Indonesië gaan serieus praten over een plan van Jakarta om Oost-Timor meer autonomie te geven. Dat is het resultaat van twee dagen overleg tussen beide partijen in New York onder leiding van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan. Het plan komt er op neer dat Oost-Timor zelfbestuur krijgt, behalve op het gebied van de buitenlandse politiek, defensie en monetaire zaken. Overigens zou Indonesië, dat Oost-Timor in 1975 bezette en vervolgens annexeerde, een aantal militairen in het gebied houden.

Beide partijen onderstrepen dat de verdere gesprekken zullen plaatshebben “zonder rekening te houden met eerder ingenomen standpunten”. Met name Portugal, dat het gebied tot 1975 bestuurde, heeft zijn standpunt aangepast: tot het overleg in New York achtte Lissabon alleen een referendum onder Oost-Timorezen over de toekomst van het eilanddeel acceptabel.

Ook Indonesië deed in New York echter concessies. Zo houdt Jakarta niet langer vast aan zijn standpunt dat alleen de Indonesische autoriteiten de Oost-Timorezen van de voortgang van het overleg op de hoogte mogen houden. Deze taak is nu toegevallen aan Kofi Annan. In het communiqué zeggen beide partijen dat Annan zelf de Oost-Timorezen mag uitkiezen met wie hij die dialoog wil voeren. De secretaris-generaal zei gisteren dat hij dat in ieder geval contact zal onderhouden met José Ramos Horta, die in 1996 mede de Nobelprijs voor de Vrede won. Horta zelf liet vanuit Lissabon weten dat Annan zeker ook moet praten met de rebellenleider José Alejandro 'Xanana' Gusmão.

De twee landen kwamen ook overeen dat Indonesië zijn belangen in Portugal mag gaan behartigen door middel van een ambassade van een 'bevriend' land - waarschijnlijk Thailand. Portugals consulaire belangen in Indonesië worden al waargenomen door de Nederlandse ambassade in Jakarta.

Annan beschreef het akkoord van New York als “vooruitgang”. (AP, Reuters)