Heren van Trocks staan muurvast op hun roze spitzen

Gezelschap: Les Ballets Trockadero de Monte Carlo. Programma: Le Lac des Cygnes, tweede acte, fragmenten uit Paquita en La Vivandiere, De Stervende Zwaan, Stars and Stripes Forever. Gezien: 5 aug., Stadsschouwburg, Amsterdam. Aldaar nog t/m 8 augustus.

Luid voetgetrappel, applaus, gefluit en gejoel van een opgewonden publiek was er woensdagavond aan het eind van de dansvoorstelling die als afsluiting van het culturele programma rond de Gay Games dient. Dat zal de volgende vier avonden ook wel zo zijn, want de dansers en de leiding van het uit Amerika afkomstige Les Ballets Trockadero de Monte Carlo zorgen met hun kunde, humor en enthousiasme voor een ongecompliceerd avondje gniffelen, grinniken, genieten en verbazen.

Het nu uit vijftien mannelijke dansers bestaande gezelschap specialiseert zich al sinds 1974 in het uitvoeren van bekende fragmenten uit het romantisch klassieke repertoire zoals Het Zwanenmeer, Paquita of Le Corsaire, waarbij de clou dan natuurlijk is dat die mannen de vrouwenrollen vervullen en dus gekleed zijn in de traditionele korte of lange tutu's en op spitzen dansen. Opzichzelf is dat al goed voor enige hilariteit, want ondanks de pruiken, de tule jurken, de aangeplakte wimpers en de sierlijke kroontjes blijven het duidelijk mannen met brede schouders, korte nekken, forse handen en platte borstkassen.

Maar het gegrinnik en gelach wordt toch vooral veroorzaakt door de meedogenloze en vlijmscherpe manier waarop de maniërismen die zo vaak in oude balletten te zien zijn aan de kaak gesteld worden: de steeds terugkerende stereotiepe bewegingen, het ijdele, overdramatische dan wel quasi onschuldig kinderlijke en koketterende gedrag van solisten, het geroutineerde, vaak zo wezenloze dansen van een eeuwig glimlachend corps de ballet. En dan de vergissingen die kunnen ontstaan door het te veel met zichzelf bezig zijn: een te late inzet, een te vroeg op het toneel verschijnen, een verkeerd been of gewoon een danstechnische misstap die zo nochalant mogelijk verdoezeld moet worden.

Het is allemaal al perfect te zien in het eerste nummer dat de 'Trocks', zoals ze genoemd worden, uitvoeren: de tweede acte uit Het Zwanenmeer, waarin de traditionele mime fragmenten van zwanenkonigin Odette met verbaasd onbegrip worden aangezien door haar prins, die geen idee heeft waarover ze het heeft. Prachtig. Dezelfde ingrediënten zijn te zien in de daarop volgende fragmenten uit Paquita en La Vivandiere (waarin een zeer lange stevige 'ballerina' een uitzonderlijk kleine en tengere mannelijke partner heeft) en in Stars and Stripes Forever - werken waarin de kenner de typische stijlkenmerken van de Petipa-, Bournonville- en Balanchine-balletten zal herkennen. De Stervende Zwaan - Anna Pavlova's befaamde solo - valt vooral op door de constant uit de tutu dwarrelende stroom van veertjes, de werkelijk heel mooie armbewegingen en de manier waarop het applaus in ontvangst genomen wordt. Dat is een voorbeeld van uitstekend reactievermogen en voortreffelijke timing.

De heren ballerina's, die allemaal schitterende Russische nep-namen hebben zoals Maya Thickenthigha, Olga Supphozova, Ida Nevasayneva of Vladimir Legupski staan niet mooi maar wel muurvast op de delicate roze spitzen en de solisten vertonen draai- en spring talenten die je menig ballerina zou toewensen, evenals de attaque en het onmiskenbare plezier waarmee er over de gehele linie gedanst wordt. Meeslepend. Het is goed dat de 'Trocks' na tien jaar weer eens in ons land te zien zijn, al vind ik het jammer dat er geen bewerkingen van moderne danswerken in de voorstelling zijn op genomen. Hun voorstelling is echt een feestje, ditmaal wel heel goed passend in de Gay Games.