Muziekgenie én knullig cineast

Graffiti Bridge (Prince, VS, 1990), RTL5, 20.30-22.10u.

De film Graffiti Bridge, geschreven en geregisseerd door Prince, is een mislukking. De film is zó slecht dat het de vraag doet rijzen hoe zo'n briljant musicus als Prince zo'n wanproduct kan voortbrengen. Hoe is het mogelijk dat iemand die aan zijn muziek en bandleden de allerhoogste eisen stelt, tevreden kan zijn met zo'n overmaat aan cineastische knulligheid?

De moeizame totstandkoming geeft slechts een gedeeltelijke verklaring. Oorspronkelijk zag Prince Graffiti Bridge als de opvolger van zijn succesrijke maar ook al niet briljante Purple Rain uit 1984, maar daar kwam weinig van terecht. De actrice Kim Basinger, die tegen een laag salaris naast Prince de hoofdrol zou spelen, trok zich vlak voor het begin van de opnamen terug, nadat ze haar verhouding met Prince plotseling had beëindigd. Prince herschreef het script in grote haast, en het resultaat is rampzalig: Graffiti Bridge is een armzalig verhaal over de concurrentie tussen twee clubeigenaren, Morris Day en The Kid (Prince), die niet alleen een strijd voeren om het beheer en de muziekkeuze van de nachtclub Glam Slam, maar ook om de sprookjesachtige vrouw Aura, gespeeld door Ingrid Chavez.

Prince, inmiddels door het leven gaand als The Artist, vindt Graffiti Bridge nog steeds geen mislukking. “Misschien duurt het dertig jaar voordat de mensen het begrijpen. The Wizard of Oz werd eerst ook vernietigend besproken”, zei hij er over. Waarom de film, die in Nederland niet eens de bioscoop haalde, flopte was hem een raadsel: “Graffiti Bridge is niet gewelddadig, positief en bevat geen rauwe seksscènes.”

Er gebeurt inderdaad heel weinig tussen Aura en The Kid. Liever dan rauwe seks heeft het tweetal vage gesprekken over de liefde. Verder schrijft The Kid denkbeeldige brieven aan zijn door zelfmoord omgekomen vader en vooral rijdt hij erg vaak rond op zijn motor temidden van de theaterachtige studiodecors, die zijn geïnspireerd door het gebied van The Seven Corners, de muziekwijk van Prince's woonplaats Minneapolis in de jaren vijftig. En natuurlijk trotseert hij zijn doortrapte opponent Morris Day, die hem bijna te gronde richt maar met wie hij zich dank zij de kracht van de liefde uiteindelijk toch verzoent.

Van een echt plot is geen sprake en de knullige beelden van Graffiti Bridge vervelen al na een kwartier. Daar kunnen de legendarische gospelzangeres Mavis Staples als eigenares van de nachtclub Melody Cool en de toen nog zeer jonge Tevin Campbell, die in 1990 werd beschouwd als de nieuwe Michael Jackson, geen verandering in brengen.

Het enige dat Graffiti Bridge enigszins genietbaar maakt, is de muziek en daarin voorziet de film gelukkig ruim. Niet alleen Prince zelf, maar ook The Time, funkpionier George Clinton, Mavis Staples en Tevin Campbell zingen de door Prince geschreven nummers en maken duidelijk dat een geniaal musicus heel goed een slecht cineast kan zijn.