Lusthof

De enkele keer dat Helmut Kohl vroeger zijn vrienden thuis in het Rijnland ontving, speelde zijn echtgenote Hannelore op het orgel de bossanova. Waarschijnlijk werd er ook gedanst, sprankelde de Spätburgunder Weissherbst in de glazen en verschenen als klapstuk de Leberwurststrudel en de zuurkool met slagroom op tafel. Het is gemütlich in Helmuts Heimat, die deze week in Elsevier wordt beschreven.

Maar behalve de lusthof van de bondskanselier, is het Rijnland ook de bakermat van het 'systeem-Kohl', het machtsbolwerk van politieke gunsten en vriendschappen, zeg maar het dagelijks gereedschap waarmee Helmut het politieke landschap boetseert. Met succes, zoals we inmiddels weten. Want de CDU-olifant die een 'voetnoot in de geschiedenis' leek te worden, heeft zich ontpopt als een echte 'Weltmeister'.

Nee, dan ons eigen landje, waar de journalistiek maar geen genoeg krijgt van de bespiegelingen over Paars II. Vrij Nederland behandelt het leeftijdsprobleem van de nieuwe ploeg: 'de jonge spraak- en smaakmakers van de PvdA en de VVD in de jaren zeventig en tachtig' zijn nu aan de macht. En iemand die luistert naar de voornaam Klaas moet de molens van het poldermodel draaiende houden zodat we geen natte voeten krijgen. Het kan niet idyllischer, zij het dat we het stadium van de klompendans zo nooit ontgroeien. Maar ervaring telt, schrijft het weekblad, om vervolgens een opstel van 'gunpowder' Frank (de Grave) uit 1988 aan te halen met de veelbelovende titel 'Griekenland en Turkije: 25 jaar strijd'. De generaals kunnen rustig gaan slapen. Die 'linkse' Pronk krijgt het niet voor het zeggen en 'onze' Frank weet wel degelijk iets van oorlog. Jammer dat W.F. Hermans, de beste criticaster van de Nederlandse volksaard, niet meer leeft.

HP/De Tijd laat zich van een andere kant zien. Zo 'himmelhoch jauchzend' als vorige week (“het kabinet van de Opvolging”), zo 'zum Tode betrübt' is het nu (“veel oude garde en een overvloed aan ego's”). Wat moeten we nu denken van de machiavellistische inborst van Ad Melkert? Deze week ontkent het weekblad nog dat hij zijn concurrent voor het premierschap, Job Cohen, in een afbrandfunctie (staatssecretaris van asielbeleid) heeft gemanoeuvreerd. Maar hoe zal de redactie reageren na lezing van Elsevier, dat wel degelijk de kwade genius van Melkert vermoedt achter het uitschakelen van “een van de weinige onomstreden briljante geesten in de PvdA”? Zelfs journalisten worden soms geleid door krachten waarop ze geen greep hebben.

'Gunpowder' Frank - die zich als wethouder van Amsterdam volgens HP/De Tijd nog door de in opspraak geraakte directeur van de Gay Games heeft laten adviseren (laat de generaals dit niet lezen!) - is in Vrij Nederland ook nog goed voor een dieptepsychologische uitspraak over het raadsel Bolkestein: “Hij vraagt anderen: wat vind jíj ervan? Je geeft een mening en daar doet hij zijn voordeel mee. Maar je krijgt nooit hoogte van wat hij zelf vindt.” Intellectueel jatwerk is van alle tijden, blijkt maar weer. Anderzijds is Bram Peper volgens Elsevier een visionair. Begin jaren negentig zei hij al tegen het weekblad: “Er is een grijze mist over dit land neergedaald. De emotie, de ziel is weg uit de samenleving.” Slechts een enkele parlementair redacteur zal destijds geraden hebben dat grijs een eufemisme was voor paars, al gaf Peper tóen de voorkeur aan een kabinet met het “buitengewoon fascinerende” CDA. Niets is zo veranderlijk als het brein van een politicus. Violiste Isabelle van Keulen, na twee jaar terug op het concertpodium, zegt in Elsevier: “In Nederland gaat iedereen bij het eerste applaus staan. Dan is de waarde van de staande ovatie eraf. Je zou bijna zeggen: ze staan op om hun jas te halen.” We zijn met weinig tevreden, denk je op zo'n moment. En dan zijn we nog niet eens bij Hannelore en Helmut op bezoek.