Hans Dulfer is taai genoeg voor de 21ste eeuw

Concert: Tough Tenors o.l.v. Hans Dulfer met o.a. Boris van der Lek (saxofoon) en John Engels (drums). Gehoord: Jazzcafé Alto, Amsterdam. Hans Dulfer verder: 8/8 Jazz Festival Zandvoort, 12 en 19/8 Alto, Amsterdam, 28/8 Tent, Venray, 29/8 Jazz Festival Eindhoven, 30/8 Millertime, Bergen op Zoom.

Dat de tijden veranderen is vaak te merken aan kleinigheden, bijvoorbeeld aan de geur die ergens hangt. Zo ontbrak in het klassiek ogende Amsterdamse jazzcafé Alto gisteren de vertrouwde lucht die vanouds bij Hollandse jazz hoort: die van mannen zonder vrouw, gemorste genever, doorgezwete overhemden en zware shag.

De geur die er wel hing, een mengsel van mondwater, okselfris en zwaar geparfumeerde sprays om het hoofdhaar glans en volume te geven, kon maar wijzen op één ding: de aanwezigheid van moderne jongeren met uit Amerika aangewaaide smetangst. Dat de man voor wie zij kwamen, tenorsaxofonist Hans Dulfer niets liet horen van de 'jazzdance'-cd's via welke zij hem waarschijnlijk hadden leren kennen, Big Boy uit '94 en Dig van twee jaar later, scheen hen niet echt te deren. Hoe zou er trouwens gedanst moeten worden in dat volgepropte café, een pijpenla van vijftien bij vier?

Hoewel Hans Dulfer, dankzij de modieuze zijsprong 'dance' voor een jong publiek dezelfde stukken kan spelen die hij dertig jaar geleden ook al op zijn repertoire had, 'St. Thomas' van Sonny Rollins bijvoorbeeld, krijgt hij het nog steeds niet cadeau. Met langerekte 'Yeahs', 'Aahs' en 'Oohs' probeert hij duidelijk te maken dat scheppen helemaal niet vanzelf gaat. En als dat onvoldoende indruk maakt - de MTV-jeugd is niet snel te imponeren - doet hij voor hoe meeklappen en op de vingers fluiten in zijn werk gaat. Dat hij ook regelmatig kruisjes slaat is onverklaarbaar, maar wellicht ook een teken van de nieuwe tijd.

Wat tevens opvalt is dat Dulfer, inmiddels 58 en nog steeds enthousiast als publieksanimator, solistisch met liefde een stapje terug doet. Zowel in het ongewoon snel gespeelde 'So What' als in het eerder genoemde 'St Thomas' is het een als 'Mister Isah' aangekondigde basgitarist die tien minuten lang de show mag stelen. Collega Tough Tenor en aangenomen zoon Boris van der Lek en oudgediende drummer John Engels kunnen aan diens notenwaterval weliswaar niet tippen maar ook zij dragen er aan bij dat Hans Dulfer zonder al te veel moeite door kan 'fietsen'. Dat deze gedreven tenorsaxofonist tot ver in de volgende eeuw zijn heldenrol kan blijven spelen, is dus goed mogelijk. Dat hij minder 'gemeen' speelt dan tien jaar geleden is geen bezwaar, want 'tough' betekent ook iets heel gewoons als 'taai'.

    • Frans van Leeuwen